GERRIT VILJOEN; Brein achter De Klerk

President De Klerk is het constitutionele brein in zijn kabinet kwijt. Dr. Gerrit Viljoen (66) maakte gisteren bekend dat hij om gezondheidsredenen aftreedt als minister zonder portefeuille in het bureau van de staatspresident, een functie waarin hij sinds mei dit jaar als een soort vice-president van Zuid-Afrika opereerde.

Viljoen stond bekend als een intellectueel studeerkamer-politicus. Hij promoveerde in de jaren vijftig aan de Rijksuniversiteit Leiden op het werk van de Griekse dichter en schrijver Pindar. Terug in Zuid-Afrika doorliep hij alle stadia van het Afrikaner machtsdom: onder meer als voorzitter van de geheime Broederbond, rector van de Rand Afrikaans Universiteit, administrateur-generaal van Zuidwest-Afrika (nu Namibië). Viljoen bekleedde sinds het begin van de jaren tachtig een aantal ministersposten onder de presidenten Botha en De Klerk.

Zoals veel van zijn generatiegenoten kwam Viljoen tot de conclusie dat de apartheid niet gewerkt had, al hield hij vol dat het systeem van onderdrukking van niet-blanken was geboren uit de “eerlijke overtuiging” dat iedere groep haar eigen grondgebied in Zuid-Afrika moest hebben. Bij de ontmanteling van de apartheidsstaat stond hij weer voorop. Als minister van grondwetszaken legde hij het theoretisch-politiek fundament onder het “nieuwe” Zuid-Afrika, zoals de regerende Nationale Partij het graag wilde zien.

Viljoens uitgangspunt was dat een zwart meerderheidsbewind in Zuid-Afrika niet kan werken. “Als een zwarte meerderheid hier de regering zou vormen, zonder blanken, is de kans heel groot dat we eindigen als de rest van Afrika”, zei hij vorig jaar in een vraaggesprek met NRC Handelsblad. Tegenstanders zagen zijn ideeën (minderheidsveto's in een Senaat, een gedeeld presidentschap, verplichte coalitievorming vastgelegd in de nieuwe grondwet) als trucs om zoveel mogelijk macht in blanke handen te houden. De meeste daarvan zijn in het onderhandelingsproces een stille dood gestorven.

Viljoen was begonnen als De Klerks eerste onderhandelaar in de Conventie voor een Democratisch Zuid-Afrika (Codesa), maar moest een stap terugdoen naar de rustiger baan van minister zonder portefeuille. Hij kon uiteindelijk de enorme druk van de onderhandelingen over een nieuwe bedeling en het tegelijk regeren in een vacuüm niet aan.

    • Peter ter Horst