Vreemdelingenbeleid

In NRC Handelsblad van 24 oktober verwijt Frits Florin, van de stichting Vluchtelingenwerk, Kosto en Kohl extreem-rechts in de kaart te spelen door zich voorstander te verklaren van een restrictief asielbeleid.

Florin maakt nauwelijks onderscheid tussen de toelating van nieuwe vreemdelingen en de achterstandspositie van de al aanwezige allochtonen. Dat er in de oude stadswijken spanningen bestaan tussen de oorspronkelijke bewoners en de migranten, valt niet te ontkennen. Onduidelijk is hoe Florin de opmerking: “Men kan geen centimeter meegaan in de hier en daar bestaande neiging om naar beneden, naar de nog meer gedepriveerden te trappen”, in verband kan brengen met de voorgenomen beperking van toelating van nieuwe vreemdelingen.

Zal de achterstand van minderheden afnemen bij een ruim toelatingsbeleid? Gezien de problemen die we met de integratie hebben vraag ik me af welk zinnig mens die vraag bevestigend kan beantwoorden. Het is onverstandig de onvrede over de toelating van economische asielzoekers die bij een deel van de bevolking leeft, uitsluitend met extreem-rechts en opkomend fascisme in verband te brengen. Het brute geweld van een groep skin-heads wordt wat al te gemakkelijk aangegrepen om opnieuw om deze gevoelige materie heen te draaien.

Tot slot noemt Florin wat volgens hem de twee enige redenen van migratie zijn: directe honger en/of bedreiging door geweld. Als dit zo is, hoe zit het dan met de hier aanwezige Turken en Marokkanen of met de Nederlanders die in de jaren vijftig naar Canada en Australë emigreerden? Dat groepen mensen vanzelf in beweging komen als ze denken dat er elders een betere toekomst en meer welvaart op hen ligt te wachten, ziet Florin blijkbaar over het hoofd. In een gevoelige discussie, zoals het vreemdelingenbeleid, is het juist zaak de dingen goed te onderscheiden en bij de naam te noemen.