Panic overleeft alsnog motie van wantrouwen

BELGRADO, 4 NOV. De Joegoslavische premier, Milan Panic, heeft gisteren een poging van aanhangers van de Servische president, Slobodan Milosevic, om hem ten val te brengen overleefd, omdat de Montenegrijnse leden van een der kamers van het Joegoslavische parlement weigerden een Servische motie van wantrouwen te steunen.

De motie werd met 17 stemmen voor en 18 tegen verworpen in de "Republiekskamer' van het parlement, waar de Montenegrijnen over twintig van de veertig zetels beschikken. Zij was eergisteren met grote meerderheid aanvaard in de "Burgerkamer' van het parlement, waar het demografisch overwicht van de Serviërs binnen Joegoslavië (Servië en Montenegro) tot uitdrukking komt.

Een adviseur van Panic meende na de stemming dat de poging van de aanhangers van Milosevic om Panic ten val te brengen “het internationaal prestige van de premier versterkt”, omdat hiermee definitief zou zijn afgerekend met de vermoedens dat Panic een propagandawapen van Milosevic zelf zou zijn. Waarnemers in Belgrado denken dat de stemming van gisteren een zware hypotheek kan leggen op de Servisch-Montenegrijnse samenwerking binnen Joegoslavië. Enkele Servische afgevaardigden zinspeelden daar gisteren op, bijvoorbeeld met de opmerking dat “Panic nu alleen nog maar de premier van Montenegro is”.

Het Servische parlement stelde inmiddels gisteren de Servische verkiezingen vast op 20 december, tegelijk met de al eerder aangekondigde federale (Joegoslavische) verkiezingen. De Serviërs zullen op die datum dus presidenten en parlementen voor zowel Servië als Joegoslavië kiezen. De Servische regering vermeed gisteren een mogelijke boycot van deze stemmingen door de Servische oppositie, door Servië in negen kiesdistricten in te delen. Eerder had men in de republiek twintig kiesdistricten willen instellen, wat electoraal zeer in het voordeel van de regerende partij, Milosevic' Servische Socialistische Partij (SPS), had gewerkt.

De steun voor Panic van de Montenegrijnen hangt samen met toenemende ergernis in Montenegro over de nationalistische politiek van Milosevic en het voortduren van de internationale sancties, die ook Montenegro treffen. Voor het eerst wordt in Joegoslavië nu openlijk over de mogelijkheid van een Montenegrijnse afscheiding uit Joegoslavië gesproken.

Panic' critici verwijten de premier vooral de belangen van de Servische minderheden in Kroatië en Bosnië te verraden, doordat hij de door hen veroverde gebieden niet tot de Joegoslavische federatie wil toelaten en Kroatië en Bosnië binnen hun eigen grenzen wil erkennen. Sommige afgevaardigden maakten Panic, een Amerikaans staatsburger, de afgelopen dagen ook uit voor een Amerikaanse spion, of ten minste een Amerikaans paard van Troje.