Omvang slechte leningen bij Japanse banken met vijftig procent verhoogd

TOKIO, 30 OKT. De Japanse banken hebben aanzienlijk meer slechte leningen uitstaan dan de autoriteiten eerder dit jaar wilden toegeven. Het ministerie van financiën heeft vandaag de totale omvang met vijftig procent verhoogd tot 12,3 biljoen yen (175 miljard gulden). Van de 12,3 biljoen yen is bijna 5biljoen yen niet gedekt door onderpand.

Slechte leningen zijn volgens de definitie van het ministerie leningen waarover de banken al zes maanden geen rente meer ontvangen. Eind maart raamde het ministerie de totale omvang van de slechte leningen nog op 7,9 biljoen yen en het ongedekte deel op 2,5 biljoen yen. De leningen zijn veelal verstrekt aan speculanten in de onroerend-goedwereld.

Analisten in de bankwereld hebben de totale omvang altijd veel hoger geschat en komen uit 25 tot 30 biljoen yen, bedragen die door het ministerie van financiën steeds zijn ontkend.

Op dezelfde dag dat het ministerie de nieuwe cijfers bekendmaakte, kwamen de banken met plannen voor een instituut dat hen moet helpen bij de sanering van hun slechte leningen. Het instituut moet van de banken onroerend goed kopen dat dient als onderpand voor hun slechte leningen. Het krijgt een beginkapitaal van 6 miljard yen en zal tien jaar bestaan, zo deelde de president van Mitsubishi Bank vandaag namens de banken mee op een persconferentie in Tokio. Zowel banken als verzekereraars zullen aan het instituut geld lenen om onroerend goed op te kopen.

Volgens een vooraanstaande Japanse bankier die anoniem wilde blijven is het hele plan in feite een papieren constructie om verliezen die de banken lijden op hun slechte leningen ten laste te brengen van de Japanse belastingbetalers. Rechtstreekse afschrijving en het verlies ten laste te brengen van de winst om zo de aanslag lager te maken, staat de fiscus niet toe. Dat kan wel als leningen en onderpand worden overgeheveld naar het instituut.

Daartoe koopt het instituut het onderpand tegen een redelijke prijs van de banken met geld dat de banken aan dit instituut lenen. Het instituut verkoopt het onderpand niet meteen, dat zou de prijs maar drukken, maar wacht daar een aantal jaren mee. Intussen beheert het instituut het onderpand voor de banken. Volgens deze bankier gaat het weliswaar maar om een deel van de onderpanden, maar zou het de banken wel degelijk helpen.

    • Paul Friese