Dreigt er opnieuw een vulkaanramp op de Filippijnen?

Vorig jaar juni was de wereld getuige van de gevolgen van de uitbarsting van de Pinatubo, de al 600 jaar slapende vulkaan op 80 km ten noorden van de Filippijnse hoofdstad Manila. Door de zware asregens die hij veroorzaakte kwamen meer dan 720 mensen om en ging meer dan 20.000 hectare vruchtbare landbouwgrond verloren. Op 60 km ten zuiden van Manila toont nu de vulkaan Taal tekenen van leven. Volgens onderzoekers van de Technische Hogeschool Aken en het Filippijnse Instituut voor Vulkanologie en Seismologie in Buco zou een uitbarsting van deze vulkaan een veel grotere ramp kunnen veroorzaken.

Taal (spreek uit: Ta-al) is een vulkaaneiland van 23 vierkante kilometer, gelegen in een groot meer. Het eiland is bezaaid met vulkaankegels en kraters. De meeste kraters zijn explosiekraters, onstaan toen opstijgend magma in contact kwam met water. Een mengsel van stoom, water, verpulverd en gesmolten gesteente wordt dan kilometers hoog de lucht in geschoten. Stort de explosiekolom in, dan vormt zich aan het oppervlak rond de krater een snel uitdijende ring van gloeiend materiaal: een base surge. Het voortrazende materiaal kan snelheden van meer dan 200 km per uur bereiken en zich ook over water verplaatsen: de hete stoom houdt de vaste stoffen zwevende.

Taal is een van de meest aktieve vulkaancomplexen op de Filippijnen. Sinds 1572 zijn er 33 erupties waargenomen, waarvan de meeste stoom- erupties waren. De krachtigste vonden plaats in 1754, 1911 en 1965, waarbij door bovengenoemd verschijnsel grote verwoestingen in de dorpjes rond het meer werden aangericht en vele mensen het leven lieten. Sinds april vorig jaar wordt er nieuwe seismische activiteit onder Taal-eiland waargenomen. Het magma is al tot op vijf kilometer onder het oppervlak gekomen. Ieder moment zou een nieuwe eruptie kunnen plaatsvinden, met opnieuw rampzalige gevolgen voor het omringende gebied, "omdat de mensen ondanks de bittere ervaringen uit de afgelopen eeuwen toch steeds terugkeren en zich weer vestigen op zowel het eiland als de oevers van het meer', aldus de Duitse en Filippijnse vulkanologen (German Research 2/92).

Geologisch onderzoek heeft uitgewezen dat erupties in dit gebied nog veel grotere verwoestingen zouden kunnen veroorzaken dan tot nu toe is waargenomen. De enorme vulkanische afzettingen rond het meer wijzen er op dat niet alleen het eiland, maar ook het omringende gebied geologisch jong en actief is. Erupties zoals die hier in prehistorische tijden plaatsgevonden zouden rampzalige gevolgen hebben. Tijdens deze erupties snelden base surges over een 650 meter hoge bergrug heen en baanden zich een weg naar wat nu de zuidelijke buitenwijken van Manila zijn. Ze bereikten ook de vulkanen Makiling en Malepunyo, 20 km naar het oosten, en schoten daar 400 meter langs hun flanken omhoog. De verwoestingen veroorzaakt door Pinatubo zouden hierbij vergeleken "vrij onbetekenend' zijn.