Rituelen bij bezuiniging zijn voorspelbaar; Kabinet brengt Kamer op de hoogte van herstelwerk begroting

DEN HAAG, 9 NOV. Veertien kleermakers onder leiding van een couturier. Minister Andriessen (economische zaken) vergeleek vorige week het financieel-economisch probleem van het kabinet-Lubbers/Kok met “een kleermaker die ineens een pak moet maken uit een veel kleinere lap stof dan hij gewend is”. Andriessen voorspelde dat het pak “een zeer eigen snit zal hebben” en dat het “hier of daar wat krapper zal zitten”. Het kabinet heeft gisterochtend via een brief de Tweede Kamer op de hoogte gebracht van het "herstelwerk' à 2,75 miljard gulden dat nodig was omdat de begroting voor 1993 was geschreven aan de hand van "mooi-weer-scenario's' terwijl donkere wolken aan de horizon verschenen.

De inzet van Andriessen bij de afrondende besprekingen over de begroting van volgend jaar was bekend; in tegenstelling tot zijn collega's zou hij voor een ruimer pak kiezen. De CDA-minister was zelfs bereid de afspraken die CDA en PvdA hebben gemaakt over het financieringstekort van het rijk en de lastendruk te versoepelen. Een revolutionair geluid van een minister die eigenlijk vindt dat de collectieve lastendruk (som van belastingen en sociale premies) ieder jaar met een half procentpunt moet dalen.

Zijn bekering is het gevolg van het slechte economisch klimaat; de economische groei valt sterk tegen en het kabinet-Lubbers/Kok wil absolute voorrang geven aan het werkgelegenheidsbeleid. Het Centraal Planbureau voorspelt een stijging van de werkloosheid volgend jaar met 25.000 personen oplopend tot 35.000 in 1994. Prioriteit voor de banen impliceert volgens de oud-hoogleraar economie dat de afspraken ten aanzien van financieringstekort en collectieve lastendruk niet kunnen worden gerealiseerd.

Een week geleden leek minister Kok (financiën) deze redenering ook te volgen. Maar na een nachtje slapen, keerde Kok weer terug op zijn vertrouwde pad. Voor volgend jaar voorziet het kabinet een financieringstekort van 3,75 procent van het nationaal inkomen. De collectieve lastendruk komt uit op 53,6 procent. Het begrotingsconclaaf op het Binnenhof leek de afgelopen dagen op een omgekeerde wereld: een prominente CDA-minister pleitte voor een ruimer pak, terwijl zijn PvdA-collega op financiën vasthield aan het strakke snit.

Dit betekende dat er nu bezuinigd moest worden. De begrotingen van de diverse departementen, waar volgens de vakministers alle vet al vanaf was geschraapt, moesten opnieuw tegen het licht worden gehouden. Het werd, zoals Kok het op zaterdagmiddag uitdrukte, een “zware bevalling”. Vrijdag kwamen de ministers er in de Trêveszaal niet uit, om middernacht vertrokken de ministers die niet al te veel hoefden in te leveren, terwijl andere collega's 's nachts nog nableven voor Seelenmassage van het duo Lubbers-Kok. Er was heftig verzet, geen enkele "budgethouder' wilde zich snel gewonnen geven en op het ministerie terugkeren met de mededeling de miljoenen snel uit handen te hebben gegeven. Bezuinigen is niet zelden een psychologisch proces, de rituelen zijn vaak voorspelbaar. De weerstand liep dit weekeinde eerder langs de departementale dan politieke lijnen. De ministers Ter Beek (PvdA), Pronk (PvdA) en Ritzen (PvdA) kregen te maken met een vasthoudende Kok - tevens partijleider - die het raamwerk voor de bezuinigingen samen met Lubbers opstelde. De spending departments in handen van sociaal-democraten moesten zaterdagmiddag toegeven aan het strakke beleid van hun partijleider: er werd in ieder geval een pakket van 1,5 miljard harde bezuinigingen voorgelegd, en 600 miljoen aan verplichtingen verschoven.

Toch zijn de lessen van Andriessen, de nestor van het kabinet, om niet te fors te snijden niet tevergeefs geweest. Meer dan de helft van het te bezuinigen bedrag zijn in de woorden van Kok “incidenteel”. Volgens de vice-premier zou “een té fors pakket structurele maatregelen een negatief effect hebben op de werkgelegenheid”.

In het aanvullend "nood-pakket' is het kabinet ervan uit gegaan dat de lonen volgend jaar gelijk zullen blijven ten opzichte van dit jaar. Uit berekeningen van het Planbureau blijkt dat een loonstijging van 3 procent een stijging van de werkloosheid tot gevolg heeft van 10.000 personen. Voor het financieringstekort heeft een loonstijging - door hogere belastingafdrachten - gunstige effecten: het te bezuinigen bedrag zou met 0,75 miljard afnemen.

Vanmorgen om 8.00 uur zijn de gesprekken daarover hervat met werkgevers en werknemers. Dit zorgde voor de nodige druk op bespreking in de ministerraad, want de sociale partners wilden pas verder met het kabinet over een centraal akkoord voor 1993 praten wanneer het kabinet zelf knopen heeft doorgehakt. “Als de hoge-druk ketel er niet zou zijn geweest dan hadden de besprekingen nog wekenlang doorgewoekerd”, meent een PvdA-Kamerlid.

Uit een toespraak die minister De Vries afgelopen donderdag hield bij de werkgeversvereniging FME was op te maken dat het kabinet zinspeelde op een looningreep mochten de lonen volgend jaar toch stijgen. Minister Kok heeft geprikkeld op deze uitlating van De Vries gereageerd. Uit zijn verleden als vakbondsleider weet hij hoe een loonmaatregel - in 1980 door hem getypeerd als “een smerige luizestreek” - de sfeer tussen overheid en sociale partners kan verzieken. Het lot van het kabinet hangt niet aan de "nullijn'. Kok: “Liever een akkoord dat wat afwijkt van de idealen van het kabinet, dan iets dat van bovenaf wordt opgelegd”.