GENEZERS

Hedendaagse kwakzalverij. Alternatieve geneeswijzen nader beschouwd door Cees Renckens 165 blz., Prometheus 1992 f 18,90 ISBN 90 5333 162 X

Zolang er artsen bestaan bestrijden ze kwakzalvers en sinds zowel artsen als kwakzalvers kunnen schrijven bestrijden ze elkaar met pamfletten, boeken en academische proefschriften.

De gynaecoloog Cees Renckens heeft aan de lange rij een pamflet toegevoegd. Renckens is voorzitter van de eerbiedwaardige Nederlandse Vereniging tegen de Kwakzalverij. Deze belangenvereniging van artsen ontstond in 1880. Toen kregen de academisch opgeleide medici door dat de wetten op de geneeskunde van Thorbecke (1865) hen op papier het zo gewenste monopolie op het geneeskundig handelen hadden gegeven, maar dat daar in de praktijk weinig van terecht kwam.

Het boek biedt een beknopte geschiedenis van kwakzalverij. Daarna behandelt Renckens paragraafsgewijs homeopathie, natuurgeneeswijze, paranormale en antroposofische geneeswijze, acupunctuur, manuele geneeskunde, gebedsgenezing, hap-tonomie, kruidengeneeskunde, orthomoleculaire geneeskunde, iriscopie en chelatietherapie. Speciale acties van kwakzalvers tegen kanker, voor sporters, in de landbouw en tandheelkunde, voor verjonging en ten behoeve van kleine huisdieren komen aan de orde. Renckens besluit met een verklaring voor de ongekende bloei van de alternatieve geneeskunde. Dit ondanks de inspanningen van zijn vereniging en het feit dat ""de gewone geneeskunde succesvoller is dan ooit''.

Het boekje van Renckens is niet geschikt als naslagwerk, want als hij een van de omstreden therapieën probeert uit te leggen, begint hij meteen aan de bestrijding ervan. Hij kan met gemak tot 1879, zelfs tot 1842 teruggrijpen want de tegenargumenten zijn grotendeels hetzelfde gebleven. Waar hij oudere door hem gewaardeerde auteurs aanhaalt doorspekt hij hun betoog met recente onderzoekuitkomsten en met wat misschien zijn eigen argumenten zijn. Van recent evaluatie-onderzoek, zoals dat van de Maastrichtse epidemioloog Knipschild, meldt hij alleen de voor de alternatieve geneeskunde negatieve resultaten. Dat is niet netjes van zo'n regulier medicus die de wetenschappelijke methode zo hart-stochtelijk aanhangt.

Renckens komt in zijn epiloog tot een eenduidige conclusie: ""Er is slechts één geneeskunde en die geneeskunde berust op algemeen aanvaarde en voor iedereen gecontroleerde wetenschappelijke kennis''. Inderdaad, er klopt vrijwel niets van de theoretische onderbouwing van de geneeswijzen buiten ziekenhuis en huisartsenpraktijk. Renckens kijkt echter alleen naar buiten. Binnen zijn eigen reguliere muren vinden we ook nog heel wat praktijken die meestal onnodig zijn (baarmoederverwijderingen, amandelknipperij, prostaatoperaties, veel diagnostiek), overhaast ingevoerde nieuwigheden die niet bewezen beter zijn dan oude technieken (veel laparoscopie) en handelingen van uiterst twijfelachtige effectiviteit (in vitro fertilisatie). Verbazingwekkend dat iemand een boek kan schrijven over zaken die hij niet praktiseert, terwijl hij zijn eigen handelingen en die van zijn reguliere collega's boven iedere kritiek verheft.

Het boek van Renckens leidt in eigen kring waarschijnlijk tot schouderklopperij. ""Goed gedaan kerel, dat zal ze leren!'' Maar gewone mensen die wanhopig op zoek zijn naar gezondheid en genoeg hebben van de kille mallemolen van wachtkamer, apotheek, polikliniek en ziekenhuis, patiënten die geen god hebben om op terug te vallen en toch hun ziekte niet accepteren, vallen vanzelf terug op alternatieve genezers. Daar verandert Renckens niets aan en daar zal de Vereniging tegen de Kwakzalverij ook de komende eeuw wel niets aan kunnen veranderen.