Van Lennep

Wat een oubollig verhaal heeft columnist Van Lennep geproduceerd in het Zaterdags Bijvoegsel van 24 oktober. Hij lijkt een hekel te hebben aan luchtvaartbedrijven en hun medewerkers. Zelf was ik purser van 1951 tot 1987; ik ben nu bezig de geschiedenis van het cabinepersoneel op te schrijven.

Hilda Bongertman, Nelly de Vrieze en Mia Nieuwenkamp waren in 1935 de eerste stewardessen, die de KLM in dienst nam. Zij waren geen grondstewardessen en geen koffiejuffrouwen. Ze vlogen mee voor de verzorging van de passagiers. In de hengselmand die ze meekregen, zaten sandwiches, een thermos koffie, suiker en melk en een thermos heet water om thee en bouillon te maken voor de 14 passagiers, die aan boord waren in de DC 2. Zij moesten 4 talen kunnen spreken en verpleegsterservaring hebben. Ze waren gekozen uit 14 kandidaten.

Er is nooit gekeken naar de mooiste of de elegantste mevrouw. Er is altijd gezocht naar iemand, die vriendelijk was voor de passagiers en van aanpakken wist. Altijd, ook al in 1935, heeft cabinepersoneel zich bezig moeten houden met veiligheid en daarvoor ondergaan ze jaarlijks een training. Wie zakt mag op dat moment niet meer vliegen.

De belangstelling voor het vak is altijd zeer groot geweest. In de jaren zestig hebben vele internationale luchtvaartbedrijven Nederlands cabinepersoneel geworven, vanwege zijn talenkennis en goede instelling ten opzichte van de passagiers. Ja, ze kunnen ook werken als paarden. Sinds 1976 kunnen vrouwen bij de KLM purser worden.

Het is ook niet noodzakelijk om vroegtijdig wijn voor de maaltijd te bestellen, want al meer dan 10 jaar geleden werd een systeem geïntroduceerd waarbij het drankje tegelijk met de warme maaltijd wordt geserveerd.

Als ik purser was zou ik graag zo'n vervelende klant als Van Lennep per ongeluk een glas wijn op z'n broek morsen.