Primosa dicht na wegblijven van bezoekers

GULPEN, 29 OKT. Het toeristisch centrum Primosa in Gulpen gaat, vijf maanden na de opening, weer dicht.

De rechtbank in Maastricht heeft vanmorgen surséance van betaling verleend aan de NV Bezoekerscentrum Heuvelland, de onderneming achter Primosa. Dat gebeurde met instemming van de aandeelhouders: acht gemeenten van Maastricht tot Vaals en drie aannemers, die het centrum hebben gebouwd.

Een faillissement lijkt slechts kwestie van tijd, nu geen van de betrokkenen nog geld in de onderneming wil steken. De kas is sinds de opening leeg gebleven. In plaats van de verwachte 150.000 bezoekers zijn er niet meer dan 25.000 naar het centrum gekomen om daar de permanente expositie over natuur en cultuur van de streek te bekijken.

Een bewindvoerder moet beslissen wat er gaat gebeuren met het gebouw - dat inclusief de inrichting 9,8 miljoen gulden heeft gekost - en of de schuldeisers nog iets terugzien van de 3,3 miljoen gulden die zij tegoed hebben van de NV.

Van de betrokken gemeenten is geen steun meer te verwachten. Hun gemeenteraden hebben altijd sterke twijfels gehad over het project, maar stemden er toch mee in om niet achter te blijven bij de rest. Maastricht neemt voor 1 miljoen deel in het aandelenkapitaal, evenveel als de zeven andere gemeenten samen. De aannemerscombinatie heeft voor 1,15 miljoen aandelen gekocht.

Pag 2: Gulpens centrum kampte vanaf begin met problemen

“Het enige waar wij nog iets aan willen betalen is een diepgaand onderzoek naar de vraag hoe een dergelijk debâcle zich heeft kunnen afspelen,” zegt een M. Meindersma-Vluggen, VVD-wethouder in Vaals. Zij heeft met partijgenoten uit andere raden opheldering gevraagd over de affaire. Eenzelfde initiatief is te verwachten van de gezamenlijke PvdA-fracties.

Diverse fracties vermoeden dat enkele burgemeesters hen veel te rooskleurig hebben geïnformeerd over het project. Het Samenwerkingsverband Heuvelland, inmiddels omgezet in het Gewest Maastricht-Mergelland, zou vrijwel zonder toezicht aan het Primosa-plan hebben gewerkt. Het algemeen bestuur (waarin ook vertegenwoordigers van de acht gemeenteraden zitting hadden) kreeg bijvoorbeeld in februari vorig jaar te horen dat in de vergadering van het dagelijks bestuur (de burgemeesters) het agendapunt Primosa was aangehouden, terwijl uit de vertrouwelijke notulen van die vergadering blijkt dat uitvoerig was gesproken over de ernstige crisis waarin het project toen al, drie maanden voor het begin van de bouw, verkeerde.

Rond die tijd kwam ook de toezegging van het ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij binnen om een half miljoen subsidie te geven. Een van de voorwaarden was dat de gemeenten akkoord gingen met de verplichting tot terugbetaling als Primosa binnen twintig jaar een andere bestemming zou krijgen. Maastricht liet het dagelijks bestuur per fax weten een dergelijke verplichting niet te willen aangaan. De Gulpense burgemeester drs. W. Vossen bood toen aan dat hij zijn raad zou vragen zich garant te stellen voor de terugbetaling. Vossen kreeg inderdaad toestemming van zijn raad, maar op grond van een ander argument: als aan alle raden toestemming moest worden gevraagd, zou dat te lang gaan duren.

De moeilijkheden werden groter toen directeur W. Faber kort na zijn aantreden medio 1991 een aangepast exploitatieplan presenteerde, dat een extra-investering van twee miljoen vergde. Voordat die dekking was gevonden werden al meer expositiemateriaal en horeca-apparatuur besteld. De dekking kwam er niet, wel volgden rekeningen zoals die van het Nederlands Omroep Bedrijf (NOB), dat de expositie verzorgde. “We hebben vlak voor de opening een paar keer de hamers en de tangen erbij neergegooid, omdat de rekening niet betaald werd, maar uiteindelijk hebben we de zaak toch geleverd om de boel niet bij voorbaat in het honderd te laten lopen”, aldus NOB-controller B. Keddeman. Begin deze maand vroeg het NOB het faillisement aan van Primosa, dat nu is afgewend door de surséance.

Een maand voor de opening bracht voorzitter Damen van de raad van commissarissen een bezoek aan het provinciebestuur, dat het project met spoed een half miljoen leende uit een "rampenpotje' - anders had de officiële opening in juni niet door kunnen gaan. De eerste helft van de lening moest voor het eind van het jaar worden terugbetaald, de andere helft zou met toekomstige subsidies aan de gemeenten worden verrekend. De bestuurscolleges gingen hiermee akkoord, de raden kregen pas achteraf te horen dat een nieuwe verplichting was aangegaan.

Daarna lieten de bezoekers het afweten. De Nationale Investeringsbank oordeelde dat de investering voor Primosa “te hoog en verkeerd opgebouwd” was. De aard van het centrum rechtvaardigde geenszins de verwachtingen over bezoekersaantallen. Er deugde niets van de prognoses, exploitatieopzet en bedrijfsvoering, aldus het NIB-rapport.

In een eerder verschenen tussenrapport werd over directeur W. Faber en de drie commissarissen (burgemeester Majoor van Meerssen, oud-burgemeester Damen van Vaals en drs. P. Becx namens de aannemers) gezegd: “De bestuurlijke kwaliteit zowel van het management als van de commissarissen is, gelet op de taakstelling van Primosa, onvoldoende en behoeft versterking. (...) Het management zal minimaal een stevige opleiding op het gebied van publiekgerichte marketing en van financiering met succes moeten volgen en afronden.'

In het eindrapport van de NIB is de bewuste passage verdwenen. Wel werd geadviseerd een interimmanager aan te stellen. Een maand later verleenden de aandeelhouders op grond van het eindrapport de raad van commissarissen décharge voor het gevoerde beleid. “Als er een eerdere versie van het rapport bestaat wil ik dat graag zien”, zegt de Maastrichtse wethouder P. Neus. “Dan moet ik overwegen of ik het standpunt dat ik in de aandeelhoudersvergadering heb ingenomen, niet moet herzien.”