Stilte na en voor de storm

AMSTERDAM, 11 NOV. In de maand september daalde de geldmarktrente met bijna 110 basispunten. Sindsdien is echter sprake van een stabilisatie van het renteniveau, afgezien van wekelijkse schommelingen. Ook de (vermeende) oproep van het Internationale Monetaire Fonds aan de Bundesbank om het monetaire beleid op korte termijn te versoepelen, kon in de verslagweek geen rentedaling bewerkstelligen. Toch verwachten beleggers dat een tariefsverlaging in het vat zit, mede gelet op de omgekeerde, steile rentestructuur op de geldmarkt. Zo moest maandag voor eenmaands deposito's 8,85 procent worden betaald, voor deposito's met een looptijd van een jaar "slechts' 7,85 procent. Dit duidt erop dat beleggers op de niet al te lange termijn op een aanzienlijke rentedaling rekenen.

Het kortste geldmarkttarief, de daggeldrente, bewoog zich in de verslagweek rond de 8,8 procent. Ondanks de extra speciale belening die DNB vorige week toewees, samenhangend met de hoger dan verwachte belastingafdrachten aan het einde van de vorige maand, bleek het gezamenlijke bankwezen niet in staat om de ontsparing van één procentpunt op het contingentsverbruik in te lopen. Maandag was 21 procent van het toelaatbare beroep verbruikt, terwijl 20 procent van de contingentsperiode voorbij was.

Vanaf dinsdag biedt DNB de banken extra geldmarktsteun door middel van een belening van 4,2 miljard gulden, tegen een onveranderd tarief van 8,8 procent. Deze belening loopt op 16 november af, op dezelfde datum als de huidige kasreserve. Ofschoon de gulden al geruime tijd ruim onder de spilkoers ten opzichte van D-mark noteert, verlaagde DNB het beleningstarief (nog) niet. Theoretisch bestaat hiervoor wel ruimte, nadat de voorschotrente op 22 oktober is verlaagd tot 8,5 procent. Kennelijk acht DNB de tijd nog niet rijp voor een verlaging, wellicht mede ingegeven om de rustige verhoudingen op de financiële markten niet te verstoren. De huidige periode kan namelijk worden gekenschetst als de stilte na de storm en voor de storm. Immers, de EMS-problematiek is geenszins een gesloten boek. De terugkeer van lire en pond sterling in het EMS-stelsel is vooralsnog onzeker, terwijl een (verdere) devaluatie van de Spaanse peseta, de Portugese escudo en het Ierse punt niet af te wenden lijkt. Een mogelijk scenario is een verlaging van de officiële tarieven in Duitsland (en dus in Nederland, België en Frankrijk) met als wisselgeld de bovengenoemde wisselkoersaanpassingen. Een herhaling van de gebeurtenissen in het weekeinde van 12 en 13 september derhalve. Of dit nog voor Kerstmis staat te gebeuren, valt echter te bezien, mede omdat zal worden afgewacht hoe lang de dollarkoersstijging zal aanhouden en hoe lang de dollar zich op hogere niveaus zal kunnen handhaven.

Bron: Economisch Bureau ING Bank