De zaak zonnebloem

VELDEN MET ZONNEBLOEMEN, zover het oog strekt, in het zuiden van Frankrijk vormen de inzet van het handelsconflict over olie-houdende zaden tussen de Verenigde Staten en de EG. De zonnebloemen leveren, evenals koolzaad, de grondstof voor plantaardige oliën die op grote schaal worden verwerkt in de levensmiddelenindustrie. De EG heeft de expansie van deze gewassen bevorderd met de smeerolie van het gemeenschappelijke landbouwbeleid, subsidies. Dank zij de subsidies kunnen de Europese oliehoudende zaden concurreren met sojabonen uit Noord- en Zuid-Amerika. De Amerikaanse sojaboeren verloren, ondanks een akkoord uit 1962 dat heffingsvrije toegang tot de EG verschaft, hierdoor hun marktaandeel. Twee keer is het conflict voorgelegd aan de GATT, het Algemeen Akkoord over Tarieven en Handel, en twee keer zijn de VS in het gelijk gesteld.

De kwestie van de oliehoudende zaden vormt een bijzaak in de wereldwijde onderhandelingen over handelsliberalisatie, de zogenoemde Uruguay-ronde. Maar omdat hierin de macht van Amerikaanse sojaboeren, de Franse ijver voor agrarische belangen, de absurditeit van de EG-subsidies en de geloofwaardigheid van de GATT-regels elkaar snijden, is zij uitgegroeid tot het breukpunt van de Uruguay-ronde. Deze is vorige week vastgelopen op Frans verzet. Frankrijk heeft alles in het werk gesteld om een landbouwakkoord met de Verenigde Staten te torpederen. Franse agrarische en anti-Amerikaanse sentimenten gingen hand in hand.

DE EG DOBBERT stuurloos rond terwijl de leden van de Europese Commissie, het dagelijkse bestuur van de EG, ruziënd over straat rollen. Beschuldigingen van partijdigheid aan het adres van Commissie-voorzitter Delors werden versterkt door scherpe uitlatingen van commissaris Andriessen en het luidruchtige vertrek van commissaris MacSharry als onderhandelaar. Op de Amerikaanse aankondiging van heffingen op Franse witte wijn en de dreiging van meer sancties volgde verdeeldheid van de EG. De Franse ijver voor tegenmaatregelen kreeg steun van de zuidelijke EG-landen terwijl de noordelijke vrijhandelaars terughoudendheid voorstaan. Overigens heeft het Britse EG-voorzitterschap, afgeleid door de binnenlandse emoties over "Maastricht', nog niets van zich laten horen of zien in het handelsconflict en speelt Duitsland opnieuw een ambivalente rol als industriële vrijhandelaar en bondgenoot van agrarisch Frankrijk.

Handelsoorlogen ondermijnen vertrouwen en kunnen economische stagnatie doen omslaan in achteruitgang. De vergelijking gaat om veel redenen mank, maar het kan geen kwaad in herinnering te brengen dat de depressie van de jaren dertig mede werd veroorzaakt door de protectionistische Smoot-Hawleywet van de Verenigde Staten. Groei van de wereldhandel heeft de na-oorlogse spreiding van welvaart mogelijk gemaakt. Zonnebloempitten en koolzaad mogen dat niet in de weg staan.