Kwartet van Altena in een bij vlagen verhit debat

Concert: The American Connexion: Maarten Altena Ensemble & Anthony Braxton in stukken van Braxton, Altena, Peter van Bergen en Michiel Scheen. Gehoord: 24/10 BIMhuis, Amsterdam. Verder te horen: 27/10 Vredenburg, Utrecht. Later dit seizoen ontmoetingen met Roscoe Mitchell (dec), John Zorn (mrt '93) en Butch Morris (mei '93).

'The American Connexion', heet het nieuwe project van componist Maarten Altena. Het behelst geen flirt met de jazz, dè 'Amerikaanse' muziek bij uitstek, maar ontmoetingen met vier Amerikaanse componisten. Dat die, net als Altena zelf, stuk voor stuk wel iets met jazz hebben gehad, kan geen toeval zijn, maar hoeft op het klinkend resultaat geen invloed te hebben. Dat bleek althans in het BIMhuis waar bij de ontmoeting met Anthony Braxton niemand op swing of andere jazzy smetten kon worden betrapt, zeker niet in de stukken van Braxton zelf. Verraste diens kwartet vorig jaar met een serie doortimmerde constructies, de zaterdag door Braxton gedirigeerde composities klonken als breiwerk zonder eind. Op papier vormden de draden misschien een heel mooi patroon, maar aan de zaal werd zoiets niet hoorbaar gemaakt. Dat er na Formsystem A-1 een doodse stilte bleef hangen, was pijnlijk maar niet onbegrijpelijk.

Dat het daarop volgende Maal van pianist Michiel Scheen wel applaus opleverde, had niet alleen met het contrast te maken. Met een vleug nieuwe 'Volharding' aan het begin, Artisachtige geluiden en motorische bewegingen in midden en een heel duidelijk eind, leefde Scheens stuk in elk geval.

In nog sterkere mate gold dat voor Factorseries 021 van rietblazer Peter van Bergen. De laatste staat bekend als een scherpslijper die nooit tevreden is. Zijn alles-of-niks-methode werpt duidelijk vruchten af. Beginnend met keiharde blazersaccenten en lang doorklinkende noten van gitaar en piano evolueert het stuk gaandeweg van fortissimo naar pianissimo. Lange stilten en laconiek verbaal commentaar van slagwerker Michael Vatcher geven het stuk iets extra theatraals.

De stukken van Altena zelf hingen er op deze avond wat tussenin. Rij maakte door de nogal freaky sopranino solo van Braxton een minder uitgewogen indruk dan de plaatversie met Michael Moore (Cities & Streets, Hat Art CD 6082). Het tot slot gespeelde Code klonk echter heel spannend vooral dankzij trombonist Wolter Wierbos en Peter van Bergen. Zij mochten het stuk ter plekke modelleren met als resultaat een levendig, bij vlagen verhit debat waarbij wilde uitspraken niet werden geschuwd. En gelukkig maar; een onbezonnen kreet maakt soms meer duidelijk dan een lijvig proefschrift.

    • Frans van Leeuwen