Marabar (slot)

Ie kunt E. M. Forsters metafoor van de grot van Marabar lang volhouden. Want wat is er spannender dan de ontmoeting in de sensuele duisternis, tussen twee mensen uit twee verschillende culturen, die elkaars taalcodes niet begrijpen en elkaar daarom alleen lijfelijk kunnen betasten en besnuffelen. Niet de ontmoeting zelf, maar de grot is zo intrigerend - in het klassieke geval van Forster vindt de ontmoeting niet eens plaats. De duisternis beperkt het zicht, de echo begrenst de spraak. Daar buiten, in het felle licht, zijn de mensen met hun maatschappelijke geboden en verboden. Hier binnen is slechts de wellust, de prikkelende fantasie, het rijk van de hartstocht.

Je kunt E. M. Forsters metafoor van de grot van Marabar lang volhouden. Want wat is er spannender Een krachtigere en meer omvattende metafoor is nauwelijks denkbaar, en toch gaat het op een punt mis: als je het wilt hebben over de begeerte van de zwarte vrouw voor de westerse man. Dan spelen ineens geen zinnelijke verlangens een rol, maar gaat het om "sociale problemen', en lijkt het geen mooi literair gegeven te zijn, maar een sociologisch vraagstuk. Het is een wereld van wegloperij, druggebruik, opvanghuis en categorale crisishulpverlening.

In deze zin had Emma Brunt gelijk, toen ze enkele weken terug in een reactie op deze serie opstellen over interculturele liefdes in het Parool schreef dat de grot van Marabar meer een sociale dan een sensuele duisternis symboliseert. Ze zei dat Adela in A Passage to India niet gek werd van de echo's van haar eigen fantasie, maar van de scheldpartijen die haar in haar kleinburgerlijke omgeving te wachten stonden. Maar als dat voor de blanke Adela geldt, gaat het in nog veel sterkere mate op voor de zwarte Adela.

Neem bijvoorbeeld het Marokkaanse meisje dat vertelt dat ze van haar ouders niet eens naar de bibliotheek mocht: ""Mensen gingen roddelen dat ik een vriend had, en dat was ook zo. Je kunt het gewoon niet geheim houden, vooral niet in onze stad. Ze gaan dan over je praten en dan ben je gewoon een of andere slet. (...) Ik zou al met mijn neef trouwen. Dus toen hebben ze me thuis gehouden, ze vertrouwden me niet meer. En omdat ik verloofd was, moest ik me als een voorbeeldige bruid gedragen, zoals een hoofddoek en al die dingen. Gewoon thuis zitten, meer niet, ik mocht niet meer naar buiten. Het was net een soort gevangenis. Ik heb zeven maanden gedacht: was ik maar nooit geboren.''

Dit citaat komt uit het boek Andere tijden, andere meiden van Lenie Brouwer en anderen, dat een verslag is van een diepteonderzoek naar 96 allochtone meisjes die van huis zijn weggelopen. Het zijn de verbijsterende verhalen van kleine heldinnen: ""Als ik aan het leren was kwam mijn vader zeggen dat ik de koran moest lezen - nou, toen ben ik dus uit huis weggelopen.'' Of deze: ""Ik kreeg geen geld, dus nam ik het uit hun portemonnee. Ik vind dat geen pikken, want mijn vader pikte de kinderbijslag voor zijn auto.'' Maar juist omdat je weet dat het hier om meisjes met uitzonderlijk veel moed en karakter gaat, besef je wat er allemaal moet gebeuren in het leven van al die gewone gekleurde tieners die minder dapper en heldhaftig zijn. Al die meisjes die doen alsof er niets aan de hand is, terwijl ze geen spijkerbroek mogen dragen, niet mogen zwemmen, na school onmiddellijk naar huis moeten komen, niet op schoolreisjes of naar bioscoop of disco mogen, soms zelfs een hoofddoek om moeten en bijna allemaal geslagen worden: ""Mijn moeder kijkt de hele dag naar die stomme Hindoestaanse films'', vertelt een Surinaams-hindoestaans meisje. ""Zij voert niets uit in huis. Als ik van school kom moet ik het allemaal doen en als ik er iets van zeg krijg ik zo een klap in mijn gezicht.''

Het schokkende is niet alleen dat de jonge meisjes in migrantengezinnen zo vaak geslagen en mishandeld worden, maar dat ze ook nog bereid zijn de daden van hun ouders in voorbeeldig welzijnsjargon te "verklaren': ""Mijn vader kreeg later financiële moeilijkheden, en hij miste Marokko ook. Ik denk dat hij daarom ook meer is gaan slaan. Het maakte hem ook niet meer uit waar hij sloeg, op m'n hoofd, m'n rug, overal waar hij me kon raken en met wat hij maar in handen kreeg.''

De enige goede manier om uit deze "sociale duisternis' te raken is via het onderwijs, zou je denken. Maar het lukt niet zo erg: maar liefst tachtig procent van de Marokkaanse jongeren in Nederland haalt nooit een schooldiploma. De meisjes worden acht keer zo vaak naar de huishoudschool gestuurd als hun Nederlandse leeftijdsgenoten en bijna driekwart van de vijftienjarige meisjes blijft gewoon thuis. Volgens de Koran heeft de vrouw een geboorterecht op levensonderhoud: eerst wordt ze verzorgd door haar vader en daarna door haar echtgenoot. Het opvoedingsdoel is dus het huwelijk, vertellen Jannet van der Hoek en Martine Kret in hun boek over de gezinsinvloeden op Marokkaanse tienermeisjes.

Dit recht op levensonderhoud is door veel "migrantvriendelijke' onderzoekers gebruikt om het beeld, dat vrouwen in de Islam worden onderdrukt, te weerspreken. Maar ze verzwijgen dan wel de moordende tegenprestatie die vrouwen voor dit recht moeten leveren: de plicht tot gehoorzaamheid, die bijna helemaal in seksuele termen wordt vertaald: maagdelijkheid tot het huwelijk en absolute trouw daarna. Eerbaarheid is belangrijker dan geleerdheid en de school is bovendien een plek van gevaar, omdat hier de sexen elkaar ontmoeten. Vandaar de onverschilligheid van de meeste Marokkaanse ouders ten opzichte van de schoolprestaties van hun dochters. Wat ze leren is mooi meegenomen, maar niet noodzakelijk. Ze moeten goede echtgenotes worden, en goede moeders. Dat is de basiswaarde in de migrantengemeenschappen, ongeacht de sociale status of het opleidingsniveau van de ouders.

Maar is deze gehoorzaamheid tegenover vader en echtgenoot in ruil voor het recht op levensonderhoud niet anachronistisch geworden, nu men in een Westerse samenleving woont? Hier heeft iedereen vanzelf het recht op levensonderhoud, dat is het wezenskenmerk van de verzorgingsstaat.

In Engeland is dit simpele feit door de allochtone meisjes al ontdekt, schrijft de Britse sociologe Angela McRobbie in haar artikel "Teenage Mothers: A New Social State?'. De zwarte tieners raken op jeugdige leeftijd zwanger, waardoor ze de beschikking krijgen over een bijstandsuitkering, kinderbijslag, een urgentiebewijs en tenslotte een betaalbare huurwoning. Terwijl de werkloze jongens in de migrantengemeenschappen gedwongen zijn langdurig bij hun ouders te blijven wonen, kunnen de meisjes met behulp van het moederschap in een keer de sprong maken naar sociale zelfstandigheid. Het is financieel gezien geen rozentuin, waarschuwt McRobbie, en dat weten de meisjes als geen ander. Maar het gaat om de autonomie, het recht op zelfbeschikking, zonder tiranniserende ouders of echtgenoten. Want dat is een fout die de zwarte tienermoeders in Engeland zelden begaan: trouwen. In de tabloids wordt daar schande van gesproken: ""The state should not encourage bastardy.'' Maar het taboe rond onwettigheid is zelfs in Engeland al lang doorbroken, waardoor deze "love on the dole' langzaam aan een geaccepteerde strategie is geworden om de vicieuze cirkel van overheersing door vader en echtgenoot te verlaten.

Wat houdt de Marokkaanse, Turkse en Hindoestaanse meisjes in Nederland eigenlijk nog tegen? De "basiswaarde' van maagdelijkheid voor en trouw na het huwelijk kan hier in een keer aan diggelen worden geslagen als de meisjes besluiten op jonge leeftijd zwanger te worden. En dan liefst van een jongen buiten de eigen cultuur, en nog liever van een jongen uit de westerse cultuur. Want men kan misschien nog gedwongen worden om met de jongen uit de eigen etnische groep te trouwen, maar geen Marokkaan, Turk of Hindoestaan zal het in zijn hoofd halen de blanke jongen in de eigen familie op te nemen, nog los van de vraag of de blanke jongen wel zo'n zin heeft om tot die familie toe te treden.

Het is natuurlijk makkelijk gezegd, ""Allochtone meisjes van Nederland: wordt zwanger''; de dag waarop de zwangerschap bekend wordt zal een hel zijn. Maar liever een zo'n dag dan levenslange onderwerping en terreur. Liever even knipperen met de ogen, dan de sociale duisternis in de grot waartoe onze migrantenmeisjes veroordeeld zijn.

    • Anil Ramdas