Nederlandse Thatcher werd nooit geliefd op het Binnenhof

DE MINISTER VAN VERKEER EN WATERSTAAT J.R.H. MAIJ-WEGGEN (CDA) Begroting: 8,8 miljard gulden Aantal ambtenaren: circa 15.000 Belangrijkste beleidsdocument: tweede structuurschema verkeer en vervoer Drie jaar oud is het kabinet Lubbers-Kok, tijd voor een tussenbalans. Vandaag het vijfde deel uit een serie evaluerende portretten: J.R.H. Maij-Weggen, minister van verkeer en waterstaat.

DEN HAAG, 10 NOV. Ze kwam uit het Europese Parlement als een totaal onbekende in de Haagse politiek. Ze struikelde over haar eigen ambities, gebrekkige dossierkennis en krasse omgang met het parlement. Ze heeft in de loop der jaren echter meer gevoel voor dosering gekregen: de 49-jarige Hanja Maij-Weggen (CDA), een bewindsvrouw met gebruiksaanwijzing, voor vriend en vijand.

Haar dadendrang bracht haar onmiddellijk na het aantreden in 1989 in conflict met Kamerleden en collega-ministers die "pinnig' door haar werden gekapitteld. H. Alders (VROM) kreeg kortaf te horen dat er maar eén minister is van verkeer en waterstaat. Maar ook met de eigen partij kreeg ze het regelmatig aan de stok - niet zelden over de meest futiele onderwerpen als één van haar stokpaardjes: dimlichten overdag. Bij de VVD-fractie was ze van meet af aan regelrecht ongeliefd. Het liberale Kamerlid Jorritsma voert met Maij heftige debatten in de Kamer die vaak de indruk van een persoonlijke vete wekken.

Door onbekendheid met de omgangsvormen op het Binnenhof, gecombineerd met de haar typerende vasthoudendheid en eigenzinnigheid, botste ze regelmatig met het parlement. “Ze ging recht op haar doel af, liet weinig ruimte voor het parlementaire proces”, aldus een CDA-fractielid.

De moeizame werkrelatie met het parlement werd nogeens versterkt door de vele ideetjes, plannetjes en voorstellen die ze in korte tijd lanceerde. Krantjes en croissantjes; rekeningrijden en tolpleinen; auto-snelheidsbegrenzers en maximumsnelheden - de "ballonnetjes van Maij' werden meestal door de Kamer onderuit gehaald en door de media belachelijk gemaakt. Haar imago van een Nederlandse Thatcher verwaterde in dat van een klungelende minister. Onder haar voorganger, de VVD'er N. Smit-Kroes, werd Verkeer en Waterstaat een ministerie dat veel publiciteit opleverde, een reden waarom het CDA de post in het kabinet Lubbers-Kok voor zich opeiste. Die opzet lijkt een averechtse werking te hebben gehad.

Ook op het eigen departement is ze niet onomstreden. Ze is stellig en moet niets hebben van wollige formuleringen. Lange tenen omzeilt ze niet. Ze werkt keihard, ze wil overal greep op houden. Geen persbericht gaat de deur uit zonder dat de minister haar goedkeuring heeft gegeven; in een enkel geval schrijft ze ze zèlf. Ze is hard voor zichzelf, én voor haar ambtenaren die haar nogal eens als "moeilijk' ervaren. Wie blundert, kan het vergeten.

Maar de minister heeft zich intussen behoorlijk aangepast. Ze krijgt meer waardering, zowel uit de politiek als uit het bedrijfsleven. Sommige politici vinden haar in de omgang "niet onplezierig', anderen loven haar dossierkennis die de afgelopen jaren sterk is verbeterd. Het enthousiasme bij de milieubeweging, die na twee kabinetten met Smit-Kroes opgelucht adem haalde, staat de laatste tijd evenwel wat onder druk. Maij ziet zich graag als minister van het openaar vervoer de geschiedenisboekjes in gaan, maar ontkomt niet langer aan forse bezuinigingen.

Natuurlijk zijn er de klinkende overwinningen. Haar aandeel in het Nederlands EG-voorzitterschap heeft ze, daar zijn vriend en vijand het over eens, goed gedaan. In Brussel staat ze pal voor de belangen van de Nederlandse transportsector. In Den Haag vaart ze, zo menen sommige politici, een consistente koers met een infrastructuur-beleid waarvan de resultaten later zichtbaar zijn. De open sky-agreement met de Verenigde Staten wordt alom gezien als een doorbraak. Ze werpt zich op als kampioen van "Nederland-Distributieland' maar in een land dat is omzwachteld door overleg- en inspraakprocedures duurt het jaren voordat de tunnels, wegen en spoorlijnen zijn aangelegd. Té lang voor een bewindsvrouw wier geduld beperkt is.

Het is echter de vraag of ze in een nieuw kabinet terugkeert. Maij-Weggen is na drie jaar in het beste geval gewaardeerd, maar geliefd is ze niet geworden. Politiek is ze daarmee niet uitgeschakeld want ze houdt een hechte achterban bij het voetvolk van het CDA. Waar Maij-Weggen optreedt zijn de zalen vol. Het christen-democratische kader in den lande voelt wel wat voor deze stugge vrouw uit Drente die de Haagse wetten tart.

Maij-Weggen voelt zelf ook aan dat haar kansen op terugkeer niet groot zijn. Ze werkt aan opties na het ministerschap, kijkt met een lonkend oog naar het Europees Parlement waarvan ze tien jaar (1979 tot 1989) lid van was. Maij keerde zich ooit tegen het dubbellidmaatschap van Tweede Kamer en Europees Parlement, sinds kort denkt ze daar “genuanceerder” over. CDA-voormannen Lubbers en Brinkman zijn voorstander van het dubbele lidmaatschap, de huidige CDA-leden van het Europarlement zijn echter tegen.

Wordt Maij-Weggen de lijsttrekker van het CDA bij de Europese verkiezingen van 1994? Ze heeft de bekendheid bij het kiezersvolk, de ervaring en de allure, al zal ze wel in de slag moeten met CDA-voorzitter W. van Velzen die ook Europese ambities koestert. Onlangs liet Van Velzen een aanbod voor een hoge post op het ministerie van onderwijs en wetenschappen lopen: Europa heeft voor hem grotere aantrekkingskracht.

Onder de christen-democraten in het Europarlement is er echter weinig animo voor haar terugkeer. Ze stond er bekend als ambitieus, hard en koel. In Straatsburg maakte ze zich bij velen ongeliefd met haar drang tot profileren. Haar tegenstanders - onder wie ook collega's en enkele hoge EG-ambtenaren - hadden zelfs de "My Way fanclub' opgericht om de spot met haar te drijven.

Vooral het CDA-smaldeel van het Europees Parlement kijkt met angst en beven naar haar mogelijke terugkeer. De CDA'ers zijn bang dat hun parlement weer een rangeerplaats wordt voor uitgediende ministers. En ze vrezen nóg meer dat er weinig politieke speelruimte overblijft als Maij-Weggen de lakens uitdeelt in het Straatsburgse Palais de l'Europe.