Nooit meer joggen

Iedere gebeurtenis heeft zijn ideale weer dat ertoe dient de deelnemers extra duidelijk te maken hoe blij ze mogen zijn dat ze dit konden meemaken. Zo hoort het de ochtend na het feest miezerig te zijn. Geen stortregen, geen duidelijk weer dat contrasteert met de duidelijkeid van het feest, maar een vage motregen, een druilende atmosfeer die laat weten: het is voorbij.

Dat was na de verkiezingen in New York goed geregeld. 's Ochtends vroeg, nog voor het spitsuur was het gaan regenen. Papier met achterhaalde tekst kleefde op het plaveisel, het verkeer maakte een scheurend geluid op het asfalt, de vochtige lucht hield de stank van de uitlaatgassen vast en ik dacht aan George Bush, die raadselachtige man. Voor de televisie had hij zich de avond tevoren laten ontvallen dat dit het beroerdste jaar van zijn leven was geweest en voor het eerst geloofde ik hem zonder dat het van betrouwbare zijde was bevestigd.

Welk boze oog heeft zijn blik op de triomfator van de Golfoorlog laten vallen? Is er niemand geweest die het een jaar later, toen de buitenwereld begon te vermoeden dat hij op het pad van de mislukking liep, heeft gezegd? ""George, kijk eens goed naar jezelf. Als je nog vier jaar president wilt blijven moet je het anders aanpakken.'' Barbara? Zijn beste vriend James Baker? In de hoogste kringen gaat het niet anders toe dan in de eenvoudigste. De mislukking is een parasiet die in het binnenste van de gastheer zit, onzichtbaar voor hem zelf en zijn naasten. Hoe verder je van het slachtoffer verwijderd bent, des te duidelijker zie je wat er eigenlijk aan de hand is. De gastheer zelf begrijpt het pas als de parasiet heeft gewonnen.

Hoe zou hij zich hebben gevoeld op dat ondeelbare ogenblik van de onversneden waarheid, toen hij op de ochtend na de nederlaag voor het eerst in de spiegel keek? In de Amerikaanse verkiezingsstrijd komt alles aan de dag, juist omdat alle partijen hun best doen van zichzelf alles verborgen te houden wat het daglicht niet kan verdragen. Met hun allen hebben ze tegen de honderd miljoen dollar uitgegeven. Schande? Ik weet het niet. De openbare waarheid duurt niet alleen het langst maar is ook het duurst. De waarheid van de eerste blik in de spiegel na de nederlaag is weer een particuliere waarheid, voor niemand meer van belang en daarom gratis.

Als ik op het ondeelbare ogenblik van de ochtendwaarheid George Bush was geweest, had ik gedacht: NOOIT MEER JOGGEN! Dat is voor een Europeaan die naar de Amerikaanse politiek kijkt het treurigste schouwspel. Er ging geen dag voorbij of je zag deze niet zo fit uitziende staatsman met zijn 68 jaar oude botten een drafje maken, en dat niet eens alleen maar in een groot gezelschap van aanhangers en veiligheidsagenten. Aan het eindpunt stonden strijk en zet een camera en iemand met een microfoon waarin hij iets verstandigs moest hijgen. Hardlopen, dunkt mij, doe je na je twaalfde niet meer voor je plezier, en niet meer voor je gezondheid na je veertigste, en dat je er daarvóór gezonder van zou worden is een fabeltje.

Het is bij mijn weten nooit onderzocht, maar ik geloof dat het ook niet bijdraagt tot het vertrouwen als je de politicus van je voorkeur ziet joggen. Als onze minister-president zich laat fotograferen op het hockeyveld wekt dat mijn wantrouwen. Het joggen in de politiek is geen sport; het is een bijverschijnsel van de televisie en als zodanig een misverstand. Als George Bush de energie die hij in dat draven heeft gestoken, aan de economie had besteed, wie weet had hij dan wat meer kiesmannen achter zich gekregen.

Bill Clinton zag je op het nieuws ook dikwijls rennen, maar bij hem heb ik nooit gedacht: als dat maar goed afloopt. Zijn draf is soepel, hij is niet intussen bezig het protest van zijn eigen lichaam te overwinnen en dat wekt vertrouwen. De kwestie van het vertrouwen, de fameuze trust, heeft in de verkiezingenscampagne een rol gespeeld, zij het een niet zo grote als de Republikeinen hadden gehoopt. Het lijkt me niet uitgesloten dat door zijn stijl van joggen Clinton het vertrouwen in zijn karakter heeft vergroot terwijl Bush er met zijn krakkemikkige drafje afbreuk aan heeft gedaan. We weten dat wat er aan de keuze van de kiezer vooraf gaat, maar voor een gering bestanddeel redelijk is. Zag je Bush joggen dan dacht je: daar rammelt iets. Dat kan van invloed zijn geweest.

Het feest van de verkiezingscampagne, misschien het langste feest ter wereld is voorbij. Het heeft een jaar geduurd, met de inleidende feesten van de voorverkiezingen, de opmaatfeesten van de Conventies, de roes van de debatten, de negatieve campagnes: allemaal een aanloop in crescendo tot het hoofdfeest, de zeventien uur tussen de opening van de stemlokalen en de uitslag. Wat je er ook van kunt zeggen, in ieder geval niet dat de Amerikaanse democratie vervelend is.

Vanavond wordt de leegte op de televisie voor het eerst weer gevuld met de gebruikelijke rampen, ongelukken, de ontdekking van nieuwe ziektes en nieuwe manieren om oude te genezen en het regent nog steeds. Het went, maar je blijft de joggers nog wel even missen.