Redding van bank CLBN kostte ruim 5 miljard gulden

AMSTERDAM, 10 NOV. De Franse staatsbank Crédit Lyonnais heeft 5,4 miljard gulden uitgegeven voor de reddingsoperatie van haar Nederlandse dochter Credit Lyonnais Bank Nederland (CLBN) in 1991. Dat heeft een voormalig medewerker van de Italiaanse zakenman Florio Fiorini gisteren verklaard.

CLBN raakte in grote moeilijkheden door Fiorini en zijn voormalige voormalige zakenpartner Giancarlo Parretti grote kredieten te verstrekken, die, aldus de zegsman, niet of nauwelijks gedekt waren. Met dit geld financierden de Italianen onder meer de overneming van de Amerikaanse filmstudio MGM/United Artists in oktober 1990 voor 1,36 miljard dollar en diverse duistere investeringen van Sasea, de inmiddels failliete houdstermaatschappij van Fiorini.

Crédit Lyonnais, voor 94 procent eigenaar van CLBN, stelde zich vorig jaar volledig garant voor eventuele verliezen van de Nederlandse dochter op kredieten aan Parretti en Fiorini. Het economische eigendom van de kredietportefeuille kwam terecht in Parijs. CLBN hield wel het beheer over de dubieuze leningen. In ruil daarvoor ontvangt het Nederlandse filiaal jaarlijks een vergoeding.

Crédit Lyonnais heeft inmiddels een deel van de 5,4 miljard gulden afgeschreven. In 1991 en de eerste zes maanden van dit jaar reserveerde de Franse bank omgerekend alleen al 5,2 miljard in verband met “problemen bij CLBN en de moeilijke onroerend-goedmarkt in Parijs”. Als gevolg van deze voorzieningen daalde de winst van de Franse maatschappij in de eerste helft van dit jaar met 93 procent tot omgerekend 39 miljoen gulden, tegenover 528 miljoen in dezelfde periode van 1991. Ook over de tweede helft van dit jaar zijn forse voorzieningen niet uitgesloten, zo meldde de bank eind september.

Crédit Lyonnais is inmiddels volledig eigenaar van de filmstudio MGM/United Artists. Chamotte Unie, Bobel en Melia International, drie Nederlandse vennootschappen, zijn door hun banden met het inmiddels failliete Sasea ten dode opgeschreven. Een bankenconsortium onder leiding van de Oostenrijkse Girozentrale heeft inmiddels het faillissement aangevraagd voor Chamotte Unie, dat nog 400 miljoen gulden tegoed heeft van Sasea. Eén van de dertig banken die participeren in dit consortium is Crédit Lyonnais.

Bobel moet op 1 april 1993 7 miljoen gulden aflossen op een in 1986 uitgegeven obligatielening van 35 miljoen. Aangezien ook deze voormalige beursvennootschap nog 186 miljoen gulden tegoed heeft van Sasea, lijkt dit een illusie. Melia, het vehikel waarin Fiorini en Parretti hun belangen in MGM hadden gestald, moet nog 900 miljoen betalen aan Sasea. De curatoren van de Zwitserse holding zullen dit bedrag weldra opeisen, hetgeen ook voor Melia een faillissement onvermijdelijk maakt.