Doctor Faustus van Robert Wilson is mooi maar zielloos

Voorstelling: Doctor Faustus Lights the lights van Gertrude Stein door Hebbel Theater, Berlijn. Regie: Robert Wilson. Muziek: Hans Peter Kuhn. Spel: Thilo Mandel, Heiko Senst, Karla Trippel e.a. Gezien: 24/10, Théâtre de Genevilliers, Parijs. Nog te zien: 5 t/m 6/11 om 20.00u, deSingel, Antwerpen. 7/11 om 15.00 en 20.00u. Res. 09-3232.4838.00

Het werk van Gertrude Stein, erkend moeder van de avantgarde (1876-1946), is wel vergeleken met het geluid van een roezemoezende menigte op Coney Island, gezien en gehoord vanuit een overscherend vliegtuig. Of het aardig bedoeld was weet ik niet, maar het beeld is treffend. Stein maakte muziek met taal; haar beroemdste zin a rose is a rose is a rose is juist door de herhaling melodisch en bewijst de visie van de schrijfster, die woorden als klanken zag. Haar zin bestond naar haar idee niet uit herhaling: door de intonatie is geen roos gelijk aan de andere.

Het lijkt wel alsof Robert Wilson, door werk van Stein te ensceneren, het tegendeel wil aantonen. “I do what I do, what I do, what I do, what I do”zeggen zijn acteurs, maar geen klank verschilt van de andere. Het citaat is uit Doctor Faustus lights the lights, een opera-libretto dat Stein in 1938 schreef en dat, vanwege de oorlog, pas in 1951 op muziek van Richards Banks in het Newyorkse Cherry Lane Theatre voor het eerst werd uitgevoerd.

Wilson is schatplichtig aan Stein: evenals haar werk is het zijne sferisch. Het verhaal is er wel maar het is ondergeschikt aan de kleur, de visuele kwaliteit en het ritme van een hallucinatoire beeldenreeks. Zoals de "kubistische' Stein taal niet gebruikte om te beschrijven maar om te schilderen, zo gebruikt Wilson dans, muziek, beeldende kunst en tekst om een esthetische, nadrukkelijk niet-bestaande sprookjeswereld te scheppen.

Juist door het esthetische maakt zijn werk gemakkelijk een lege, pretentieuze indruk. Daarom was de voorstelling The Black Rider, die hij vorig jaar in samenwerking met schrijver William Burroughs en componist Tom Waits maakte, zo verfrissend. Voor het eerst ontwaarde ik zoiets als gevoel voor humor, een prettig soort nonchalance. Doctor Faustus is er helaas slechts een schaduw van.

De voorstelling wordt gespeeld door studenten van (Oost-)Berlijnse theateropleidingen en zij doen dat voortreffelijk, in charmant, aangeleerd Engels. Ze bewegen goed en soepel, ondanks Wilsons als altijd hoekige mise en scène, en ondanks zijn "depersonalisering' van de karakters slagen zij er stuk voor stuk in een indruk van zichzelf achter te laten. Vooral Karla Trippel als de hond van Faustus is levendig en geestig.

En haar tekst is toch mager, voortdurend zegt de hond: “Thank you!” Alleen hij is dankbaar voor het licht dat zijn baas van de duivel gekregen heeft in ruil voor zijn ziel. Doctor Faustus zelf is ontevreden, de nacht is hem liever. Die verdient hij door een moord te plegen, dan dooft eindelijk het licht. En dat toont Wilson weer op virtuoze wijze: het grote van de achterzijde hel aangelichte achterdoek implodeert in een steeds kleiner en uiteindelijk verdwijnend vierkant.

Voor dergelijke technische hoogstandjes draait Wilson zijn hand niet om - en dat is meteen het probleem. Zijn Doctor Faustus oogt als altijd fraai, belichting en tableaux vivants benemen de adem, maar al die schoonheid is routineus. De voorstelling heeft net als de titelheld geen ziel. En veel pretentie: Steins tekst krijgt pas effect bij tempo en dat ligt laag, kunstzinnig tot op het plechtstatige af. Ter verhoging van het kunstmatige zet Wilson drie doctors Faustus en twee Mephisto's op het toneel. Een veelzeggende overkill.