Woningbouw

De Potterskade houdt het midden tussen de snelweg aan de ene en de spoorlijn aan de andere kant. Zolang ik me kan herinneren ligt er een rioolbuis. Misschien was het ooit de bedoeling die voor een duiker te gebruiken.

Als wandeling had het weinig te betekenen. Eerst door een boomgaard, waar je moest rekenen op modder en stinkend slootwater, slecht voor de hond. Dan over de kade zelf, overdadig begroeid met braam en ander ongemak, bij gelegenheid aangevuld met de gevaarlijke woede van een broedende knobbelzwaan. En aan het eind was je altijd nog te dicht bij huis.

Ook op het plekje zelf viel wel wat aan te merken - het hoorbare van de A12, het zichtbare van hoogspanningsmasten. Toch, als je er zat, zat je rustig. Misschien was het iets in de belijning van het landschap, iets dat aanknoopte bij het prettige van m'n jeugd. Misschien het telkens laconiek verschijnen van treinen in de hoek bij Harmelen.

Ik klom op die buis, het verweerde beton begon een groene fluweligheid aan te nemen, en besloot een zeker aantal treinen te laten passeren. Maar dat aantal vergat ik dan, of ik vergat te tellen. Dat kon behoorlijk uitlopen.

Dit voorjaar nog verdedigden grutto's met voorbeeldige ijver hun jongen tegen reigers en kraaien.

Die vogels nu in Senegal.

Bij hun terugkeer staan hier de eerste huizen al.