Clinton: binnenhuispresident

Bill Clinton wordt de nieuwe president van de Verenigde Staten. In binnen- en buitenland klinkt applaus. Toch kun je, wat de economie betreft, bij al die verheugde reacties een aantal kanttekeningen maken. Opvallend is hoe belangrijk de belabberde toestand van de VS-economie is geweest in deze verkiezingsstrijd. Het is heel waarschijnlijk dat Bush zou zijn herkozen als hij erin was geslaagd de economie weer op volle toeren te laten draaien. Voldoende produktiegroei, inkomensgroei en toeneming van het aantal banen stemmen de burger positief. En dat laat hij merken in het stemhokje.

Bush heeft zijn uiterste best gedaan om de Amerikaanse economie te stimuleren. De krachtige verlaging van de rentetarieven, gevoegd bij het enorme begrotingstekort, zijn toch pepmiddelen bij uitstek voor een economie waar de fut uit is. Maar het herstel wilde maar niet op gang komen. Onder andere omdat banken, bedrijven en gezinnen in de VS eerst in eigen huis de financiën op orde moeten brengen voordat ze aan nieuwe kredieten en nieuwe bestedingen denken. Het is Bush niet gelukt en hij is daar zichtbaar moe van geworden. Ook dat neemt die burger elke dag waar op z'n tv-scherm. Hij wil wel eens wat anders. En hij kiest voor de man die hem belooft dat hij de economie wel weer op gang kan krijgen.

In het algemeen geloven Democraten in de VS iets meer dan de Republikeinen dat een overheid de economie kan sturen. Van Clinton kan worden verwacht dat hij de economie een aantal extra stimulerende middelen zal toedienen. En daarmee komt een eerste bezwaar tegen de verkiezing van Bill Clinton op dit moment naar voren. De VS-economie lijkt zo langzamerhand overeind te krabbelen. Toegegeven, nog steeds zwakjes, maar er komt beweging. Als Clinton in zijn enthousiasme nog een aantal stimulansen geeft bovenop dit herstel, dan heeft dat al gauw oververhitting en prijsinflatie tot gevolg. Het is alsof je een tijger die grommend klaar staat om te springen nog even snel een voetzoeker aan zijn staart bindt. Hij schiet dan vrij zeker het doel voorbij.

Hoe dan ook, je kunt zeggen dat Clinton op de binnenlandse situatie een stimulerende werking heeft. En een aantrekkende economie in de VS heeft weer een positieve werking op de rest van de wereld.

Minder vrolijk voor de wereld als geheel is Clintons standpunt inzake de buitenlandse handel. Democraten in de VS zijn sneller dan Republikeinen geneigd tot protectionisme, tot het afschermen van de eigen markt tegen buitenlandse concurrentie. Republikeinen zijn voorstanders van vrije onbelemmerde handel.

Bush - en ook Reagan voordien - hebben heel wat protectionistische maatregelen weten tegen te houden. Van Clinton is bekend dat hij het NAFTA (North American Free Trade Area)-verdrag tussen de VS, Canada en Mexico nog eens nader op de korrel wil nemen. En het is misschien geen toeval dat de onderhandelingen tussen de EG en de VS over oliehoudende zaden in de verkiezingsnacht zijn vastgelopen. Op zichzelf hebben de VS daar gelijk. Een van de schandalen van het EG-landbouwbeleid is dat Europa oliehoudende zaden uitvoert met exportsubsidies. Wij zijn niet in staat deze produkten tegen een concurrerende prijs op de wereldmarkt aan te bieden. Dat lossen we op door de verkoopprijs kunstmatig te verlagen met behulp van een subsidie. Begrijpelijk dat onze concurrenten - de VS voorop - daar niet gelukkig mee zijn.

Onder Bush waren we er misschien nog wel uitgekomen. Met Clinton aan het roer zal harder tegen de EG worden opgetreden. Zijn bewind inzake internationale handel werpt intussen zijn schaduwen al vooruit. Verwacht mag worden dat de VS nu gaan doen waar ze al mee dreigden. Namelijk de invoer belemmeren van een aantal Europese land- en tuinbouwprodukten. Daarop zal Europa ongetwijfeld reageren. Een nieuwe handelsoorlog is daarmee een feit. Met als gevolg dat de standpunten zo verharden dat we ook een akkoord in de Uruguay-ronde van de GATT (Algemene Overeenkomst inzake Tarieven en Handel) op onze buik kunnen schrijven. Dit akkoord is al twee jaar over tijd en het dispuut tussen de VS en de EG over oliehoudende zaden was een van de hobbeltjes die nog genomen moesten worden. Slecht nieuws dus: een GATT-akkoord zou een impuls van 200 miljard dollar voor de wereldhandel betekenen. Niet alleen Europa, maar ook veel Derde wereldlanden zouden daarvan profiteren. Met de verkiezing van de binnenland-president Clinton mag men in de VS blij zijn. Het buitenland zou zich grote zorgen moeten maken.