Versplintering door strijd om hoogste functies; Oppositie Kenia liet kans lopen

NAIROBI, 29 OKT. De euforie is omgeslagen in verbittering. Na de invoering van het meerpartijenstelsel elf maanden geleden leek de keuze voor de Kenianen zo simpel. De uitgebluste en arrogante regeringspartij van president Daniel arap Moi bood geen hoop meer, de oppositiecoalitie Ford luidde, zo leek het, “de tweede bevrijding” in.

Maar binnen een paar maanden is het politieke landschap grondig gewijzigd. Alsof het een zelfmoordmissie betrof begonnen de oppositionele politici aan een onderling gevecht om de leiding van Ford. De partij viel uiteen en de unieke kans voor het politieke alternatief werd verspeeld. Moi hoefde alleen maar passief toe te zien. Hij weet zich nu de beste kanshebber bij de aanstaande verkiezingen.

Politiek in Kenia bestaat uit een door persoonlijke motieven geïnspireerde strijd van rijke politici om de hoogste posten. Ideeën en ideologieën spelen minder een rol dan eigenbelang. Wanneer de macht is veroverd profiteert de kliek rondom de president en vervolgens zijn tribale groep. Leiders van enkele andere stammen worden bij de coalitie betrokken door hun financieel en politiek gewin te beloven in ruil voor hun totale steun aan het regime. Dit patronagesysteem verzekerde Kenia een vorm van politieke stabiliteit maar hield tegelijkertijd grote delen van de bevolking op afstand van het besluitvormingsproces.

De advocaat Paul Muite behoort tot de critici van het politieke establishment. “Dit patronagesysteem moeten we bestrijden om werkelijke democratie mogelijk te maken”, zei hij eerder dit jaar - om even later aan te tonen al even opportunistisch te zijn als degenen die hij zojuist had gehekeld: kon de Nederlandse ambassadeur niet als vorm van ontwikkelingshulp zijn kiesdistrict varkens geven? De invoering van het pluralisme heeft nieuwe en jonge spelers op het Keniase toneel gebracht, zoals Muite, maar het politieke spel is vrijwel hetzelfde gebleven.

Ford raakte al kort na de oprichting verdeeld in drie rivaliserende groepen. De romp van Ford ging Ford-Kenya heten en werd geleid door de veteraan Oginga Odinga. Paul Muite staat voor Ford-Kenya kandidaat voor 's lands vice-presidentschap. De 81-jarige Odinga streeft na zijn mislukte vice-presidentschap in de jaren zestig en na zijn daarop volgende rol in de semi-illegale oppositie naar de hoogste post van het land. Fysiek lijkt hij daar door zijn hoge leeftijd nauwelijks meer toe in staat. Ondanks zijn leeftijd zal zijn Luo-stam, de tweede van het land, goeddeels op hem stemmen.

Ex-minister Kenneth Matiba is een van zijn rivalen. Hij beroept zich op zijn prominente rol in de democratiseringsbeweging twee jaar geleden. Matiba behoort tot 's lands grootste stam, de Kikuyu. Toen Odinga in Ford niet plaats voor hem wilde maken richtte Matiba Ford-Asili op. Ook hij is er fysiek niet goed aan toe: door twee zware hartaanvallen is hij gedeeltelijk verlamd.

In Ford-Asili zit ook de populistische politicus Martin Shikuku. Hij behoort tot 's lands derde stam, de Luhya. Shikuku kan het slecht vinden met Matiba want ook hij eist het presidentschap op, voor zijn Luhya-stam.

Van de afgesplitste partij van Matiba heeft zich inmiddels weer een nieuwe groep afgescheiden, het Keniase Nationale Congres. Deze partij bestaat uit voornamelijk Kikuyu's, geleid door ex-ministers Maina Wanjigi en Charles Rubia. Zij verwijten Matiba autoritair gedrag en achten hem te oud om president te worden.

De grote verandering waarop de Kenianen begin dit jaar rekenden, blijft door al dat onderlinge geruzie vermoedelijk uit. De stemmen van de grootste tribale groepen raken verdeeld over de versnipperde oppositie en zo heeft president Moi van de Keniase Afrikaanse Nationale Unie (KANU) weer de beste kaarten in handen gekregen. KANU-politici waarschuwen de Kikuyu's en de Luo's dat zij zullen worden geïsoleerd - lees: dat zij niet mogen meeprofiteren - onder een nieuwe KANU-regering als zij op de oppositie stemmen. De kleinere stammen, toch al bevreesd voor een dominante rol voor Kikuyu's en/of Luo's, zullen voor Moi stemmen. Moi komt van de kleine stam der Kalenjin.

Geweld of oproepen daartoe behoren inmiddels tot het dagelijkse patroon van de politiek. Volgens een rapport van de Keniase kerken organiseerden hoge KANU-politici eerder dit jaar tribale gevechten van de Kalenjin tegen de Kikuyu, waarbij zevenhonderd doden vielen. Partijbijeenkomsten worden verstoord. De autoriteiten maken het moeilijk voor de oppositie om campagne te voeren. De staatsmedia bieden de oppositie nauwelijks ruimte. De oppositie ziet aanwijzingen in het gedrag van de overheid dat de verkiezingsuitslag zal worden vervalst.

De ontwikkelingen in Kenia kijken op die in Kameroen, waar na een omstreden herverkiezing van president Pol Biya de spanningen tot het kookpunt zijn opgelopen. Van de verdeeldheid binnen de oppositie profiteerde Biya om te zegevieren. Ondanks deze overwinning blijft de meerderheid der Kameroenezen tegen hem. De afkeer tegen Biya is zo groot als alle stemmen voor de oppositie tezamen. De introductie van het meerpartijenstelsel leidt zo tot nieuwe politieke onzekerheid en instabiliteit.

    • Koert Lindijer