Economie tweede trimester met 0,9 procent gegroeid

ROTTERDAM, 27 OKT. De Nederlandse economie is in het tweede kwartaal van dit jaar ten opzichte van de overeenkomstige periode van vorig jaar gegroeid met 0,9 procent. In de industrie bleef de bedrijvigheid in september, na twee maanden van lichte daling, op het peil van de voorgaande maand.

Een en ander blijkt uit de jongste gegevens van het Centraal Bureau voor de Statistiek.

Begin september meldde het CBS nog dat het volume van het bruto binnenlands produkt tegen marktprijzen in het tweede kwartaal met 1,5 procent was toegenomen. Dat betrof echter voorlopige cijfers. In de nu gepresenteerde cijfers is deze raming neerwaarts bijgesteld tot 0,9 procent groei. De groei over de eerste zes maanden van dit jaar, die aanvankelijk werd geraamd op 2,3 procent, komt nu uit op 2 procent.

De investeringen in vaste activa door bedrijven en overheid waren blijkens de jongste cijfers in het tweede kwartaal 3,3 procent lager dan een jaar eerder. Het volume van de investeringen afkomstig uit de bouwnijverheid liep terug met 2 procent. Daartegenover stond stond dat de investeringen in machines 4,9 procent hoger waren dan in het tweede kwartaal van 1991. De investeringen in vervoermiddelen in het tweede kwartaal waren ruim 20 procent lager.

Het volume van de consumptieve bestedingen door gezinshuishoudens in het tweede kwartaal was 1,2 procent groter dan een jaar eerder. Dit groeicijfer is het laagste na dat van het vierde kwartaal van 1988. De uitgaven aan duurzame consumptiegoederen, zoals auto's en woninginrichting, waren lager dan in dezelfde periode van 1991.

Het volume van de uitvoer van goederen en diensten in het tweede kwartaal was 3,1 procent groter dan een jaar eerder. De invoer daarentegen bleef op vrijwel hetzelfde niveau.

De bedrijvigheid in de industrie bleef in september op het niveau van augustus. De bezettingsgraad van de produktie-installaties zakte ten opzichte van juni met 1,5 punt naar 83 procent. De orderontvangst vertoonde in september een toename, maar die was minder groot dan op grond van het seizoen mocht worden verwacht.

Het oordeel van de ondernemers in de industrie over de orderontvangst liet een voor het seizoen gebruikelijke lichte verbetering zien. Over de orderpositie waren zij echter wederom minder goed te spreken, waardoor de dalende trend zich nog verder doorzette. Het oordeel van nu is vergelijkbaar met dat van begin 1987, toen de ondernemers ook tamelijk pessimistisch oordeelden over de gang van zaken. De personeelssterkte zal naar verwachting van de ondernemers in de komende zes maanden verder afnemen, en wel met circa 0,8 procent.

In de onderscheiden sectoren vertoonde de bedrijvigheid in september het volgende beeld: in de intermediaire goederenindustrie en de investeringsgoederenindustrie bleef de bedrijvigheid vrijwel gelijk aan het niveau van augustus; in de consumptiegoederenindustrie nam de bedrijvigheid in september licht toe.