Vertraging van hockeybeleid roept bij Oltmans irritatie op

WASSENAAR, 2 NOV. De nieuwe bondscoach van de hockeyers, Roelant Oltmans, heeft zijn eerste training van de nationale selectie moeten uitstellen. Die was voor komende woensdag gepland. Aangezien het bondsbestuur twee maanden na het vertrek van Hans Jorritsma het volledige begeleidingsteam van Oranje nog niet heeft samengesteld kan er niet worden begonnen. Oltmans deed gistermiddag in Wassenaar waar hij zijn selectie bekend zou maken zijn uiterste best om zijn irritatie over de vertraging te verbergen. Helemaal lukte dat niet. “Ik denk dat het allemaal wel wat sneller had gekund”, liet hij zich ontvallen.

Met Koos Formsma (manager), Rob Feenstra (arts), Maarten van Dunné (fysiotherapeut) en Oltmans zelf zijn vier van de vijf functies van het begeleidingsteam ingevuld. Het gaat alleen nog om de assistent-bondscoach. Oltmans wil Bert Bunnik, maar het bondsbestuur is daar niet voor. Dat heeft een sterke voorkeur voor Harrie Delmee. Hessel Polstra, bestuurslid technische zaken, spreekt van “het droombeeld” om uiterlijk eind deze week “het totaalpakket” van én de namen van de begeleiders én die van de leden van de nieuwe selectie naar buiten te brengen.

Daar rekent Oltmans dan maar op. Dan kan er op 11 november met de centrale training worden gestart. Oltmans staat te popelen. De bondscoach bezocht gisteren uiteraard de topper in de hoofdklasse tussen HGC en Klein Zwitserland (3-2). Oltmans moest 's ochtends zelf op hetzelfde veld hockeyen. Hij speelt in een veteranenelftal van HGC en won 's ochtends met 15-1 van een team van Klein Zwitserland. 's Middags keek hij op het meest gure plekje op De Roggewoning, op de hoogste hoekplaats van de onoverdekte tribune, toe bij de altijd beladen derby tussen de eerste elftallen van beide clubs. Met name de tweede helft kon hem zeer boeien.

Oltmans is momenteel toch goed te spreken over het spelpeil in de hoofdklasse. Hij heeft de indruk gekregen dat veel clubs na de alarmerende berichten over het niveau harder of beter zijn gaan trainen. Hij noemt dat “een heerlijke tendens”. De selectie zal uit liefst 25 spelers bestaan. Oltmans ziet geen grote problemen met de bezetting van bepaalde posities ondanks dat KZ'er Maurits Crucq, de ideale laatste man, een verzoek van de bondscoach om bij Oranje terug te keren wegens drukke werkzaamheden - hij is piloot - deze week niet kon inwilligen.

Volgens Oltmans zijn alleen de mogelijkheden wat betreft de linkerspits-plaats momenteel niet erg groot. Gijs Weterings is tegenwoordig laatste man bij HGC en heeft na Barcelona bovendien bedankt voor het Nederlands elftal en hoofdklasse-topscorer Taco van den Honert speelt bij zijn club, koploper Amsterdam, ook op een andere positie.

Aan goede keepers heeft Nederland ondanks het internationale afscheid van routinier Frank Leistra in ieder geval geen gebrek. Net zoals in het voetbal met Van Breukelen en Menzo ligt het voor de hand dat Bart Looije van HGC, lange tijd de nummer twee, de nieuwe man in het doel wordt. Hij is een betrouwbare sluitpost. Achter hem staat echter een peloton collega's klaar, Richard Lemaire (HDM), Jorritsma's derde keeper, Erik Jan de Rooij (Bloemendaal) en Pinoké-coach Bert Bunnik pleitte er laatst voor zijn keeper Hans Reuver een kans te geven.

Norbert Nederlof, trainer-coach van KZ, vindt zijn doelman Niek van Exel de beste keeper van Nederland. Van Exel is een opvallende verschijning in de hoofdklasse. Hij is de langste keeper van de hoofdklasse, 1.97 meter, en begon pas heel laat, op z'n 21ste, met hockeyen. Van Exel, werkzaam en woonachtig in Rotterdam, meldde zich aan het begin van dit seizoen zelf bij KZ aan na bij Groninger Studenten (drie jaar) en Hattem (twee jaar) te hebben gespeeld. Hij kreeg in Groningen een kundige opleiding van ex-zaalinternational Carel Roessingh. Van Exel noemt zichzelf “een agressieve cirkelkeeper”. Hij ligt voortdurend op de grond en lijkt van zijn lengte geen last te hebben. “Integendeel, ik kan overal bij.”

Van Exel keept tot nu sterk. Vooral in de wedstrijd tegen HDM blonk hij uit. Ook gisteren tegen HGC verrichtte hij een aantal fraaie reddingen en aan de drie treffers van Bastiaan Poortenaar (perfecte push in de bovenhoek), Robbert Delissen (na een fraaie actie van zijn broer Marc) en Hans Willem Dicke had hij geen schuld. “Maar na drie tegendoelpunten zit je hoe dan ook stuk”, aldus de ambitieuze Van Exel. Hij had zich tijdens de wedstrijd uitermate kwaad gemaakt over de winnende goal van HGC. Hij zou, zo beweerde Van Exel, een klap tegen zijn arm hebben gekregen. “Van wie? Weet ik veel. Je ziet alleen een heleboel benen voor je neus.”

Uitgerekend Van Exels collega aan de andere kant, Bart Looije, keepte gistermiddag een ongelukkige wedstrijd in het HGC-doel. Bij beide tegendoelpunten, van Rochus Westbroek, leek hij in de fout te gaan. Looije haastte zich na afloop om die indruk bij iedereen, óók Oltmans en zijn eigen coach Mark Bouwman, weg te nemen. “Er komen allemaal mensen naar me toe die zeggen dat het door die overwinning toch nog goed is afgelopen. Daar word ik gek van.” Vervolgens legde hij uit dat hij bij de eerste treffer door een schijnbeweging van Crucq in verwarring was gebracht en dat bij de tweede zijn aanvoerder Marc Delissen de bal van richting had veranderd. Looije tekende de situatie graag nog even uit. “Ik kan nu geen narigheid gebruiken.” De tv-beelden gaven hem later gelijk.

    • Hans Klippus