EG speelt gevaarlijk spel door geschil sojabonen te laten escaleren

WASHINGTON, 6 NOV. De EG speelt gevaarlijk spel door een geschilletje over wat sojabonen te laten uitlopen tot een grootschalige handelsoorlog waarbij uiteindelijk ook Nederlandse produkten als Heineken bier, bloemen en Goudse kaas in het geding kunen komen. Nu zijn die produkten niet in het geding maar bij een groeiend protectionistisch klimaat in Ameria zou de escalatie wel eens niet meer te stoppen kunnen zijn.

Nederlandse plantaardige olie van koolzaad is nu al getroffen. Tegenover de politieke belangen van de Franse socialisten staan de belangen van Democratische Congresleden en hun kiezers. Dat terwijl de kampioen voor de vrijhandel, George Bush, heeft verloren van een kandidaat die een open oor heeft voor nieuwe benaderingen van handelspolitiek. Na vijf jaar hebben de GATT-besprekingen tot niets geleid dan teleurstellingen aan beide kanten van de oceaan.

De sancties, die in december ingaan, zijn bescheiden. De bedoeling is om met de tarieven op witte wijn, truffels en graangluten hoofdzakelijk de Fransen aan te pakken, die het grootste verzet plegen. De andere EG-landen hebben al via diplomatieke kanalan kunnen bewerkstelligen dat zij buiten schot blijven. Zo probeert de Amerikaanse regering de EG-solidariteit te breken. Op de achtergrond dreigen verdergaande tarieven tot 1,7 miljard, waarbij onder andere glas, stalen pijpen en keramiek worden getroffen.

Hoe verontwaardigd EG-bestuurders ook zijn over de Amerikaanse druk, in het geschil over de oliehoudende zaden ligt het juridische gelijk geheel aan Amerikaanse kant. De subsidies aan producenten van deze zaden zijn illegaal. Twee onafhankelijke panels van het GATT hebben zich er al over uitgesproken. De EG weigert een derde bemiddelingsprocedure omdat ze weet dat ze fout zit. Het GATT-verdrag over tarieven en handel voorziet in sancties tegen schendende partijen. Maar dit is een dode letter, omdat de sanctiebeslissing met eenparigheid van stemmen moet worden genomen door de GATT-raad. De EG-leden van de GATT-raad zijn altijd tegen. Daarom heeft de Amerikaanse regering gisteren besloten om het recht in eigen hand te nemen.

De subsidies aan producenten van oliehoudende zaden worden al tien jaar verstrekt door de EG. De Amerikanen onderhandelen daarover al zes jaar met Brussel. EG-functionarissen boden compenserende maatregelen aan maar wilden de subsidies aan hun oliehoudende zaden in stand houden. Daardoor worden de belangen van de Amerikaanse soja-producenten geschaad, en die zijn voor Washington te belangrijk om te negeren.

Van Franse zijde is het argument aangevoerd dat er vlak voor de Amerikaanse verkiezingsdatum niet meer te onderhandelen viel. Dit werd ondersteund door een voormalige Democratische senaatsstafmedewerker, die zich volgens eigen zeggen namens toenmalig presidentskandidaat Clinton aandiende bij mr. A.A.M. van Agt, de EG-ambassadeur in Washington. De man, Kevin Nealer, presenteerde aan Van Agt enige scenario's over de afloop van de GATT-besprekingen. Hij zei daarbij dat Clinton waarschijnlijk zeer gebelgd zou zijn over het sluiten van een GATT-overeenkomst, zo vlak voor de verkiezingsdatum. Clinton zou het meewerken aan een dergelijk politiek succes opvatten als inmenging in de Amerikaanse verkiezingen en dan zou hij waarschijnlijk de gesloten overeenkomst weer kritisch willen bekijken. Van Agt schreef een verslag over deze bijeenkomst naar Brussel en dat leidde tot berichten uit Brussel dat Clinton tussenbeide had willen komen in de onderhandelingen.

Volgens de Britse Daily Telegraph zou de voorzitter van de EG-commissie, Jacques Delors, een akkoord hebben gesloten met Clinton. Dit is officieel ontkend door EG. President Bush zei tijdens de campagne dat het idioot was als de Democraten zo zouden interveniëren. De Republikeinen eisten zelfs een strafrechtelijk onderzoek in deze zaak. Een woordvoerder van de Clintoncampagne ontkende later dat Nealer Clinton vertegenwoordigde. Hij zou niet voor de Clinton-organisatie werken. Echt na te gaan is dit nooit omdat een campagne-organisatie een onoverzichtelijk geheel is van vrijwilligers en betaalde staf.

Voor Bush persoonlijk was een resultaat van GATT heel belangrijk, maar in de verkiezingen speelde het geen rol. Amerikanen hebben reserves tegen ongebreidelde handel maar weten nauwelijks wat GATT betekent. De Fransen vonden de tussenkomst van Nealer een goed voorwendsel voor uitstel tot de regeringsovergang van Bush naar Clinton. Maar door oplegging van de sancties maakt president Bush nu duidelijk dat hij nog steeds in staat is tot een akkoord te komen. Clinton steunt de president. Begin december gaat de boycot werken en Carla Hills zei gisteren dat ze hoopt dat de partijen voor die tijd nog tot een akkoord kunnen komen.

Uitstel tot 20 januari, de inauguratie van Clinton, zou de Amerikaanse positie alleen maar kunnen verharden. Westeuropeanen verkijken zich op het moralistische vingertje van de Amerikanen. Die verbergt een open houding, waarbij geen harde standpunten worden ingenomen. Bush is Europa zeer gunstig gezind en heeft nog steun van Clinton, maar Carla Hills is een ontactische, steile, calvinistische onderhandelaar. Zij dreigt door haar ideologische benadering anderen tegen haar in te nemen. Het is typisch voor de opstelling van de Republikeinen. Die zijn kampioenen voor de vrijhandel, maar willen dat de anderen stevig inwrijven. Toen Reagan besloot de landbouwsubsidies flink te verminderen, drong hij hetzelfde op aan de Westeuropeanen. Bush liet in 1990 tijdens de topconferentie van de Groep van Zeven geïndustrialiseerde landen in Houston de retoriek nog eens flink escaleren door zijn kabinetsleden. Het werd een Amerikaanse tirade tegen de EG. Toen dat niet hielp namen de Amerikanen gas terug. Maar nog steeds is landbouw het hoofdgerecht in de GATT-besprekingen, terwijl het in belangen een ondergeschikte rol speelt.

Amerika heeft een overschot van bijna 19 miljard dollar per jaar op de handelsbalans met Europa. Een groter probleem is echter het tekort van 40 miljard dollar met Japan en Korea, landen die door hun aggressieve stijl van marktverovering en dumping hele industrietakken wegvagen. De echt belangrijke handelsvraagstukken gaan over hoogwaardige industrieën, zoals voor vliegtuigen, auto's, elektronica en staal, maar de krachten worden nu verspild in het gevecht met de EG over landbouw, die de belastingbetaler veel geld kost.

“De Aziaten hebben daar baat bij”, zegt Clyde Prestowitz, voormalig handelsvertegenwoordiger onder president Reagan. Hij schreef het boek Trading places over de mislukte Amerikaanse handelspolitiek tegenover Japan. “Bush en Reagan zijn fervente vrijhandelaars, maar zij treden te beschuldigend op. Het is moeilijk onderhandelen met mensen die je voor schurk en bedrieger uitmaken.” Prestowitz verwacht dat president Clinton zich zeker niet milder zal opstellen tegenover de Europeanen, maar zijn stijl is meer pragmatisch. “Hij is meer de man van: laten we wat drinken en dan praten we er nog eens over”, zegt Prestowitz die als directeur van de denktank Economic Strategy Institute Clinton heeft aanbevolen. Met een meer pragmatische stijl bereikt de Amerikaanse regering voor zichzelf ook betere resultaten, vindt Prestowitz. Hoewel Prestowitz kritisch staat tegenover vrijhandelsmodellen vindt hij toch dat er een GATT-akkoord moet komen. “We moeten de overwinning kunnen uitroepen”, zegt Prestowitz. Het maakt hem niet uit of de inhoud van de overeenkomst minimaal is. Het is tijd om tot een ander hoofdstuk over te gaan.