Veroordeling in affaire Duitse Co op

FRANKFURT, 10 NOV. Voor het eerst is een betrokkene bij de ondergang van het Duitse detailhandelsconcern Co op veroordeeld. Hans Gitter, voormalig directiesecretaris, heeft twee jaar voorwaardelijke gevangenisstraf gekregen wegens zijn aandeel in vijf gevallen van opzettelijke misleiding.

De ondergang van Co op geldt als het grootste economische delict in Duitsland sinds de Tweede Wereldoorlog.

Gitter was ook de eerste die een bekentenis heeft afgelegd, hetgeen de lichte straf verklaart. Hij was de rechterhand van de belangrijkste aangeklaagde, voormalig topman Bernd Otto, en betrokken bij het schuiven met kapitaal en het vervalsen van de balans van Co op.

Vanaf 1984 zorgde Gitter voor vervalste facturen, waarmee geld via stichtingen in het buitenland naar de directieleden werd geloodst. Gitter regelde de verdeling van het geld en zou er zelf 1,3 miljoen mark beter van zijn geworden.

Met de frauduleuze handelingen was in totaal 25 miljoen mark gemoeid. Gezien de omvang van het delict sprak de rechter bij de veroordeling van Gitter van een zeer ernstig geval van medeplichtigheid bij opzettelijke misleiding. Er is nog drie miljoen mark zoek.

Gitter moet nog getuigen tegen zes leden van de voormalige top van Co op. Al bij zijn bekentenis heeft hij voor Bernd Otto, president-commissaris Alfons Lappas en vier anderen zeer bezwarende verklaringen afgelegd. Daarbij gaat het onder meer om de niet toegestane aankoop van eigen aandelen, ongerechtvaardigde dividendbetalingen en misleiding in het prospectus bij de uitgifte van obligaties.

Bij dat laatste was de later met ABN gefuseerde Amro betrokken. Kort voordat de problemen bij Co op ontstonden, leidde de bank een consortium dat een emissie verzorgde. Obligatiehouders van Co op stapten naar de rechter omdat het prospectus misleidende informatie zou hebben bevat. Ook bij een tweede emissie zou de bank onjuiste gegevens hebben verstrekt. Deze zaak loopt nog in hoger beroep.

Amro heeft ook een tijd aandelen Co op in handen gehad. De bank was een van de vier banken die een belang van 72 procent kregen toen leningen aan het niet meer te redden concern werden omgezet in aandelenkapitaal. In 1990 haakten de banken af en kwam Co op in handen van Asko, ook een Duits detailhandelsconcern. De naam Co op is inmiddels gewijzigd in Deutsche SB-Kauf. (DPA)