Eurogiro betalingssysteem tussen 14 Europese landen

Veertien Europese giro- en postbanken, waaronder de Nederlandse Postbank, introduceren op 17 november een nieuw betalingssysteem voor grensoverschrijdende betalingen, genaamd Eurogiro. De Postbank is een volledige dochteronderneming van ING Bank.

Eurogiro stelt de ruim veertig miljoen cliënten van de betrokken banken in staat geld naar het buitenland over te maken binnen vier dagen tegen een vaste prijs van omgerekend 35 gulden per transactie. In het nieuwe betalingssysteem participeren giro- en postbanken uit Oostenrijk, België, Denemarken, Finland, Frankrijk, Duitsland, Finland, Frankrijk, Ierland, Luxemburg, Noorwegen, Spanje, Zweden, Zwitserland, Groot-Brittannië en Nederland.

Eurogiro maakt gebruik van een centraal computersysteem. Betalingsopdrachten kunnen telefonisch worden verstrekt. Eurogiro garandeert dat het over te maken bedrag binnen vier dagen staat bijgeschreven op de rekening van de begunstigde.

De meest gebruikte manier om geld naar het buitenland over te maken is het bestellen ven van een bankcheque. Daarmee zijn relatief hoge kosten gemoeid, vooral bij kleine bedragen. Bovendien neemt de afwikkeling soms weken in beslag.

Eurogiro is volgens de Postbank efficiënt en kostenbesparend. Deze visie wordt niet gedeeld door ABN Amro die verbaasd reageerde op het relatief hoge Eurogiro-tarief van 35 gulden per transactie. ABN Amro rekent één promille van het over te maken bedrag met een minimum van 15 gulden en een maximum van 150 gulden. Uitgaande van deze tarieven zou Eurogiro pas bij een bedrag van minimaal 35.000 gulden voordeliger zijn dan ABN Amro. “Aangezien de Postbank vooral mikt op particulieren is dat een behoorlijk bedrag”, aldus een ABN Amro-woordvoerder.

In tegenstelling tot Eurogiro garandeert ABN Amro overigens niet dat de begunstigde het bedrag binnen vier dagen heeft ontvangen. Dat wordt vooral bepaald door de snelheid waarmee buitenlandse collega's betalingen afhandelen.