Delors is behalve Europeaan ook echte Fransman

BRUSSEL, 28 OKT. Vorige week moest de Europese Commissie een oordeel vellen over de miljardensteun die de Spaanse regering wil geven aan de nationale staalindustrie. Het dagelijks bestuur van de EG bleek verdeeld. Twee van de in totaal zeventien commissarissen vonden dat de plannen van Madrid goedgekeurd konden worden, zonder aanvullende voorwaarden te stellen. Die twee commissarissen waren de Spanjaard Marn en de Spanjaard Matutes.

Toeval? Natuurlijk niet. Artikel 157 van het EG-verdrag stelt onder andere dat de leden van de Commissie hun ambt “volkomen onafhankelijk” uitoefenen “in het algemeen belang van de Gemeenschappen”. Ook zegt het verdrag dat leden van de Commissie bij de vervulling van hun plichten instructies vragen noch aanvaarden van enige regering of enig lichaam. “Iedere lidstaat verbindt zich, dit karakter te eerbiedigen en niet te trachten de leden van de Commissie te beïnvloeden bij de uitvoering van hun taak.”

Maar het verdrag schrijft niet voor dat een lid van de Europese Commissie zijn nationaliteit moet opgeven of zijn afkomst moet verloochenen op het moment dat hij of zij in Brussel tot besturen wordt geroepen. “Als commissaris kun je je natuurlijk niet gaan opstellen als belangenbehartiger van het land waar je vandaan komt. Maar het is ook niet geheel onredelijk als een commissaris bij de beoordeling van bepaalde zaken rekening houdt met de opvattingen die in de hoofdstad van zijn land leven”, zegt een ambtenaar van de Commissie.

Niets menselijks is de Europese Commissie vreemd, en dat blijkt de afgelopen weken ook nadrukkelijk te gelden voor haar voorzitter, de 67-jarige Fransman Jacques Delors. Acht jaar geeft hij nu al leiding aan Europa, en dit jaar moet voor hem het zwaarste zijn tot dusver. Hij had de zegeningen van Maastricht nog niet geteld of een vloedgolf van kritiek overspoelde hem in de maanden na het mislukte Deense referendum.

Zoals Delors is bejubeld als de "visionair' die de EG heeft bevrijd uit haar toestand van "Eurosclerose', zo is hij het afgelopen half jaar in de hoek gezet als het bureaucratische gezicht van Europa. Zijn concepten van een federaal Europa van de Toekomst werden opeens uitgelegd als blauwdrukken voor een centralistisch Europa dat geen enkele burger in geen enkele lidstaat wil. Vooral in de populaire Britse pers wordt Delors nog steeds om de haverklap geslachtofferd in naam van het gezonde verstand tegen de Brusselse Eurotechnocratie.

De afgelopen dagen is daar - in de spanning van het zich nog steeds voortslepende handelsoverleg tussen de Verenigde Staten en de EG - een nieuw verwijt bij gekomen. Kern van de kritiek: de voorzitter van de Europese Commissie werkt niet constructief mee aan het tot stand brengen van een landbouwakkoord met de VS, dat moet uitmonden in een handelsakkoord in het kader van de GATT (Algemene Overeenkomst over Tarieven en Handel). Integendeel, om de Franse landbouwbelangen te beschermen verzet hij zich tegen toenadering tot de Amerikanen.

Pag.19: "Le président' schuwt het initiatief niet; "Delors is een romanticus als het over landbouw gaat'

Aanvankelijk waren het de commissarissen Andriessen (buitenlandse betrekkingen) en MacSharry (landbouw) die binnenskamers mopperden over de passieve en zelfs obstructieve houding van hun "baas'. Op het moment dat Andriessen en MacSharry enkele weken geleden echt waren begonnen met onderhandelen, en de wachtende journalisten lieten weten dat er “goede vooruitgang” was geboekt, verkondigde Delors en plein publique dat de EG en de VS nog ver verwijderd waren van een akkoord. En afgelopen vrijdag, toen de woordvoerders van Andriessen en MacSharry meldden dat de besprekingen werden voortgezet met als doel om “binnen enkele dagen” overeenstemming te bereiken, verklaarde Delors vanuit Parijs doodleuk dat de voorwaarden niet zijn vervuld voor het sluiten van een evenwichtig akkoord.

De kritiek op de voorzitter van de Europese Commissie werd afgelopen vrijdagavond voor iedereen duidelijk hoorbaar toen de Britse minister van handel, Heseltine, voor de BBC-radio zei dat Delors zijn sympathie voor Frankrijk nu even terzijde moet leggen om de handelsbesprekingen met de Amerikanen niet te frustreren.

Afgelopen maandagavond deed EG-commissaris Andriessen er nog een schepje bovenop door zijn ongenoegen openlijk te ventileren op de Nederlandse televisie. Volgens de Nederlander heeft Delors een verkeerde inschatting over de gevolgen van een GATT-akkoord voor de Franse boeren. “Ik hoop dat we de heer Delors kunnen overtuigen dat ook de belangen van de Franse boeren worden gediend met een GATT-akkoord”, zei Andriessen.

In Brussel wordt die gang van zaken op zijn minst opmerkelijk genoemd, en niet zonder politieke betekenis. Maar tegelijkertijd wordt er ook relativerend over gedaan, in die zin dat niemand gelooft dat de positie van Delors in het geding is omdat hij zich als voorzitter van de Europese Commissie in het algemeen te veel zou laten leiden door Franse belangen. “Het zou bijzonder unfair zijn om Delors ervan te beschuldigen dat hij een verlengstuk is van Parijs en dat hij niet onafhankelijk zou opereren”, wordt zowel in ambtelijke als diplomatieke kringen opgemerkt.

Een ambtenaar van de Commissie meent dat ook “niet al te dramatisch” moet worden gedaan over de specifieke kritiek op Delors inzake zijn terughoudende opstelling in de handelsbesprekingen met de Amerikanen. Die terughoudendheid hoeft niet uitsluitend voort te vloeien uit koele, rationele belangenafweging - waarbij mogelijk de presidentiële ambities van Delors in eigen land een rol spelen - maar kan ook te maken hebben met het Franse karakter dat Delors nu eenmaal heeft. “Net als veel van zijn landgenoten is hij een beetje een romanticus als het over de landbouw gaat. De Fransen hebben het leven op het platteland sterk in hun hart. Bovendien hebben Fransen een soort ingeboren aversie tegen grote broer Amerika. Net zoals Andriessen in Frankrijk waarschijnlijk wordt gezien als iemand die op schoot zit bij de Amerikanen.”

Tegen die achtergrond is er begrip voor de moeilijke situatie waarin de Fransman Delors zich als voorzitter van de EG-Commissie bevindt. Het vervelende voor hem is dat hij zich niet schuil kan houden op een voor de EG zo belangrijk terrein als het internationale handelsoverleg. Van Delors wordt verwacht dat hij zijn gezag laat gelden, net zoals hij dat op andere terreinen doet, en waardoor hij niet alleen in Brussel maar ook in de hoofdsteden van de twaalf lidstaten respect heeft afgedwongen.

Karakterologisch is Delors er de man ook niet naar om passief aan de kant te blijven staan. Formeel zijn alle leden van de Europese Commissie gelijk, maar Delors is zonder twijfel "le président'. Hij leidt de werkvergaderingen die doorgaans elke woensdag worden gehouden. Hij aarzelt niet om persoonlijk in te grijpen als een afwerking van een dossier niet naar zijn zin gaat. Zo was de EG-richtlijn over zwangerschapsverlof, waarover twee weken geleden overeenstemming werd bereikt, er nooit gekomen zonder de bemoeienis van Delors. Hij haalde commissaris Papandreou over om de richtlijn niet in te trekken, zoals ze aanvankelijk wilde uit boosheid over het feit dat de meeste lidstaten geen percentage wilden vastleggen voor de hoogte van de uitkering tijdens het zwangerschapsverlof.

Delors overlegt, maar hij schroomt ook niet om op eigen houtje initiatieven te ontplooien. Op de bijzondere Europese Top in Birmingham, eerder deze maand, kwam hij met het voorstel om de individuele commissarissen te belasten met het onderhouden van kontakten met nationale parlementen. Dat idee had hij van te voren op geen enkele manier besproken met zijn collega's in de Commissie, zegt een ambtenaar.

In Birmingham was het opnieuw Delors die te midden van de regeringsleiders en de ministers uit de lidstaten opviel door zijn coherente betoog over subsidiariteit. “Een uiterst creatief man”, zegt een diplomaat die er op wijst dat Delors afgelopen zomer op de Europese Top in Lissabon opnieuw voor een periode van twee jaar is herbenoemd. “Als er twijfels zouden bestaan over de persoon van Delors, had men hem toen natuurlijk laten vallen, zo vlak na het Deense referendum. Maar dat is absoluut niet gebeurd”.

De diplomaat vindt het moeilijk om een oordeel te vellen over de opstelling van Delors in het huidige handelsoverleg. “De ene redenering is dat Andriessen en MacSharry hun verantwoordelijkheid moeten nemen en een deal moeten sluiten met de Amerikanen, maar dat ze dat niet kunnen, omdat ze zich niet gesteund voelen door Delors. Op die manier houdt Delors een akkoord tegen, en bespaart hij Frankrijk de blamage dat het zich als enige lidstaat in de ministerraad tegen een akkoord zal verzetten.”

“De andere redenering is dat het de taak van de Commissie-voorzitter is om in te schatten of een voorstel haalbaar is in de ministerraad. De conclusie van Delors kan zijn, dat het onderhandelingspakket zoals dat nu op tafel ligt, niet acceptabel is voor Frankrijk. Dan heeft het ook geen zijn, om er me door te gaan want dit is geen onderwerp waarmee je een lidstaat overstemt. Dat betekent dus dat niet Delors maar Mitterrand het probleem is. En dat betekent ook dat de Fransen er vanuit gaan dat er nog geen evenwichtig onderhandelingsresultaat is. In Birmingham werd gezegd dat de Amerikanen zouden instemmen met een regeling voor oliehoudende zaden waarbij de EG niets extra's hoefde te doen bovenop de hervorming van het landbouwbeleid waarover al in mei overeenstemming werd bereikt. Toch bleef Parijs zich verzetten. Kennelijk vindt men dat er op andere terreinen, zoals het dienstenverkeer, nog meer te halen valt. U moet ook niet vergeten dat de Fransen harde, goede onderhandelaars zijn.”

    • Wim Brummelman