Zeldzaam lek werpt licht op asielbeleid EG

BRUSSEL/DEN HAAG, 24 OKT. Een zeldzame gebeurtenis gisteren, dat uitlekken van een voorstel om alle Europese landen op dezelfde manier "kennelijk ongegronde' asielverzoeken te laten afwijzen. Want hoewel het om EG-lidstaten gaat, "Brussel' het lek is, en het blijkbaar een harmonisatie-maatregel betreft, is er geen sprake van EG-regelgeving.

De "ad hoc groep immigratie' werkt in het diepste duister van de diplomatie, buiten de inspraak van het Europese parlement of de controle van het Europese Hof van Justitie om. Zij bereiden geen EG-richtlijnen of -verordeningen voor, maar "ouderwetse' verdragen en conventies. Of, zoals in dit geval, politieke resoluties waarover bij unanimiteit door de ministers moet worden beslist. Van hun werk lekt dan ook zelden iets uit.

Pas als er op de halfjaarlijkse bijeenkomst van Europese regeringsleiders weer een nieuwe steen gelegd wordt voor het gezamenlijke vluchtelingenrecht, wordt de openbaarheid iets wijzer. Want dat is immers de bedoeling; tijdens de fameuze Europese Raad in Maastricht in december is besloten op termijn de vreemdelingenwetten in de twaalf lidstaten op dezelfde manier te veranderen. De "ad hoc groep' bedenkt sindsdien voorstellen te beginnen met die terreinen waar de nood het hoogst is. (Voor de "Maastricht'-liefhebbers: het betreft hier dus gerommel uit de intergouvernementele pijler van het Verdrag.)

De Nederlandse Tweede Kamer werd overigens eerder deze maand door Justitie vertrouwelijk op de hoogte gesteld van de plannen. Een privilege dat moeizaam bevochten was bij behandeling van het Akkoord van Schengen, dat ook in strikt besloten ambtelijke kring in elkaar was getimmerd. De Kamer is nu van plan bij dit akkoord de regering streng in de gaten te houden. Het CDA bereidt een motie voor dat instemming van de Kamer vooraf verplicht stelt voordat de regering akkoord mag gaan.

Eind november zullen de ministers van vreemdelingenzaken in Londen vermoedelijk drie "resoluties' vastleggen. Eén daarvan lekte gisteren uit: er komen gelijke criteria voor het afwijzen van "kennelijk ongegronde' asielverzoeken. Wie de asielprocedure misbruikt of in een "veilig land' elders onderdak had kunnen krijgen, mag via een versnelde procedure binnen hooguit twee maanden teruggestuurd worden. De andere twee resoluties omvatten vermoedelijk een definiëring van het "land van eerste ontvangst' en een regeling van het nog op te richten "Centrum voor informatie, beraad en gegevensuitwisseling'. Die instelling, ook wel aangeduid als clearing house, zou als databank voor de Europese lidstaten moeten dienen zodat asielverzoeken eenvormig beoordeeld kunnen worden.

Vooral de plannen die "Europa' met de kennelijk ongegronde asielzoekers heeft, wekken al maanden de argwaan van vreemdelingen-juristen in de lidstaten. Tot nu toe beperkten de lidstaten zich tot procedure-afspraken: wiens nationale vreemdelingenrecht onder welke omstandigheden moet worden toegepast. Nu grijpen de lidstaten voor het eerst naar het vreemdelingenrecht zelf, zoals dat sinds de Conventie van Genève van 1951 en de Overeenkomst van Dublin van 1990 is gegroeid en steeds is aangevuld door resoluties van de VN-organisatie voor vluchtelingen, de UNHCR.

Belangrijkste toetssteen voor de commentatoren is steeds: houdt Europa de bescherming van de vluchtelingen tegen vervolging volgens deze verdragen in volle omvang overeind? Uit de verschillende concepten die inmiddels zijn uitgelekt, is duidelijk dat hierover tussen de lidstaten kennelijk fel gevochten wordt. Het gisteren uitgelekte concept, gedateerd op 1 juli, beperkt de definitie van vervolging tot “ernstige bedreiging van leven en vrijheid”. Een herzien concept, dat bekend staat als de "oktober versie' voegt de andere criteria uit "Genève' weer toe: ernstige bedreiging op grond van ras, godsdienst, maatschappelijke of politieke overtuiging. Kennelijk wordt er stevig heen en weer getrokken tussen de "strengen' en de "liberalen'. Overigens heeft minister Hirsch Ballin de Nederlandse Tweede Kamer inzage geweigerd in de oktober-versie. Naar in Den Haag wordt vermoed, heeft dat te maken met de daarin aangekondigde maatregelen tegen de mafia.

Ook in de resolutie over het "land van eerste opvang' lijkt de neiging aanwijsbaar om de garanties voor vluchtelingen terug te brengen. Zolang een vluchteling in het land van eerste opvang niet mishandeld wordt, is terugsturen toegestaan, zo wordt voorgesteld. De verdragen vragen echter om een veel betere bescherming - ook godsdienstvrijheid en gelijke sociale rechten moeten daar gegarandeerd zijn.

Grootste doorn in het oog is echter de opkomst van de groepscriteria in de nieuwe Europese regels. De verdragen houden de individuele beoordeling van ieder individueel asielverzoek als rechtsbeginsel hoog. Volgens de nieuwe Europese afspraken moeten straks ook de kenmerken van het land van herkomst een belangrijke rol gaan spelen. In het nieuwe jargon wordt dit wel het safe country-beginsel genoemd. Ook in de gisteren uitgelekte resolutie is sprake van landen waar “in algemene termen” geen sprake is van serieuze vervolging. Tijdens de vorige vergadering van de Europese ministers van immigratie vorig jaar in Maastricht, werd al vastgesteld dat er van een “duidelijk ongegrond” asielverzoek sprake is als de asielzoeker uit een land komt “waarvan met zekerheid gesteld kan worden dat het objectief en verifieerbaar in beginsel geen vluchtelingen genereert”. Wie zich desondanks vervolgd voelt moet dat zelf aantonen. In de praktijk betekent dit dat vluchtelingen uit als safe bekend staande landen de EG-lidstaten er maar sporadisch van zullen overtuigen dat ze toch worden vervolgd. Zij zijn immers "in beginsel' veilig. Deskundigen noemen dat een "geografische inperking' van het asielrecht volgens het Verdrag van Genève. Dat kan er onder mee toe leiden dat sommige nationaliteiten per definitie zullen worden uitgesloten van het asielrecht, zo wordt gevreesd.

    • Folkert Jensma
    • Frank Vermeulen