SALADE VAN EENDEBORST EN GRANAATAPPELPITTEN

Het seizoen van de wildmenu's is aangebroken. U kunt deze salade zien als eerste gang in zo'n menu, maar ook als een schotel die fier op zichzelf staat.

Voor 4 personen:

300 gram gerookte eendeborstfilet

1½ eetlepel citroensap of wijnazijn

1 dessertlepel honing, 1 theelepel mosterd

5 eetlepels olie

zout, vers gemalen peper

200 gram gemengde sla (bv. krul-, eikeblad-, veldsla)

1 granaatapppel

Snijd de eendeborst met een scherp mes in flinterdunne plakjes. Klop in een kom het citroensap, de honing, de mosterd en de olie tot een dressing en roer daar wat zout en peper door. Maak de sla schoon, bewaar vier fraaie krullende blaadjes en trek de overige in stukjes. Schep de stukjes sla en de dressing door elkaar. Vorm middenop elk bord een bergje sla tot een taps toelopende vulkaan. Schik de plakjes eendeborst in een krans op de helling van de bergjes sla. Drapeer een achtergehouden sierblad over de punt van de vulkaan. Strooi met de pepermolen wat peper over de plakjes eendeborst. Snijd de granaatappel overdwars doormidden en schep met een lepel de pitjes eruit. Strooi de pitjes als kralen rond de omtrek van de salade, dus aan de voet van de plakjes eendeborst. U hoeft op granaatappelpitten niet te kauwen; dankzij hun gelatineuze mantel glijden ze als het ware, onderwijl de smaakpapillen kietelend, over de tong.

Serveer geroosterd brood en boter bij de salade.