Scheepvaart meldt weinig piraterij

ROTTERDAM, 9 NOV. In een bijeenkomst van Nederlandse zeevaartorganisaties, politie en justitie in Rotterdam is vrijdag besloten gevallen van piraterij op Nederlandse schepen beter te registreren. Overvallen op zee zouden de laatste jaren drastisch toenemen, met name bij Singapore, Latijns-Amerika en West-Afrika.

Volgens opgave van het ministerie van verkeer en waterstaat is de afgelopen twee jaar slechts éénmaal melding gemaakt van een geval van piraterij van een Nederlands schip. Overvallen op schepen onder Nederlandse vlag moeten verplicht worden gemeld bij de Scheepvaartinspectie. De Rotterdamse rivierpolitie wil dat ook het grote aantal Nederlandse koopvaardijschepen dat onder buitenlandse vlag vaart, piraterij meldt.

A. Mudde van de Rotterdamse rivierpolitie zegt dat hij na “een rondje bellen” onder schepen die onder "goedkope vlag' varen, al tien koopvaarders heeft gevonden die het afgelopen jaar zijn overvallen. Bij Lloyd's in Londen zijn vorig jaar 150 gevallen van piraterij gemeld, tweemaal zoveel als in 1990.

Volgens Mudde kan een centrale melding in Nederland aanvullende informatie opleveren voor de landen waar de kapingen plaats hebben en waar het in eerste instantie vaak gemeld wordt. Hij noemt als voorbeeld de Nederlandse koopvaarder "Marta', die in 1990 voor de kust van Cambodja werd gekaapt. Het schip werd met behulp van hijskranen van haar lading ontdaan, waarbij de bemanning ernstig werd mishandeld en de kapitein op een onbewoonde kuststrook werd achtergelaten.