Iraakse en Turkse Koerden nu in man-tot-man gevecht

HAKURK-VALLEI, 26 OKT. Iraaks-Koerdische strijders zijn gisteren een slotoffensief begonnen in de Hakurk-vallei, de driehoek waar Iran, Irak en Turkije samenkomen, om de (Turks-)Koerdische Arbeiderspartij (PKK) uit dit deel van Noord-Irak te verdrijven. Een deel van de Iraaks-Koerdische strijders was in de afgelopen dagen met bussen en jeeps vanuit de provincies Sulaimaniya en Kirkuk naar de Hakurk-vallei overgebracht om de slotfase in te luiden van de nu al drie weken durende gevechten tussen de Iraakse en Turkse Koerden.

Duizend tot vijftienhonderd peshmerga's (Koerdische strijders) namen in een man-tot-man-gevecht tegen de PKK een strategische berghelling in waar enkele belangrijke kampementen van de Turks-Koerdische strijders zijn gevestigd. Vanaf de omringende bergtoppen - waar zich nog eens enkele duizenden peshmerga's bevonden - werd de operatie ondersteund met zwaar artillerie- en mortiervuur. De PKK beantwoordde het artillerie- en mortiervuur van de Iraakse Koerden met zwaar machinegeweervuur, een kort, dof geluid dat ploffend tegen de berghellingen weerkaatste.

De slachtoffers onder de PKK werden door peshmerga-commandant Mohamed Ali op vijftig geschat (onder wie tien vrouwen). Onder de peshmerga's zijn slechts één dode en acht gewonden gevallen, aldus commandant Mustafa Khawrash. Maar zijn cijfer moet aan de lage kant zijn, want tijdens een bezoek aan het front werden in enkele uren tijd al zeven gewonden geteld, die in het stof en in de zon werden behandeld door één arts, met slechts valium als pijnstiller.

Enkele slachtoffers waren met muilezels vanaf het front naar al eerder op de PKK veroverde berghellingen vervoerd, een tocht die twee tot drie uur in beslag nam. Een van hen, Hasan Fatah, verklaarde te zijn verwond door splinters van een granaat, die was afgeworpen door een vrouwelijke PKK-strijder. Om te bewijzen dat de Iraaks-Koerdische strijders kampementen van de PKK hebben veroverd, liet hij een foto zien van PKK-leider Abdullah Öçalan en een schrift met gedichten in het Koerdisch, die hij in het kamp had gevonden.

De hele dag werden gisteren nieuwe manschappen en materieel, zoals munitie en machinegeweren, naar het front gezonden. Volgens een van de leiders van het offensief in de Hakurk-vallei, Khosrat, beheerst de PKK nog enkele berghellingen in de uiterste punt van de driehoek waar Iran, Irak en Turkije aan elkaar grenzen - een bergachtige streek die zich slechts leent voor de guerrillastrijd. Hij schatte, vanaf een heuvelpad op de gevechten uitkijkend, dat de PKK in enkele dagen uit dit deel van Noord-Irak zal zijn verdreven. “Iraaks-Koerdische strijders hebben de PKK in de afgelopen weken volledig omsingeld. Slechts één corridor richting Iran is nog open”, aldus Khosrat.

Het Iraakse Koerdistanfront, de paraplu waaronder de belangrijkste Koerdische partijen in Noord-Irak zich hebben verzameld, had de PKK tot gisteren de gelegenheid gegeven de regio vrijwillig te verlaten. “Ons doel is niet om de PKK-strijders te doden”, aldus commandant Khawrash, “maar om hen uit de grensstreek te verdrijven”.

Het Iraaks-Koerdische offensief werd begin deze maand op aandringen van Turkije gelanceerd omdat de PKK met name in de afgelopen maanden vanuit Noord-Irak de aanvallen op Turkse grensposten en dorpen in het zuidoosten had verhevigd. Voor de Iraakse Koerden is de aanwezigheid van de PKK in de grensstreek bovendien een belemmering voor de herstructurering van de dorpen die in de afgelopen jaren grotendeels werden verwoest door het bewind in Bagdad. Abbas Sego, een van de bewoners van het dorp Kora Batros, niet ver van het front, zei vorig jaar naar zijn huis te zijn teruggekeerd na meer dan een jaar gedwongen in een collectief dorp in de buurt van de nabijgelegen stad Diyanah te hebben gewoond. “Maar wij vreesden elke dag de PKK”, aldus Sego. “Wij werden gedwongen hen van voedsel te voorzien. Aan de andere kant zijn wij bang voor de bombardementen van het Turkse leger, ter vergelding van de PKK-acties in Zuidoost-Turkije.”

Volgens de Peshmerga-commandanten Khosrat en Khawrash wordt de PKK in de Hakurk-vallei ondersteund door Iran, “dat al enkele nachten achtereen helikopters naar de PKK-kampementen stuurt met militair materieel en voedsel. Gewonden worden vervolgens mee teruggenomen naar Iran”. Hun uitspraak werd ondersteund door twee PKK-strijders die zich vorige week hebben overgegeven aan de Iraakse Koerden. Yabar Rosun en Abdul Rachman Korsit, die beiden al zes jaar deel uitmaken van de PKK-strijdmacht in Noord-Irak, zeiden dat er nachten zijn waarin de helikopters tot drie keer toe ladingen met voedsel en kleding afleveren. De gewonden onder de PKK worden bovendien met paarden naar Iran vervoerd, aldus de twee deserteurs.

Uit walkie-talkie-contact dat de Iraakse Koerden met de PKK-strijders hebben, is duidelijk geworden dat de PKK de strijd in de Hakurk-vallei niet vrijwillig zal opgeven. “Wij horen steeds”, aldus commandant Khawrash, “dat de PKK de strijd tot de laatste man of vrouw wil uitvechten.” Rosun en Korsit zeiden niet de indruk te hebben dat de PKK-strijders naar Iran zullen uitwijken.

Het slotoffensief in de Hakurk-vallei wordt begeleid door Turkse officieren, die al geruime tijd, gekleed in de traditionele peshmerga-kledij, in Noord-Irak verblijven. Daarnaast zijn vorige week ongeveer 5.000 Turkse militairen in het gebied in actie gekomen en bombarderen Turkse vliegtuigen PKK-kampementen. De Iraakse Koerden zeggen Turkije te hebben gevraagd de militaire activiteit in Noord-Irak te staken.

    • Froukje Santing