Tv jaagt zelfs in league toeschouwers van tribunes

LONDEN, 24 OKT. De trotse uitvinders van het voetbal, de Engelsen, hebben in de eerste twee maanden van dit seizoen te kampen met een verontrustende daling van het stadionbezoek in de hoogste divisie van liefst elf procent. Dat zijn gemiddeld ongeveer 2.500 toeschouwers per wedstrijd minder. Dat komt, beweren de experts, omdat het aantal armchair-fans - supporters die thuis in hun luie stoel voor de televisie zitten - flink is toegenomen.

Wat men in Nederland via NOS en RTL4 aan voetbal krijgt te zien is nog niets vergeleken met de hoeveelheid die de Engelsen sinds kort in hun huiskamer krijgen voorgeschoteld. Elke zondag kunnen ze kiezen uit liefst drie rechtstreekse reportages. Channel 4 zendt wekelijks een wedstrijd uit de Italiaanse competitie uit, ITV doet hetzelfde met een duel uit één van de lagere divisies en BSkyB (British Sky Broadcasting) heeft op de zender een ontmoeting uit de hoogste klasse, de Premier League, en zendt er een dag later, op maandagavond, nog één uit.

En dan zijn er nog de 'gewone' programma's, zoals BBC's Match of the Day op de zaterdagavond (een uur samenvattingen), dat met een gemiddeld aantal kijkers van vier à vijf miljoen per keer veruit de populairste voetbaluitzending in Engeland is. BSkyB verzorgt naast de rechtstreekse beelden wekelijks nog minstens zo'n elf uur voetbal.

Wie gaat er nog zijn huis uit om in een koud stadion voor een fikse toegangsprijs naar een wedstrijd te kijken?

Financieel wordt de teruggang van het aantal toeschouwers in de hoogste klasse ruimschoots gecompenseerd door de veel hogere tv-inkomsten. De Premier League (22 clubs) sloot voor de periode van vijf jaar een droomcontract van 304 miljoen pond (836 miljoen gulden) af met de satellietzender BSkyB. Norwich City, de huidige koploper, kreeg bijvoorbeeld de afgelopen vier jaar 400.000 pond (1,1 miljoen gulden) per jaar van de televisie. Nu is de club al zeker van zo'n 1,5 miljoen pond (4,1 miljoen gulden), maar de kans is gezien de hoge klassering groot dat dat bedrag nog flink zal stijgen. De helft van het beschikbare sponsorbedrag wordt evenredig over de clubs verdeeld, een kwart naar het aantal keren dat een ploeg op tv komt en een kwart naar de positie in de eindstand.

Volgens Rick Parry, directeur van deze "superdivisie', zijn ondanks het vette tv-contract volle stadions een absolute noodzaak om het voetbal populair te houden. “We mogen geen tv-league worden.” Parry, die namens de Premier League met de tv-maatschappijen onderhandelde, heeft bewust voor Sky als partner gekozen. Lang niet iedereen in Engeland kan deze zender namelijk ontvangen. Daar is een speciale schotel voor nodig en er moet abonnementsgeld - zo'n tien gulden per maand alleen voor het voetbal (Sky heeft ook twee filmnetten) - worden betaald. Momenteel kunnen circa 3,4 miljoen huishoudens BSkyB op hun scherm krijgen en staan een paar honderdduizend mensen op de wachtlijst voor een schotel.

Parry is er trouwens nog niet van overtuigd dat de hausse aan voetbal op televisie de belangrijkste oorzaak is van de drastische daling van het stadionbezoek. Hij wijst erop dat door de huidige recessie in Engeland veel mensen geen geld hebben om alle wedstrijden van hun favoriete ploeg te bezoeken. En dat terwijl tachtig procent van de clubs uit de Premier League juist aan het begin van het seizoen de toegangsprijzen hebben verhoogd, gemiddeld met twintig procent. Dat was zeer tegen de zin van Parry. Hij had gehoopt dat de clubs de supporters hadden laten meeprofiteren van de flinke meeropbrengst van de tv. Alleen Tottenham Hotspur en Norwich City verlaagden hun prijzen.

De andere clubs verweren zich door te stellen dat ze het geld hard nodig hebben om hun stadions te verbouwen. En ze willen natuurlijk ook nog een sterk elftal op de been brengen. In het najaar van '94 moeten volgens de aanbevelingen van het Taylor-rapport in alle accommodaties de staanplaatsen zijn verdwenen. In het stadion van Manchester United, Old Trafford, wordt momenteel de bekende Stretford-tribune verbouwd en is voor bijna een jaar afgesloten. Om die zware klap op te vangen verhoogden de rood-witten de prijzen het meest, zestig procent voor de zitplaatsen en 47 procent voor een seizoenkaart. Manchester United heeft van alle clubs in de Premier League de grootste achteruitgang in publieke belangstelling in vergelijking met vorig seizoen, dertig procent. Chelsea uit Londen, de club waar premier John Major supporter is, heeft overigens de duurste toegangskaarten.

De Premier League zal binnenkort in samenwerking met de FA een grootscheeps onderzoek starten naar de oorzaken van de terugloop in toeschouwersaantallen. Dat zou weleens kunnen resulteren in het advies aan de clubs de toegangsprijzen te verlagen. Tweedeklasser West Ham United deed dat al uit eigen beweging na tegenvallend bezoek van de toeschouwers in de laatste wedstrijden. Coventry City geeft 2000 kaarten weg aan werklozen voor het duel tegen Chelsea van dit weekeinde. Al voor de start van de competitie protesteerde de Football Supporters' Association bij de minister van sport, David Mellor, over de verhogingen.

De Premier League draait dit seizoen voor het eerst. Ze is een besloten vennootschap. De 22 clubs zijn de aandeelhouders. De Football Association heeft een soort gouden aandeel. De FA doet de administratie van de nieuwe divisie en biedt in haar gebouw aan Lancaster Gate in Londen onderdak aan directeur Rick Parry en zijn staf. De drie andere profklassen vallen onder de oude Football League.

Het voordeel van de afscheiding van de toppers is dat de clubs een hogere opbrengst van tv en reclame krijgen. Het is ook de bedoeling dat er beter voetbal en beter comfort in de stadions wordt geleverd dan vroeger. Parry geeft toe dat wat dat eerste betreft de Premier League nog niets verschilt van de oude 'Division One'. Het spelniveau is nog hetzelfde. Volgens Parry gaat er geruime tijd overheen voordat er verbeteringen te zien zullen zijn.

Om de spelers minder te belasten en zodoende de kwaliteit van het voetbal te verbeteren zal de Premier League na het seizoen 1994-'95 van 22 naar twintig clubs worden teruggebracht. Verscheidene managers zijn voor nóg minder ploegen dan twintig. George Graham van Arsenal wil het liefst naar zestien clubs. Rick Parry weet zeker dat een voorstel om nog verder in te krimpen het nooit zal halen. Volgens hem zijn met name de "kleine' clubs bang dat juist zij buiten de boot zullen vallen.

Er is binnen de Premier League duidelijk een tweespalt tussen de "grote' clubs aan de ene en de "kleine' clubs aan de andere kant. Dat ontaardde verleden maand al in een conflict. Bierbrouwerij Bass wilde voor een bedrag 13 miljoen pond (35,7 miljoen gulden) zijn naam aan de league binden, maar acht topclubs, de Platinum Eight genoemd, hielden de deal tegen. Ze gingen vervolgens zelf een verbintenis met het marketingbedrijf Dorna aan. Dat zette kwaad bloed bij de andere verenigingen die dreigden uit de Premier League te stappen. Zo ver kwam het echter niet. De sfeer is nog wel steeds gespannen en directeur Parry spreekt van “een groot probleem”. Een bijeenkomst voor volgende week werd afgelast om zodoende verdere moeilijkheden te voorkomen.

Toch heeft de nieuwe situatie in het Engelse voetbal in ieder geval al één voordeel opgeleverd. Het voetbal op maandag trekt opvallend veel publiek. Wegens de rechtstreekse tv-uitzending van BSkyB wordt er elke week op die dag één wedstrijd gespeeld. De clubs waren in instantie verre van enthousiast, maar die stemming is inmiddels omgeslagen. Drie van de verenigingen die tot nu toe een thuiswedstrijd op een maandag moest spelen haalden uitgerekend bij die gelegenheid hun hoogterecord van dit seizoen.