Betere beveiliging Ekofisk toegezegd

ROTTERDAM, 3 NOV. De oliemaatschappijen die het Noorse offshore olieveld Ekofisk exploiteren zijn bereid tot ingrijpende verbetering van de veiligheid op de installaties. Maar het Noorse Petroleum Directoraat (NPD), de overheidsinstantie die waakt over de veiligheid van olie- en gasinstallaties, blijft er rekening mee houden dat het Ekofisk-systeem toch uiterlijk in 1995 moet worden gesloten.

Ekofisk, 200 kilometer ten zuidwesten van Stavanger, is een van de grootste olievelden op Noors gebied, met een dagelijkse produktie van 600.000 vaten olie en 56.000 kubieke meter aardgas. Tien produktieplatforms zorgen voor de aanvoer. Olie wordt via pijpleidingen voornamelijk naar Groot-Brittannië getransporteerd. Het aardgas gaat naar Noord-Duitsland. Ekofisk heeft reserves om tot het jaar 2043 in produktie te blijven. Sluiting van het systeem zou een enorme terugval voor de Noorse olie- en gas-export betekenen.

Drie weken geleden gaf het NPD de Phillips Groep, die de produktie op het Ekosfisk-veld verzorgt, een officiële aanwijzing om op straffe van sluiting snel een plan voor drastische verbetering van de veiligheidsvoorzieningen in te dienen. Sterke veroudering van de installaties, slecht onderhoud en een aanhoudende daling van de zeebodem ter plaatse gaven het NPD aanleiding tot grote zorg over de veiligheid van het personeel en het Noordzeemilieu. De Phillips Groep, met als belangrijkste participant het Amerikaanse concern Phillips Petroleum in Oklahoma, tevens uitvoerder van de produktie- en transportwerkzaamheden op Ekofisk, stuurde vrijdag een brief naar het NPD waarin verbetering van de installaties wordt aangekondigd.

Sluiting van het volgens NPD gevaarlijkste onderdeel, de centrale opslagtank van Ekofisk die fungeert als opslag- en verdeelpunt voor het grootste olie- en gastransportsysteem ter wereld, wil de Phillips Groep pas op langere termijn overwegen.

Woordvoerder Jan Hagland van het NPD-kantoor in Stavanger zegt: “Uit de brief blijkt dat men de problemen onderkent, dat is positief. Phillips is bereid de installaties voor behandeling van olie en gas naar een ander platform over te plaatsen. De compressoren voor het transport willen ze echter op de centrale tank laten staan. Verder wil de uitvoerder veel meer water in de oliebronnen injecteren, waardoor de daling van de zeebodem zou worden beperkt. Maar wij achten het centrale platform met de opslagtank zo gevaarlijk, dat we die installatie uiterlijk in 1995 willen sluiten. Phillips wil meer tijd. Ze zullen een moeilijke taak krijgen om ons te overtuigen.”

Volgens Hagland is de zware betonnen constructie die de Phillips Groep in de jaren '80 ter versteviging rondom de onderwater-tank heeft laten aanbrengen, niet meer voldoende om de veiligheid voldoende te garanderen. “Dat was een oplossing gebaseerd op die periode, maar die heeft weer nieuwe problemen gecreëerd. Bovendien is de verzakking van de zeebodem daarna in een snel tempo doorgegaan.” In totaal daalde de bodem op het Ekofisk-veld sinds 1972 met ruim 5 meter.

Phillips en de NPD zullen nu elk onafhankelijke adviesbureaus opdracht geven om te onderzoeken welke technische voorzieningen nodig zijn om Ekofisk veilig te laten werken. Phillips schrijft in zijn antwoord op de aanwijzing van NPD dat alle deelnemers in de groep de veiligheid als hoogste prioriteit in hun vaandel dragen, en dat de installaties op dit moment als veilig worden beschouwd. Met dat laatste is het NPD het niet eens. Phillips heeft al eerder een evaluatiestudie voor de lange termijn in gang gezet en kondigt nu voor de korte termijn “interim-maatregelen” aan.