Gatt-directeur naar Washington en Brussel; Dunkel heeft nauwelijks macht in handelsconflict

GENEVE, 11 NOV. Voorzover ze het nog niet wisten, zal het de EG en de VS de komende dagen nog eens duidelijk worden gemaakt. Directeur-generaal Arthur Dunkel van de GATT komt persoonlijk langs in de hoofdsteden om te vertellen dat de ruzie om oliezaden moet ophouden omdat het de vrijmaking van de totale wereldhandel tegenhoudt - de zogeheten Uruguay-ronde.

Gisteren voerde het hoogste orgaan van de Uruguay-ronde, de Trade Negotiations Committee (TNC), in Genève het bijbehorende genrestukje voor de camera's op. Vertegenwoordigers uit de hele wereld bespraken de dreigende handelsoorlog in termen als "crisis', "diepe frustratie' en "ernstige bezorgdheid'. De VS en de EG zijn jegens de wereld verplicht om compromissen te sluiten, was de teneur van de speeches waarmee Dunkel werd uitgezwaaid.

Maar daarmee hield het ook op. Een echt wapen heeft de Zwitserse diplomaat niet gekregen. Hij mag proberen door Brussel en Washington als tussenpersoon geaccepteerd te worden. Maar of hij een rol van betekenis zal kunnen spelen is zeer de vraag. Strikt genomen had hij ook opdracht van de TNC kunnen krijgen om conform de GATT-regels de EG te dwingen de andere oliezadenproducenten schadeloos te stellen - de EG is immers al twee maal door een GATT-panel veroordeeld wegens overmatige subsidies. De VS hadden hun eenzijdige sancties dan op aanwijzing van Dunkel moeten intrekken.

Maar zolang een dergelijke wereldhandelsregering nog niet bestaat, blijven de gewone regels van de machtspolitiek van kracht. Als de VS en de EG klaar waren voor bindende arbitrage dan hadden ze immers zelf wel een akkoord gesloten. En dus hielden de VS en de EG-delegaties een dergelijk mandaat voor Dunkel tegen. Het gevolg is wel dat het gros van de deelnemers aan de GATT bij conflicten tussen de grote landen buiten spel wordt gezet. De organisatie moet het louter hebben van haar morele gewicht en plechtige verontwaardiging.

Het was gisteren dan ook een ernstig moment bij de wereldhandelsorganisatie, toen Dunkel op pad gestuurd werd in een uiterste poging om de twee handelsblokken om te praten. De landen zijn er zich zeer van bewust dat een historische kans op een akkoord verloren dreigt te gaan. En dat terwijl er net een nieuwe Amerikaanse regering aantreedt - als het EG-VS conflict niet wordt opgelost kan dat het handelsklimaat voor het komende decennium in de hele wereld verzieken. Slaagt de GATT wel, dan kan het liberalisme de koers blijven bepalen. Faalt de GATT, dan kan de ontwikkeling naar aparte handelsblokken voortgaan, analoog aan de North American Free Trade agreement tussen de VS en Mexico. Dunkel constateerde gisteren dat de wereldeconomie zich een mislukking van het al zes jaar durende wereldhandelsoverleg niet “kunnen veroorloven”. De VS en de EG houden zo een stimulans tegen van 200 miljard dollar op een totale wereldhandel van 4000 miljard dollar. Daarbij zijn vooral de ontwikkelingslanden gebaat.

Het was voor geen van de aanwezigen echt nieuws. Het script van de heilige verontwaardiging moest echter worden gevolgd, zeker nu de crisis zo onverwacht toesloeg terwijl het succes zo dichtbij leek. In Genève zitten de andere landen noodgedwongen al maanden stil. Of ze beperken zich tot het “technisch verkennen van mogelijke oplossingen”, aldus Dunkel. Alle betrokkenen voelen ook dat de tijd opraakt. De Uruguay-ronde zou binnen vier jaar afgerond moeten zijn - het zijn er nu al zes.

De onderhandelingen beginnen sterk aan geloofwaardigheid in te boeten. De VS en de EG praten al twee jaar vergeefs over oliezaden. Alle tijd die de twee handelsblokken voor hun onderhandelingen nemen gaat bovendien af van de andere lidstaten. “Kleinere landen lopen het risico dat ze straks klem worden gezet”, aldus Dunkel. Mochten de EG en de VS het ooit toch eens worden over de oliezaden, dan zullen in Genève de nog overgebleven geschillen met vermoedelijk zeer scherpe deadlines worden afgehandeld. Daar hoeven de “twee olifanten”, zoals EG-ambassadeur Tran van Thinh in Genève ze gisteren noemde, in hun oliezadenruzie niet bang voor te zijn. Tijd is een bezit van de machtigen. Dunkel: “Die twee stel ik geen deadlines meer, want daar let toch niemand op”.

Aan de horizon wacht de regeringswisseling in de VS, die de agenda ook sterk beinvloedt. Dunkel was overigens vrij sceptisch. “Over de uitgangspunten voor de Uruguay-ronde was tot nu toe altijd consensus tussen Democraten en Republikeinen”. Maar daarop is niet iedereen gerust. De VS en de EG zouden er verstandig aan doen voor het aantreden van president Clinton in januari hun geschil bij te leggen, zo wordt in Brussel en Genève ook gezegd. Clinton hoeft dan geen vuile handen te maken, maar kan wel claimen de economie meteen een impuls te hebben gegeven. Hij hoeft evenmin meteen positie te kiezen tegenover de Amerikaanse lobbygroepen. Ook is hij niet gedwongen meteen zijn buitenlandse handelspolitiek te definiëren. Zou het oliezadengeschil wel met Clinton moeten worden uitgewerkt, dan kan dat om die redenen alleen al maanden extra duren.

De EG heeft ook te winnen bij een snelle oplossing: beide partijen zijn ingewerkt in het uiterst complexe landbouwdossier en kennen elkaar. In januari staan zowel de Amerikaanse als de Europese delegatie ingrijpende personeelswijzigingen te wachten. Alles wijst voor de EG in dezelfde richting: nú met de VS tot overeenstemming komen. EG-ambassadeur Tran Van Thinh zei dan ook "optimistisch' te zijn over een mogelijk akkoord. Hij onderstreepte dat de EG dan ook niet de komst van Dunkel naar Brussel zou afwachten voordat het de onderhandelingen weer opneemt. Van "bemiddeling' door Dunkel wilde Van Thinh niet weten. Volgens Van Thinh gaat de GATT-topman naar Washington en Brussel als "brenger van boodschappen'. Het tekent het relatieve gewicht dat de EG toekent aan de internationale handelsorganisatie - die van postbode.