Simons voorbij (1)

Een waar gebeurd verhaal uit de Nederlandse gezondheidszorg anno 1992. Joop H. uit Heerenveen krijgt een hersenbloeding. Hij is pas zestig, maar lijkt niet meer op de actieve bouwkundige die hij altijd is geweest. In het ziekenhuis weten ze niet goed wat ze met hem aanmoeten. Laat hij maar naar huis gaan. Dat kan alleen niet. Zijn vrouw Riet heeft net een hartoperatie doorstaan, zij kan de extra druk niet aan. Joop blijft in het ziekenhuis en komt alleen de weekeinden thuis.

De kinderen, die hem vaak opzoeken, merken dat hij snel achteruit gaat. De weekeinden thuis doen hem goed, maar daarna zakt hij weer verder weg. Het ziekenhuis wil Joop naar de psychiatrische afdeling overplaatsen. De familie ziet daar niets in en gaat naar de RIAGG, het bureau voor geestelijke gezondheidszorg buiten het ziekenhuis.

De RIAGG schakelt een particulier bureau voor thuiszorg in, want de kruisvereniging en de plaatselijke gezinszorg kunnen Joop niet afdoende helpen, af en toe een half uurtje is geen oplossing. Wetten en regelingen bieden geen geld voor meer hulp, maar de verzekeraar van Joop werkt mee en is bereid toch veertig dagen acht uur per etmaal particuliere thuiszorg te vergoeden.

Joop wordt thuis vorstelijk ontvangen. Alles loopt op rolletjes. Hij gaat gestaag vooruit. Geleidelijk wordt de zorg verminderd. Nu fietst hij, rijdt zelfs auto en blaast zijn partijtje weer mee in het gezin.Hoewel Joop was afgeschreven.

Had zijn familie niet ingegrepen, dan had hij tot zijn dood in een inrichting gezeten. Geen schande, maar wel een ramp. Ook financieel was de "gewone' gang van zaken een enorme schadepost voor "de gezondheidszorg' geweest. Daarom is dit recente, niet verzonnen verhaal, veelzeggend: Het Beleid wil de gezondheidszorg kostenbewuster en professioneler maken. Het grote gevaar is dat daardoor mensen systematisch in de steek worden gelaten, tegen gigantische kosten.

De Tweede Kamer wisselt deze week weer eens van gedachten met staatssecretaris Simons van volksgezondheid. Afgaande op eerdere debatten leidt dat tot veel aandacht op enkele punten, soms tot plotselinge politieke steekvlammen. Maar hoe staat het eigenlijk met het veelbesproken Plan zelf? En met de praktijk? Volgens directeur Kuipers van RIAGG Friesland is het grootste knelpunt op het ogenblik “het niemandsland tussen de bestaande en de komende regelatuur”.

De verwarring is algemeen en nationaal. Niemand weet precies wat er komt van de "Stelselwijziging Volksgezondheid'. In Friesland, en elders, broeit en schuift van alles. Verzekeraars omarmen elkaar. Een ziekenfonds neemt een particulier thuiszorgbureau over, voor het geval het menens wordt met de markt, niet omdat op dat kantoor een radicaal nieuw idee over verzorgen van zieke mensen is ontstaan. Het eerste geval waarin een patiënt echt iets heeft gehad aan gepraat van de laatste jaren, moet nog worden gemeld.

Wie zich in de meer recente stukken van de staatssecretaris verdiept, ziet dat Het Plan een nieuw jasje heeft gekregen. Zijn naam is er definitief af. Gebleven is het doel: de financiering van de gezondheidszorg moet kostenbewuster worden geregeld, en de financiële risico's gelijkmatiger gespreid. Vóór Simons heette dit streven het "plan-Dekker'. Na de Simonscrisis van dit voorjaar mogen we het alleen nog maar hebben over de "modernisering van de zorgsector'.

Die crisis was de onverwacht forse verhoging van de particuliere premies, die uit de eerste loonstrookjes van 1992 bleek, en de rel daarover met de particuliere verzekeraars. Sindsdien is de staatssecretaris door het kabinet op een rustiger tijdschema gezet. De huisarts wordt voorlopig niet opgenomen in het nieuwe stelsel. Dat wil zeggen de AWBZ, die vroeger het wettelijk vangnet was voor de onbetaalbaarste behandelingen, groeit niet automatisch uit tot basisverzekering.

Maar het doel van de hele operatie is niet principieel veranderd. Het kabinet ziet ook nu redenen tot “bevestiging van het eerder ingenomen standpunt dat juist zorginhoudelijke knelpunten als gevolg van de financieringsschotten het centrale motief zijn voor een moderne zorgverzekering”.

Haakt u nu niet af, dit is een van de meest toegankelijke zinnen uit de nota "Modernisering Zorgsector: weloverwogen verder', waarmee Simons vóór de zomervakantie zijn meer CDA-vriendelijke modernisering aankondigde. Dat woord modernisering is de rode draad in de discussie. De kunst is alleen vast te stellen wat het betekent. Niemand weet of de wachtlijst bij de oogarts er korter of langer van wordt.

Het is allemaal niet verwonderlijk dat het zo moeilijk is erachter te komen wat er gebeurt sinds de twee coalitiepartijen rust op het stelsel-front hebben afgesproken. Wie het instinctief niet eens is, maar om algemeen politieke redenen vrede verkiest, moet de mistspuit hanteren. Brinkman dringt nog wel eens aan op meer financiële betrokkenheid van de burger bij ieder doktersbezoek, maar verder zijn nauwelijks principiële coördinaten uitgezet.

Toch zou dat wel kunnen. Eén van de hoofdbezwaren tegen de Simonse versie van de stelselwijziging in de gezondheidszorg was steeds de vermenging van verzekering en inkomenspolitiek. Door het overgrote deel van de nieuwe premieheffing in de inkomstenbelasting te schuiven, wilde Simons solidariteit tussen jong en oud, maar ook tussen rijk en arm afdwingen.

Daarmee haalde hij twee vraagstukken door elkaar. Het had ook onvoorziene en ontwrichtende gevolgen voor ons belastingstelsel. De zogenaamde fiscalisering van het stelsel betekende een verhoging van het laagste schijftarief in de inkomstenbelasting in de richting van 45 procent. W. Vermeend, belasting-deskundige en partijgenoot van Simons, heeft inmiddels zijn fractie-discipline gelaten voor wat die was. Zo kan het niet, moet het niet en hoeft het niet, schrijft hij in zijn boek De achterkant van het belasting- en premiebiljet.

En dan het tweede grote bezwaar tegen "Simons': de tè grote omvang en ingewikkeldheid van een stelsel dat gebaseerd is op tè veel veronderstelde gedragingen van mensen en instituties. Wat is de overeenkomst tussen de studiefinanciering, de bevolkings-administratie van Amsterdam, het super-paspoort en het Plan-Simons? Zij willen te veel, zij lukken niet, en zij gaan nog steeds uit van de gedachte dat je Nederland in één systeem kan regelen.

Als de Kamer deze week eens niet over details zou praten, maar helderheid vragen over die twee hoofdlijnen, dan zou Joop daar veel aan hebben.

    • Marc Chavannes