Hulpplan kinderen ex-Joegoslavië is gok

Het internationale kinderfonds UNICEF probeert volgende week een "week van rust' op het strijdtoneel van het voormalige Joegoslavië af te roepen. Dan wil UNICEF proberen de anderhalf miljoen kinderen die zwaar onder de oorlog lijden, te helpen. Plaatsvervangend directeur van UNICEF, RICHARD JOLLY (58), is realistisch genoeg om in te zien dat de strijdende partijen niet opeens zullen uitblinken in kindvriendelijkheid.

DEN HAAG, 30 OKT. UNICEF-directeur James Grant maakte begin deze maand in New York bekend dat hij met de leiders van alle republieken in voormalig Joegoslavië afspraken had gemaakt over een beperkt staakt-het-vuren in de eerste week van november. In deze periode zouden zoveel mogelijk kinderen die zijn gevlucht voor het oorlogsgeweld moeten worden voorzien van medicijnen, kleding, dekens en vitaminerijk voedsel. Deze goederen zouden moeten worden aangevoerd via door UNICEF ingestelde humanitaire corridors in onder meer Servië en Kroatië.

Met welke leiders Grant precies heeft gesproken werd in zijn verklaring niet duidelijk. Plaatsvervangend UNICEF-directeur Richard Jolly zegt niet te weten of er rechtstreekse afspraken zijn gemaakt met de Servische president Milosevic, zijn rivaal Izetbegovic uit Bosnië-Herzegovina en de Kroatische leider Tudjman. Kranten in Belgrado schreven dat Servisch-orthodoxe patriarch Pavle heeft opgeroepen de "week van rust' te ondersteunen. Volgens Pavle zouden ook vertegenwoordigers van de roomskatholieke kerk en leiders van de islamitische gemeenschap achter het kinderplan staan.

Het gebruik van humanitaire corridors om in tijden van oorlog vluchtelingen te steunen, is niet nieuw. Al eerder wist UNICEF de strijdende partijen in El Salvador en Libanon ten behoeve van de hulp aan getroffen kinderen voor drie dagen te laten afzien van gevechten. Deze keer wordt er geprobeerd de partijen acht dagen lang af te houden van gewelddadigheden. Een bijkomend probleem in voormalig Joegoslavië is dat er niet altijd duidelijk is wie tegen wie vecht, aldus Richard Jolly.

“Daarom is het plan ook een grote gok”, verzucht de Brit. “Maar het is het beste wat we op dit moment kunnen doen. En we moeten het ook doen.” De hulpverleners en de chauffeurs die de de medicijnen, het voedsel, de kleding en de dekens over voornamelijk Bosnië-Herzegovina en Kroatië zulen verspreiden, lopen volgens hem gevaar als de strijd komende week weer ontbrandt.

Om de anderhalf miljoen kinderen die hulp nodig hebben door de winter te helpen, is volgens Jolly meer dan 42 miljoen dollar nodig. UNICEF zelf kan niet meer dan zeven miljoen dollar besteden en is sterk afhankelijk van hulp van buitenaf. Door het gebrek aan voldoende geld en wegens de korte tijd zal de hulp volgens Jolly in de eerste plaats worden besteed aan tussen de 175.000 en 200.000 kinderen in de ergst getroffen gebieden. “De rest zal moeten wachten of we de daarna ook nog hulp kunnen bieden.”

Vanaf 15 oktober wordt er in alle republieken van het voormalige Joegoslavië twaalf keer per dag gratis een spotje op radio en televisie uitgezonden waarin "Goodwill ambassadeur' Audrey Hepburn de strijdende partijen oproept de door UNICEF afgekondigde "week van rust' in acht te nemen. Ook in verschillende kranten en tijdschriften in de republieken zijn de laatste tijd advertenties afgedrukt om de bevolking op de komende UNICEF-hulp te wijzen.

Jolly, die deze week in Nederland was om op een jubileumcongres van het accountantskantoor KPMG een toespraak te houden, gelooft heel sterk in deze manier van communiceren, vooral via tv-spotjes. “Op deze manier reiken we boven de normale politieke en militaire procesen en kunnen we een rechtstreeks beroep doen op burgers en soldaten die anders onbereikbaar blijven. Verder hebben we de kinderen in het voormalige Joegoslavië opgeroepen brieven te schrijven naar politici om over de actie te vertellen.”

Over de periode na de hulpweek wil Jolly eerst niet nadenken. Later zegt hij toch te hopen dat de UNICEF-actie een fundament biedt waarop de VN- en EG-onderhandelaars Vance en Owen verder kunnen bouwen. “Het is duidelijk dat er van het "gewone' vredesproces nog maar weinig hoeft te worden verwacht. Als onze actie slaagt, geven we de strijdende partijen in ieder geval het goede voorbeeld. Misschien leren ze er wat van.”

    • Oscar van Dam