Vuurwerk dooft snel in eindfase schaakstrijd

TILBURG, 24 OKT. Rustam Kamsky was de enige die na zo'n drie uur spelen in de perskamer van het Interpolis schaaktoernooi nog intensief de stelling van zoon Gata onder de loep wilde nemen. Als rechtgeaarde aartspessimist en zeer middelmatig schaker kostte het hem zelfs niet al te veel moeite om onverminderd dreigende varianten aan te tonen waarmee Boris Gelfand zijn oogappel nog duchtig kon belagen. Weinig later werd de algemene verwachting bewaarheid toen kort na Smirin-Adams ook de tweede partij op de eerste speeldag van de halve finales in een weinig opzienbare remise eindigde.

Het was een ietwat suffe afsluiting van een ronde die veelbelovend begon. In beide partijen bleken de spelers bereid een principiële discussie aan te gaan in een ver uitgeanalyseerde openingsvariant. Michael Adams verdedigde zich met het Marshall-gambiet. Ooit werd dit pionoffer door Spasski omgesmeed tot een actieve manier om met zwart op remise te spelen. Die mogelijkheid zal Adams zeker ook in zijn achterhoofd hebben gehad, maar op voorhand vredelievend betoont de Engelsman zich hoogst zelden.

Hij verloor nog nooit met de Marshall. Wel won hij er onder meer verleden jaar een bijzonder fraaie partij mee van Ivantsjoek. Uitgerekend diezelfde Ivantsjoek liet enkele dagen geleden tegen Kamsky een bestrijding van een van de hoofdvarianten zien die velen voor een weerlegging hielden. Adams koos voor een minder gangbare, maar gezond ogende voortzetting die hem goed spel opleverde. Heel goed spel, werd aanvankelijk gedacht, totdat Adams met een remisevoorstel toegaf dat Smirin zijn problemen adequaat had opgelost.

Gelfand confronteerde Kamsky met zijn favoriete bestrijdingswijze van de Grünfeld-verdediging. Een netwerk van subvarianten waaraan hij zoals hij toegaf lichtelijk verslaafd is. Tegen Kamsky had hij met deze opstelling nog iets goed te maken. Twee jaar geleden hield de jonge Amerikaan hem in Tilburg bekwaam op remise. Vorig jaar in Belgrado verging het Gelfand nog minder en ging hij in zijn lievelingsvariant onderuit. De eerste 23 zetten die dit keer op het bord verschenen had de Wit-Rus thuis al eens bekeken. De conclusie was dat wit met een klein voordeeltje risicoloos op winst kon spelen. Inderdaad had Gelfand steeds iets, maar meer wilde het maar niet worden.

    • Dirk Jan ten Geuzendam