Achter De Jong schuilt klein menselijk drama

EINDHOVEN, 3 NOV. “Berry had derrie en daarom speelde Jerry.” Hans Westerhof, trainer van PSV, deed er de afgelopen zondag na de wedstrijd tegen FC Twente nogal lollig over toen hij moest uitleggen waarom hij Jerry de Jong had opgesteld. Voor het eerst sinds de coach in Eindhoven werkt stond de verdediger in het basisteam, want Berry van Aerle, de vaste keus op rechts, was niet inzetbaar wegens buikgriep.

Het grapje was best leuk, als er achter De Jong niet een klein menselijk drama schuilde. Ruim drie jaar geleden haalde PSV hem voor drie ton weg bij Heerenveen met de bedoeling om Eric Gerets, die aan slijtage onderhevig was, af en toe te vervangen. In zijn tweede seizoen kreeg én greep De Jong zijn kans. Negentien competitiewedstrijden liet de snelle back zich zien van zijn beste kant. Daarmee maakte hij zoveel indruk dat bondscoach Rinus Michels hem vier keer uitnodigde voor het Nederlands elftal. Drie maal speelde hij: tegen Griekenland thuis, Malta uit en Finland thuis. In de laatste interland werd hij misbruikt: links in de zône, dat is niets voor hem. Maar in die andere duels waren vedetten Van Basten en Gullit zeer te spreken over de inbreng van De Jong die Oranje in de opbouw veel meer snelheid gaf.

Zo plotseling als hij kwam, verdween hij ook weer. Kort voor de wedstrijd tegen Feyenoord (6-0) dirigeerde trainer Bobby Robson hem naar de reservebank om plaats te maken voor de herstelde Van Aerle. De weg terug naar het basisteam werd voor De Jong daarna afgegrendeld. “Ik was erg teleurgesteld. Ik had er keihard voor gewerkt om zover te komen. Ineens moest ik weer concurreren met Gerets. Dat was een fantastische verdediger. In zijn nadagen profiteerde hij van zijn naam en daartegen kun je niet voetballen. Aan het einde van dat seizoen '90-'91 liep mijn contract af. Ik wilde weg. Maar PSV vroeg twee miljoen. Aanvankelijk werd mij ook nog een teleurstellende aanbieding gedaan. Uiteindelijk lag er toch een goed contract. En ik kreeg te horen dat "Gerets niet het eeuwige leven heeft'. Daarom besloot ik bij te tekenen. Maar als ik dat toen allemaal had geweten was ik er nooit aan begonnen.”

In de afgelopen anderhalf jaar speelde De Jong welgeteld drie wedstrijden. Hij is nu 28 en zit op een dood spoor. Bij PSV kwijnt hij langzaam weg. In Athene werd hij vernederd tot op het bot. Fanatiek liep hij zich langs de lijn tot twee keer toe warm, even zoveel keer mocht hij weer gaan zitten. “Als de trainer het op dat moment vraagt doe je dat. Want je weet hoe belangrijk het is voor de club om bij de laatste acht van Europa te komen. Achteraf denk je: "shit Jer, je werkt je rot en je komt er niet in. Wat ben je nou aan het doen'? Ik wil geenszins als een zeikerd overkomen. Ze mogen me niet gaan beschouwen als een ettertje die de boel loopt te verzieken. Maar soms is dit bestaan toch wel heel moeilijk op te brengen. Dan moet ik er thuis over praten.”

Morgen, in de allesbeslissende return tegen AEK, zit De Jong weer op de bank. Hopend dat hij misschien een paar minuutjes mag invallen. Maar zelfs daarvan is de afgelopen anderhalf jaar nauwelijks sprake geweest. Hij zou zo graag het soppige gras onder zijn voeten voelen. De spanning van de wedstrijd beleven en genieten van het heerlijke gevoel na een overwinning of een goede persoonlijke prestatie. “Je gaat mee. Je kleedt je om. Je zit op de bank. Je pakt je spullen weer droog in. Je hangt er eigenlijk maar een beetje bij. Als je speelt is dat toch allemaal heel anders.”

De Jong groeide op in de Amsterdamse Kinkerbuurt, slechts enkele straten verder waar Gullit en Rijkaard na schooltijd de basis legden voor een fantastische loopbaan. Af en toe kwamen ze elkaar tegen. De Jong ging naar SDW, Gullit werd lid van DWS. Allochtonen, of kinderen van hen, zijn in Amsterdam de laatste straatvoetballers. Ze spelen nog met hun hart, wars van taktische beperkingen. Voor hen is voetbal plezier en geen verplichting. “Er is een tijd geweest dat we in de vakantie allemaal nog eens bij elkaar kwamen. Ruud Gullit zat daarbij, Stanley Menzo, Ulrich Wilson maar ook Fred Patrick, Paul Nortan en Sigi Lens. In de stad zagen we elkaar en spraken we af. De volgende dag stonden we dan op een handbalveldje in Ouderkerk te voetballen, te dollen en elkaar in de maling te nemen. Patrick is er niet meer. Hij zat net als Lens in het vliegtuig dat neerstortte op Zanderij. Ik was ook meegevlogen als ik niet met Heerenveen de nacompetitie had moeten spelen.”

Georg Kessler ontdekte De Jong bij SDW en contracteerde hem voor AZ'67. Omdat hij zijn school liet prevaleren miste hij in Alkmaar de boot. Via Telstar kreeg De Jong alsnog een kans op een voetballoopbaan bij Heerenveen. Hij wordt door medespelers nogal eigenwijs genoemd als het gaat om het uitvoeren van taktische opdrachten. Trainer Westerhof van PSV heeft het vanaf het begin niet zien zitten in De Jong. Hij gaf de voorkeur aan zijn oogappel Ernest Faber voor de positie van mandekker in het centrum. Van Aerle nam de plaats over van de gestopte Gerets. Zo werd De Jong derde keus. Westerhof vindt dat De Jong te weinig spelinzicht heeft. Hij zou tegen FC Twente bijvoorbeeld onvoldoende hebben geanticipeerd toen zijn tegenstander Kool van de linkerkant in het centrum ging voetballen.

Westerhof zegt vanaf het begin af aan duidelijk te zijn geweest. Maar De Jong heeft in het spelershome zelf een keer het initiatief moeten nemen om te vragen wat zijn bedoelingen waren. Westerhof: “Toen Jerry dit seizoen geblesseerd was, schakelde Faber Blinker en Bergkamp uit. Ernest weet precies hoe je een aanvaller moet opvangen. Ik zie in Jerry meer een rechtsback die ook in het centrum kan spelen. En aan de rechterkant is hij stand-in voor Van Aerle.” De Jong vindt dat hij nooit een eerlijke kans heeft gekregen. “Er is geen sprake geweest van een concurrentiestrijd. De beslissing van de trainer heeft altijd vast gestaan. Als je regelmatig speelt, groei je met het elftal mee. Dat merkt Faber nu ook. De trainer zou me eerst een wedstrijd of acht een kans moeten geven voor hij over me kan oordelen.”

Hoewel De Jong afgelopen weekeinde dus eindelijk een hele wedstrijd mocht opdraven en een paar dagen eerder ook tegen Volendam inviel, is zijn geduld op. Aan het einde van het seizoen loopt zijn contract af en dan wil hij uitkijken naar een andere club. Redden wat er nog te redden valt met zijn carrière. “Als er perspectief inzit wil ik zelfs tussentijds al weg. Ik heb er alles voor over om weer te voetballen. Maar ik moet voorzichtig zijn. Er zijn momenteel zoveel werkloze spelers. Ik zou best naar het buitenland willen. Engeland, Frankrijk of Zwitserland. Het leven gaat straks ook zonder PSV wel verder. Als je speelt is dit de mooiste club van Nederland. Maar ik vind deze situatie gewoon te frustrerend.”