Acteurs zwoegen op Wilde

Voorstelling: Ernst van Oscar Wilde. Gezelschap: STAN. Spel: Damiaan de Schrijver, Matthias de Koning, Willy Thomas, Jolente de Keersmaeker, Sara de Roo, Mieke Verdin. Regie en vertaling: bovengenoemden plus Frank Vercruyssen en An d'Huys. Gezien: 3/11 De Brakke Grond, Amsterdam. T/m 7/11 aldaar, Groningen (17 en 18/11) en Rotterdam (19, 20 en 21/11).

STAN (Stop Thinking About Names) is een punkgroep onder de theatergezelschappen. Dat is al te zien aan de schriftelijke informatie die de bezoeker bij het betreden van de zaal krijgt toegestopt. Hier geen verantwoord vormgegeven hoogglansdrukwerk, maar een slonzig A-viertje met daarop een haastig neergetypte tekst. Het lijkt wel of STAN uit protest tegen de soms wat al te gladde presentatie van de gevestigde gezelschappen het amateurisme tot norm verheven heeft.

Amateuristisch blijkt ook de manier waarop STAN met 'The Importance of Being Earnest' - in het Nederlands simpelweg afgekort tot 'Ernst' - van Oscar Wilde omgaat. Volgens de voorschriften van de schrijver dient deze klucht over de hogere kringen zich grotendeels in een 'weelderig en artistiek ingerichte kamer' af te spelen. Maar de enige weelde die STAN zich permitteerde is een enorme collectie toneellampen die pontificaal in het midden van het podium zijn opgesteld. Deze schijnwerpers zetten het toneel in een genadeloos kil licht. Het is duidelijk: hier wordt niet gespeeld, hier wordt gewerkt.

De zes acteurs zwoegen hoorbaar op hun monologen; soms vallen zij terug in een saaie schoolse dreun. Elke bladzij tekst die ze erop hebben zitten wordt ostentatief verfrommeld en op een hoop geworpen. Discordia-acteur Matthias de Koning, de begeleider van de groep, laat in zijn rol van huisknecht zien dat de regisseur bij STAN slechts een dienende functie heeft. Deze harkerige butler in een veel te korte pofbroek maakt zich nuttig als souffleur, speelt bijrollen met de tekst in de hand en regelt de techniek.

Oscar Wildes 'triviale komedie voor ernstige mensen' is eigenlijk niet veel meer dan een briljant en oubollig woordspelletje. Twee jongedames zijn verliefd op twee jongeheren die geen al te ernstige indruk maken, maar die zich toch allebei Ernst noemen. Allerlei persoonsverwisselingen maken de plot extra ingewikkeld. De klucht eindigt met het tableau van drie elkaar omarmende paren.

Het ligt voor de hand om met zo'n stuk eens flink de draak te steken. De spelers van STAN, hoe baldadig ook, doen dat gelukkig niet. Misschien is hun heftige stijl zelfs wel minder aanstellerig dan het nuffige spel van traditionele gezelschappen. In deze enscenering lopen Wildes spitsvondige dialogen voortdurend uit de hand. Maar hoezeer de personages ook hun best doen om uit de band te springen of anderen te beledigen, zij blijven gevangen in het web van de conventie.

Het 'toneelspelersgezelschap' STAN heeft in zijn driejarige bestaan al veel vijanden gemaakt. Zij betichten de jonge Vlamingen onder meer van gemakzucht, gebrek aan talent en epigonisme. Toegegeven: deze acteurs moeten hun talent nog bewijzen, en buitengewoon origineel kun je hun onbeholpen aanpak al evenmin noemen. Toch gaat STAN met 'Ernst' de goede kant op. Speciaal voor deze produktie maakte het een mooie, heldere vertaling van Wildes stuk. Die draagt STAN weliswaar enigszins houterig voor, maar ook met aandacht en respect.