Chronologie van de tien dagen lang escalerende crisis in Moskou

MOSKOU, 28 OKT.De sfeer begint er rijp voor te worden: er moet iets gebeuren. Alles wat momenteel in Rusland gebeurt, past in dat klimatologische beeld. Iedereen heeft zo zijn rol in deze politieke snelkookpan. Ook ex-president Michail Gorbatsjov ontkomt daar niet aan. Hij was het in ieder geval die gisteren hét grote woord van stal heeft gehaald. Er zou binnen de Veiligheidsraad, het hoogste adviesorgaan van president Boris Jeltsin, zijn gesproken over het uitroepen van de “noodtoestand”. Waar of niet, de chronologie van tien dagen wijst niet in een omgekeerde richting.

Vrijdag 16 oktober. De escalatie begint. Terwijl CIA-chef Robert Gates onverwachts voor een informeel bezoek door Jeltsin in het Kremlin wordt ontvangen, luiden vier naaste medewerkers van de president ten gehore van een select gezelschap journalisten de noodklok. De “revanchisten” in het parlement zijn uit op een machtsgreep om de hervormingen de nek om te draaien, aldus Gennadi Boerboelis (tot deze zomer dé ideoloog van Jeltsin), minister van buitenlandse zaken Andrej Kozyrev, vice-premier Michail Poltoranin (massamedia) en diens collega Anatoli Tsjoebais (privatisering).

Dinsdag 20 oktober. Ook vice-president Aleksandr Roetskoj doet een duit in het zakje. In een toespraak spreekt hij er schande van dat Rusland een “vuilnisbelt” is geworden. Er moeten zes ministers verwijderd worden. Op zijn lijstje staan, zo zal later blijken, de drie alarmisten van vrijdag (Kozyrev, Poltoranin en Tsjoebais) alsmede Andrej Netsjajev (economische zaken), Pjotr Aven (buitenlandse handel) en vice-premier Aleksandr Sjochin. Alle zes staan bekend als representanten van het radicale hervormingskamp dat in waarnemend premier Jegor Gaidar zijn bruggehoofd naar de president heeft.

Diezelfde avond wordt er in Moskou weer eens geschoten, dit keer echter met een uitgesproken politieke consequentie. Bij een ruzie voor een café in het centrum van de stad trekt een politie-agent zijn revolver en schiet een belager dood en een ander het ziekenhuis in. De slachtoffers zijn officieren van het Directoraat ter bescherming van de Hoge Staatsorganen, een in politie-unformen gestoken bewakingsdienst onder bevel van parlementsvoorzitter Roeslan Chasboelatov, de man die zich het laatste half jaar heeft ontpopt als de grote dwarsligger van Jeltsin.

Woensdag 21 oktober slaat het parlement van Chasboelatov terug. Eerst eist het het bezit op van het onafhankelijke dagblad Izvestia. Het beroept zich daarbij op een 75-jarige traditie: de Izvestia is vanaf 1917 immers het orgaan geweest van de Opperste Sovjet. Daarna bezorgt het parlement Jeltsin een tweede nederlaag. Op 1 december zal het Congres van Volksafgevaardigden bijeenkomen om over het lot van Jeltsins regering te beslissen. Dezelfde middag nog wordt Chasboelatov ziek afgevoerd. Na een inderhaast belegde persconferentie, waarop hij zijn tegenstanders ervan beschuldigt hem af te luisteren en te intimideren, constateert zijn lijfarts een te hoge bloeddruk. Zijn tegenstanders in het parlement verklaren hem “dronken”.

Donderdag 22 oktober komt de geheime dienst in actie. De twee auteurs van een artikel in het weekblad Moskovskij Novosti, waarin wordt onthuld dat er in Rusland een geheim programma loopt voor de ontwikkeling van chemische wapens, worden gearresteerd wegens het naar buiten brengen van “staatsgeheimen”.

Vrijdag 23 oktober betreedt minister van defensie Pavel Gratsjov het strijdtoneel. Gratsjov verklaart zich “loyaal aan de president” en dus tegen het parlement van Chasboelatov. Drie naaste medewerkers nemen uit protest tegen deze stellingname ontslag. Volgens hen bestaat het ministerie louter uit “conservatieven” die niets doen om de belangen van de gewone militairen te behartigen. “Wij schamen ons voor de officieren”, aldus de drie. Het aftreden van minister van volksgezondheid Andrej Vorobjev gaat die dag nagenoeg ongemerkt voorbij. Toch is het niet onbelangrijk. In de medische wereld weet men een paar dagen later althans bijna zeker dat hij zal worden opgevolgd door een militair.

Zaterdag 24 oktober is er plots geen touw meer aan vast te knopen. De enige onloochenbare feiten zijn het optreden van ex-burgemeester Gavriil Popov van Moskou, de anti-regeringsdemonstraties in de stad en het eerste congres van het Front van Nationale Redding. Popov, ooit de theoreticus achter Jeltsins democratische oppositiecoalitie tegen Gorbatsjov, pleit voor een tijdelijke opschorting van de democratie. Elders in Moskou eisen betogers het aftreden van Jeltsin. Het Front van Nationale Redding doet vanuit het gebouw van de nu verboden Moskouse partij-afdeling van de CPSU hetzelfde. Zo niet, dan zal het Front zelf geëigende maatregelen nemen, aldus het dreigement van deze curieuze bundeling van communisten en nationalisten.

Maar wat gebeurt er in het Kremlin? De persbureaus Interfax en Itar-Tass melden dat daar de Veiligheidsraad in spoedzitting bijeen is gekomen. Het Russische tv-journaal herhaalt dat 's avonds. De woordvoerder van Jeltsin ontkent het daarentegen categorisch. Er zou slechts sprake zijn geweest van een ingelaste ministerraad. Zeker is wel dat vice-premier Poltoranin diezelfde avond zijn geestverwanten in de regeringsdatsja Archangelskojo bijeenroept om “radicale maatregelen terwille van het revolutionaire proces” te bespreken.

Zondag 25 oktober vliegt een groepje hervormingsgezinde ministers onder leiding van premier Gaidar naar Togliatti, de autostad aan de Wolga. Hij zoekt en vindt er een bondgenootschap met de captains of industry uit de metaalsector. Volgens Gaidar heeft Jeltsin “voor vandaag” vertrouwen in hem. Hij voegt er bovendien iets cryptisch aan toe. Gaidar adviseert de managers voortaan geen zaken meer op rekening-courant te doen met de Oekraïne. Alleen roebels uit Rusland zijn nog waardevol. Is er een monetaire hervorming op til? De centrale bank suggereert dat al weken.

De verschillende actualiteitenrubrieken zijn die avond het spoor bijster. Anders altijd paraat om de situatie te duiden, beperken de redacties zich nu tot “varianten”. Er zijn er “wel tien”, aldus Joeri Rostov, de populaire presentator van het journaal.

Maandag 25 oktober manifesteert Jeltsin zich weer eens. Terwijl de vakbonden stakingen aankondigen als de regering geen concessies doet, bagatelliseert Jeltsin tijdens een ontmoeting met Amerikaanse bankiers de “hysterie”. Dat zijn slechts “kreten”. Maar wijzigingen in het kabinet zijn “niet uitgesloten”, zegt hij erbij. Diep in het zuiden van Rusland maakt zijn criticus Aleksandr Roetskoj, vice-president, gewag van zijn oprakend geduld. “Ik ben moe van het strijden met de regering”. “De strategie van de hervormingen is correct, de tactiek moet veranderen”, aldus Roetskoj in Stavropol. Burgemeester Anatoli Sobtsjak van St. Petersburg, net als Popov een hervormer van weleer, houdt tezelfdertijd in Parijs een club Franse ondernemers voor dat een terugkeer naar het communisme uitgesloten is, maar dat de Russen het liberale Westerse model ook niet trouwhartig zullen kopiëren. Vanuit Chabarovsk in Siberië melden christelijke missionarissen inmiddels dat er geen gronden zijn voor de theorie dat het einde der tijden nabij is.

Chasboelatov keert dan ook terug in het parlement. Hij ziet er nog steeds bleekjes uit. Hij maant tot een rustige en nauwgezette voorbereiding van het Volkscongres. 's Avonds staat ineens de politie bij het gebouw van de Izvestia op de stoep, de krant die deze dag een oproep publiceert waarin een groep radicaal-democratische politici, intellectuelen en kunstenaars waarschuwt voor een “kruipende staatsgreep”.

Dinsdag 27 oktober komen de agenten bij de Izvestia terug. “Om de eigendommen van de uitgeverij te beschermen”, luidt het parool. Volgens de redactie zijn het mannen van Chasboelatovs eigen paramilitaire directoraat.

Diezelfde dinsdag gaan de eerste kogels door de kerk. Jeltsin komt onverwachts naar het ministerie van buitenlandse zaken en kondigt aan dat hij het Front van Nationale Redding gaat verbieden. Een “zeer gevaarlijke en onwettige organisatie”, aldus Jeltsin. De president belooft zijn gehoor dat hij Gaidar en Kozyrev niet zal offeren. Maar één ding moet nu toch duidelijk zijn: Rusland is een “grootse macht” die helaas wordt geteisterd door “een imperiaal syndroom”. “Rusland is niet zo'n land dat je in de vestibule” kan laten staan.

Zijn nationale-bankpresident Viktor Gerasjtsjenko spreekt echter heel andere taal. De economie is niet door het diepste dal heen, zoals Jeltsin beweert. De verdere val van de roebel (naar 393 voor één dollar) bewijst dat. Vice-premier Georgi Chizja maakt melding van een ongekende crisis in de militaire industrie. De "vouchers' illustreren de malaise. Deze privatiserings-cheques, bedoeld om een soort volkskapitalisme te scheppen, doen op de markt in Moskou nog maar vijfduizend roebel. In Krasnojarsk (Siberië) kan je ze al voor drieduizend op de kop tikken. Hun nominale waarde is tienduizend roebel.

Ex-president Michail Gorbatsjov, op voet van oorlog met Jeltsin wegens het uitreisverbod dat hem is opgelegd, jaagt de tweede kogel door de kerk. In besloten kring komt de leiding van de staatsveiligheidsdienst bijeen om zich te beraden over de “toestand in het land” en haar “trouw” aan de president te belijden. Op een openbare persconferentie onthult Gorbatsjov dat in Jeltsins Veiligheidsraad wordt gesproken over uitroepen van de “noodtoestand”. “De grootst mogelijke fout. Het zal het land naar de afgrond brengen”, aldus Gorbatsjov.

Woensdag 28 oktober ontbindt Jeltsin per decreet de "kardinaalsgarde', de schimmige strijdmacht van parlementsvoorzitter Roeslan Chasboelatov die eerder op de Izvestia was afgestuurd.

    • Hubert Smeets