Geen zorgen om de glutenmarkt

ROTTERDAM, 10 NOV. Amerikaanse tariefsverhogingen op de import van tarwegluten uit Europa, die voortvloeien uit de moeilijkheden binnen het GATT-overleg, zouden in Nederland vooral een Amerikaans bedrijf treffen. De grootste producent van tarwegluten in Nederland is het Amerikaanse bedrijf Cargill in Bergen op Zoom.

Met Frankrijk en België behoort Nederland tot de belangrijkste glutenproducenten van Europa. De Nederlandse produktie wordt geschat op ongeveer 40.000 ton per jaar, dat is tien procent van de wereldproduktie. Volgens het ministerie van landbouw wordt daarvan jaarlijks voor tien à twaalf miljoen gulden naar de VS verscheept. Met een gemiddelde prijs van 2,50 gulden per kilo zou dat neerkomen op 4.000 tot 5.000 ton gluten per jaar. De Nederlandse glutenproducenten zelf noemen dat een grove overschatting van de werkelijke hoeveelheid. Zij maken zich daarom weinig zorgen. Groot-Brittannië is Nederlands belangrijkste afnemer van gluten.

Behalve door Cargill wordt tarwegluten in Nederland geproduceerd door Latenstein Zetmeel (Wessanen/Meneba) in Nijmegen en Cerestar Benelux (Ferrutzi) in Sas van Gent.

Tarwegluten is de eiwithoudende fractie uit tarwebloem die met een nat procéde van de zetmeelfractie wordt gescheiden; het oplosbare zetmeel wordt eruit gewassen). Tarwebloem bevat acht à negen procent gluten. Het gluten vindt vooral toepassing als broodverbeteraar: het wordt toegevoegd aan bloem van tarwe die van zichzelf te weinig gluten bevat, wat voor veel Europese tarwe geldt. Die is veel minder "bakwaardig' dan de Amerikaanse tarwe. Omdat de glutenproduktie in Europa de laatste tien jaar stormachtig is gestegen zoekt men naar alternatieve toepassingen voor het produkt. Vervanging van melkeiwit in kunstkalvermelk heeft goede perspectieven. In studie is de mogelijkheid om afbreekbare plastics uit gluten te fabriceren.