HAVELIANA II

Václav Havel. Biografie door Eda Kriseová 240 blz., De Prom 1992, f 45,-- ISBN 90 6801 266 5

Een ander nieuw deeltje in de Haveliana-bibliotheek is Václav Havel. Biografie van de vroegere dissidente Eda Kriseová. Een geautoriseerde biografie, meldt Uitgeverij De Prom. Die autorisatie moet blijken uit een vijfregelige opmerking van Havel waar het boek mee begint: ""Dit boek is de visie van de schrijfster op mijn leven en werk. Het is haar visie en ik kan moeilijk beoordelen in hoeverre die juist is. Ik kan alleen maar hopen dat ze niet alleen mij, maar via mij ook mijn land dichter bij de lezers brengt.'

Men kan dat een autorisatie noemen. Ik lees het meer als een diskwalificatie, een poging, een zo groot mogelijke distantie tot het boek aan te geven. En terecht, want als biografie is Kriseová's boek een mislukking.

Het boek heeft zeker verdiensten, zoals de grondigheid, al is een teveel daaraan hier en daar irritant. Als Kriseová weer eens een huiszoeking vermeldt bij leidende figuren van Charta '77, zit de lezer niet te wachten op de brave opsomming van alle veertien namen van de getroffenen en hij wil ook niet weten wie de deelnemers aan weer zo'n illegale bijeenkomst in de jaren tachtig met de auto naar huis heeft gebracht of hoe de boekhouder en de secretaresse heten van een theatertje waar Havel in de jaren zestig even heeft verkeerd, als die boekhouder en die secretaresse verder geen enkele rol meer hebben gespeeld.

Veel erger is de rommelige opzet van het boek. Het is een anekdotisch werk, waarin de anekdotes als los zand aan elkaar hangen, waarin een loopje wordt genomen met de chronologie, waarin geen rode draad is te vinden, waarin van de hak op de tak wordt gesprongen en waarin eindeloos wordt opgesomd zonder dat de hoofdpersoon (laat staan de mindere goden) werkelijk uit de verf komt. Het enige hoofdstuk dat goed is behandeld, is dat over de revolutie-maand november 1989.

Het meest irritant in Kriseová's werk is evenwel haar ongelimiteerde liefde voor haar held Havel, die ze ergens zelfs omschrijft als goddelijk (""Hij ziet eruit als een goddelijk mens en is dat ook'). Ze heeft het ook gaandeweg niet meer over "Havel' maar over "Václav' of zelfs over "Vasek' (verkleinwoord van Václav), en als ze schrijft over de brief die Havel in 1975 aan president Husák schreef, opent ze meteen ""een nieuwe periode in de Tsjechoslowaakse geschiedenis'. Om in Havels terminologie te blijven: een pseudo-biografie. Alleen de foto's (waarbij veel uit het familie-archief van de Havels) zijn de moeite waard.