De kwakzalver

New York - Men stelle zich voor: een Boer Koekoek die denkt en praat als Ross Perot maar zich overigens opmerkelijk van hem onderscheidt. Hij woont niet in een boerderijtje in Bennekom maar heeft een particulier kapitaal van 200 miljoen gulden, en hij heeft zich voor het vaderland verdienstelijk gemaakt door een paar verloren gewaande Nederlandse militairen uit het oerwoud van Nieuw Guinea te redden. Het gaat slecht met Nederland. De leiders van de grote partijen komen, als ze hun reddingsplannen uitleggen, niet verder dan een voorzichtig jargon, en voor het overige proberen ze elkaar verdacht te maken. Nu verschijnt deze nieuwe Koekoek. Hij komt op de televisie, staande voor een schoolbord, en met de stok in de hand legt hij in onopgesmukt Gelders uit wat er aan de natie mankeert, dat het in Den Haag een corrupte bende is en dat hij de varkentjes zal wassen, zoals hij al zo menig varkentje heeft gewassen, ten bewijze waarvan hij naar zijn banksaldo verwijst. Hoeveel kiezers zouden hem geloven? Dat zou ervan afhangen hoe diep het land in het moeras was geraakt en met welke overtuigingskracht de leiders van de beroepspolitiek het publiek zouden toespreken. Aan het begin van de jaren zestig heerste er meer "onbehagen' dan crisis in Nederland. Niettemin heeft Hendrik Koekoek met de eenvoudigste middelen toen nog drie zetels gewonnen.

Ieder land kan zijn crisis afmeten naar het formaat van zijn Koekoek. Er moeten natuurlijk correcties worden toegestaan: de ene politieke cultuur is vatbaarder voor dergelijke politici, heeft een grotere waardering voor de welbespraakte outsider, biedt meer mogelijkheden waardoor zo iemand zich in het publiek kan laten gelden. Wat dat aangaat hebben de Verenigde Staten een ontvankelijk systeem. Niettemin: Ross Perot is een Koekoek van reuzenformaat.

Nadat hij in de eerste helft van dit jaar had ervaren dat zijn persoonlijkheid en de eenvoud van zijn boodschap aansloegen en iedereen er ernstig rekening mee hield dat met hem zich de derde kandidaat had aangediend, hield hij van het ene uur op het andere ermee op, zonder zelfs zijn naaste medewerkers te waarschuwen. Hij gaf toen twee verklaringen: hij wilde er niet de schuld van zijn dat het Huis van Afgevaardigden ten slotte de volgende president zou moeten aanwijzen - wat zou moeten gebeuren als de normale procedure geen beslissing bracht - en hij achtte een "herboren' Democratische partij voldoende garantie dat het zonder zijn persoonlijke tussenkomst wel met het land in orde zou komen. Het was niet overtuigend, volgelingen van Perot verschenen huilend op de televisie, de pers schreef over "het verraad van Perot'.

Begin september keerde hij terug. Blijkbaar hadden zijn concurrenten in de drie maanden van zijn afwezigheid het zo beroerd gedaan dat zijn oude aanhang bereid was zijn plotseling vertrek te vergeten. Hij kocht voor een miljonairsvermogen aan zendtijd op radio en televisie. Geschat wordt dat het tegen het einde van de campagne zestig miljoen dollar zal zijn. In de confrontatie met Bush en Clinton deed hij het op zijn manier - dat is, of misschien was, zijn enige politieke kapitaal - opnieuw goed: simpel, direct en onverschrokken. Zijn populariteit begon weer te stijgen, naderde in sommige polls de twintig procent, die door deskundigen als "de kritische massa' werd beschouwd. Als die bereikt zou worden, kon er nog van alles gebeuren.

Perots sensationeelste bijdrage tot het kandidatendebat was dat de Republikeinen van plan waren geweest smerige streken op zijn familie toe te passen. Die beschuldiging is uitgezocht door de televisie van CBS. Zondag verscheen Perot in het beroemde programma "60 Minutes', en daar werd hij geconfronteerd met de resultaten van dit onderzoek. Zoals hij eerder had gezegd: de Republikeinen hadden het huwelijk van zijn dochter willen verstoren. De opzet was geweest, aan te tonen dat ze lesbisch was. Dat was de ware reden geweest waarom hij er in juli mee was opgehouden. Het familiegeluk was hem meer waard dan het presidentschap. Dat was de derde verklaring voor zijn plotselinge afscheid.

Perot wilde geen bronnen noemen. CBS had er één opgespoord, een buitengewoon louche heerschap dat inmiddels onvindbaar is. De interviewster deed bewonderenswaardige pogingen hem tot groter openhartigheid te bewegen, maar de kampioen van de directheid draaide zich er telkens uit. Iedereen die deze kandidaat ziet, dacht ik, moet nu wel tot de onwrikbare slotsom komen dat hij niet goed wijs is. De New Yorkse kranten van de volgende ochtend deelden mijn mening. Crazy, meldde de New York Post. Paranoïde, zei George Bush later.

Niettemin blijkt uit weer andere polls, gisteren gehouden, dat meer mensen in dit geval Perot wel geloven dan niet. Zo is hij telkens weer wat hij in zijn eerste optreden ook al was. Perot staat voor de openbaring van een kwakzalver. Hij deugt niet, hij liegt of hij is niet helemaal in orde, of allebei, maar in sommige opzichten heeft hij gelijk. Dit gelijk uit zo'n verdachte bron gepaard aan zijn miljoenen is voldoende om hem au serieux te blijven nemen, niet meer als kandidaat maar wel als factor in de winst of het verlies van de twee anderen. Dat is de crisis.

    • H.J.A. Hofland