Strauss van wisselend peil onder De Waart

Concert: Radio Filharmonisch Orkest o.l.v. Edo de Waart m.m.v. Deborah Voigt (sopraan), Norbert Orth (tenor), Miranda van Kralingen (sopraan), Margareth Beunders (alt) en Ellen van Lier (sopraan). Programma: R. Strauss: orkestliederen; Serenade op 7; delen uit Die ägyptische Helena en Ariadne auf Naxos; Sinfonische Fantasie Die Frau ohne Schatten. Gehoord: 31/10 Concertgebouw Amsterdam. Radio-uitz.: 6/11 20.02 uur Vara Radio 4.

Precies vijftieneneenhalf uur nadat Edo de Waart vrijdagavond in Rotterdam het podium van De Doelen had verlaten na een prachtige uitvoering van Mahlers Das Lied von der Erde met het Rotterdams Philharmonisch Orkest en Jessye Norman, stond hij zaterdagmiddag alweer op het podium van het Amsterdamse Concertgebouw voor een Varamatinee met het Radio Filharmonisch Orkest. Ook hier was het repertoire voornamelijk vocaal - liederen van Strauss en delen uit enkele van zijn opera's - met alweer een Amerikaanse diva: Deborah Voigt. Zij viel in nadat de oorspronkelijk aangekondigde Alessandra Marc, de formidabele Kaiserin uit de ook door De Waart gedirigeerde Varaversie van Die Frau ohne Schatten, verhinderd was wegens plaatopnamen van Der Ring des Nibelungen onder leiding van Christoph von Dohnanyi.

Deze Varamatinee viel helaas wat tegen en niet alleen omdat vlak na Norman de vertolking van zulk typisch Normanrepertoire door anderen altijd wat bleek lijkt. Voigt heeft wel een zeer mooie, grote en heldere stem maar die is in de lange hoge noten net niet strak genoeg en ze mist in kleuring en voordracht iets van dat superieur stralende en exquise raffinement dat dit repertoire op werkelijk vervoerende hoogte kan tillen.

Voigt toonde echter voldoende enthousiasme en inzet, zeker in de lange slotscène van Ariadne auf Naxos, maar de omstandigheden werkten niet erg mee. De Waart was kennelijk niet in staat het gehele concert op het hoogste niveau te dirigeren en in Ariadne werd de rol van Bacchus nogal pover gezongen door de tenor Norbert Orth. Miranda van Kralingen, Margareth Beunders en Ellen van Lier hadden als wat nymfen gezamenlijk slechts één strofe te zingen.

De Serenade in Es voor dertien blazers, een jeugdwerkje van Strauss, herinnerde aan De Waarts werk bij het Nederlands Blazers Ensemble maar verdiende zeker in deze uitvoering geen prominente plaats op zo'n concert. De tot slot gedreven en vaak weelderig gespeelde symfonische fantasie Die Frau ohne Schatten betekende een revanche.