Strijd in Angola gaat door ondanks staakt-het-vuren

LUANDA, 2 NOV. In Angola is een bestand dat om middernacht inging en een eind moest maken aan verbitterde gevechten die drie dagen hebben geduurd, grotendeels een dode letter gebleven. In en rond de hoofdstad Luanda werd vanochtend gevochten. Er zijn de afgelopen dagen zeker driehonderd doden gevallen.

Volgens de Angolese politie zijn onder de doden twee belangrijke leiders van Unita, de vice-voorzitter van de organisatie, Jeremias Chitunda, en de hoogste militaire vertegenwoordiger van Unita in Luanda, Elias Salupeto Pena. Zij zouden zijn gedood toen ze trachtten Luanda te ontvluchten. Onder de doden zijn ook drie Portugezen.

Het staakt-het-vuren was gisteravond tot stand gebracht in persoonlijke contacten van VN-secretaris-generaal Boutros Ghali met de leiders van de strijdende partijen, MPLA-leider en president Dos Santos en Unita-leider Savimbi.

Niet bekend

Wie de gevechten is begonnen is niet met zekerheid te zeggen, maar waarnemers brengen de strijd algemeen in verband met de uitslag van de recente presidents- en parlementsverkiezingen in Angola, die zijn uitgelopen op een nederlaag van Jonas Savimbi's Unita. Savimbi heeft geweigerd zich bij zijn nederlaag neer te leggen. Hij heeft zich beklaagd over verkiezingsfraude en een herhaling geëist van de verkiezingen in zeven provincies. Pogingen van diplomaten uit de VS en Zuid-Afrika - zijn belangrijkste bondgenoten in het verleden - om hem op andere gedachten te brengen, zijn mislukt.

Pag 4: Gevaar voor escalatie van gevechten in Angola

Waarnemers verwachten niet dat Savimbi bewust aanstuurt op een hervatting van de burgeroorlog, aangezien hij daartoe wegens het wegvallen van de steun van Zuid-Afrika niet toe in staat is. De opgelaaide gevechten worden door deze waarnemers in verband gebracht met Savimbi's wens, zijn positie aan de onderhandelingstafel te versterken. Wel is het gevaar van escalatie groot.

Volgens de laatste berichten uit Angola werd er vanochtend in Luanda opnieuw geschoten. In Huambo, het belangrijkste bolwerk van Unita waar de strijd vrijdag begon, en in de provincie Huila zou het rustig zijn. Bij de gevechten rond Unita-kantoren en -stellingen vochten gewapende burgers zij aan zij met de ordetroepen van de regering. De strijd concentreerde zich vooral in de diplomatenwijk Miramar, waar niet alleen Savimbi's plaatselijke hoofdkwartier ligt, maar waar Unita ook een sterke militaire eenheid heeft gelegerd dat zich met zware artillerie verdedigde. Ook rond Hotel Turismo in het centrum van Luanda werd zwaar gevochten. Volgens sommige berichten zijn bij de strijd twee leden van het VN-waarnemerskorps gedood; deze berichten konden door de VN-missie in Luanda niet worden bevestigd.

De meeste landen hebben hun burgers die zich in Angola bevonden dit weekeinde opgeroepen het land te verlaten. Brazilië heeft troepen naar Angola gestuurd om bij de evacuatie te helpen; zaterdag slaagden zij er al in 412 mensen aan boord van twee DC-10's en een Hercules-transportvliegtuig te evacueren. Zuid-Afrika heeft een schip met helikopters gestuurd. Een Griekse vrachtboot heeft voor de kust van Luanda tweehonderd buitenlanders - vooral Zuidafrikanen - opgepikt. Portugal heeft schepen en vliegtuigen overgebracht naar de eilandrepubliek São Tomé e Principe om vluchtelingen vandaar naar Portugal over te brengen; in Angola bevinden zich 40.000 Portugezen.

In de olierijke enclave Cabinda heeft het FLEC, het front dat strijd voor de onafhankelijkheid van het gebied, alle buitenlanders tot 8 november de tijd gegeven te vertrekken. Op die dag wil het FLEC in de aanval gaan. (Reuter, AFP, AP)