Advies: tarieven van specialisten 15 pct omlaag

DEN HAAG, 3 NOV. De tarieven van specialisten moeten volgens berekeningen van het Centraal Orgaan Tarieven Gezondheidszorg (COTG) met gemiddeld 15 procent omlaag.

Staatssecretaris Simons (volksgezondheid) had het tarievenorgaan advies gevraagd over een tariefsverlaging per 1 januari 1993 om een kostenoverschrijding bij de specialisten van 384 miljoen gulden te compenseren. Het COTG gaat na enkele correcties uit van 367 miljoen gulden in plaats van 384 miljoen. In de particuliere sector zouden de tarieven met 12,6 procent omlaag moeten, in de ziekenfondssector met 14,2 procent en in de psychiatrie, die bekostigd wordt uit het fonds van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten, met 43,5 procent. In de psychiatrie zijn de kosten vorig jaar met bijna honderd procent overschreden.

Lagere tarieven zijn nodig, omdat in 1991 384 miljoen meer aan specialistische hulp is uitgegeven dan de 2,1 miljard waarover ziekenhuizen, drie organisaties van verzekeraars en de organisatie van de specialisten eind 1989 onder druk van het kabinet afspraken hebben gemaakt. Onderdeel van dit zogenoemde Vijfpartijenakkoord was de afspraak dat uitgaven boven de 2,1 miljard gulden (het bedrag dat in 1989 aan specialistische hulp werd uitgegeven) door de specialisten in de vorm van een tariefsverlaging zou worden "terugbetaald'. De overeenkomst geldt tot 1 januari 1993.

De vijf partijen zijn er nog niet in geslaagd met elkaar afspraken te maken over kostenbeheersing in 1993 en volgende jaren. Ook gisteren mislukte het overleg over de tariefsverlagingen. De specialisten vinden dat een tariefsverlaging volgend jaar niet nodig is, als in de kosten rekening wordt gehouden met factoren waarop de specialisten geen invloed hebben, zoals de bevolkingsgroei en de vergrijzing. Dat gaat de verzekeraars te ver; zij vinden tariefsverlaging wel noodzakelijk.

Alle betrokkenen, inclusief specialisten en de staatssecretaris, zijn het erover eens dat tariefsverlaging een slechte manier is om kostenbesparingen te bereiken. Als tarieven omlaag gaan, reageren specialisten daarop met het opvoeren van het aantal verrichtingen. Op die manier worden de inkomens nauwelijks aangetast. Het ministerie van WVC werkt aan een nieuwe wijze van honorering waarbij het aantal verrichtingen niet meer bepalend is voor het inkomen van de specialist. Daarbij wordt gedacht aan abonnementshonorering en uurtarieven. Ook verzekeraars, ziekenhuizen en specialisten zijn het er over eens dat er een andere tariefstructuur moet komen.