Bloedeloze dans op saxofooncomposities

Gezelschap: Dansproduktie. Nieuwe werken: ß8Cooper's Bill; choreografie: Guido Severien; muziek geïmproviseerd en uitgevoerd door Leo van Oostrom (saxofoon) en Paul Koek (slagwerk). ß8 Moths to a flame; choreografie: John Taylor; muziek: Henk van Alkema en Klas Torstensson, uitgevoerd door Leo van Oostrom en Paul Prenen (piano). ß8 John C; choreografie: Bianca van Dillen; muziek: Henk van der Meulen, uitgevoerd door Leo van Oostrom en Paul Prenen; kostuums en decorontwerp voor alle drie de werken: Andrea Blotkamp; licht: Marc van Gelder. Gezien: 23 /10, Frascati, Amsterdam. Daar nog te zien: 24, 27, 28 en 29/10. Informatie over verdere voorstellingen: 020-6242166.

Onder de verzameltitel Saxdances brengt de stichting Dansproduktie drie nieuwe choreografieën die alle als muzikale begeleiding een compositie voor saxofoon hebben. Een tweede rode draad vormen de fraaie toneelbeelden, de weinig flatterende kostuumontwerpen van Andrea Blotkamp en de belichting van Marc van Gelder. Zoals altijd bij Dansproduktie is het muzikale, live uitgevoerde, aandeel interessant en zoals de laatste jaren vaak het geval was, staat ook nu het dansaandeel niet op datzelfde niveau.

Guido Severien, John Taylor en Bianca van Dillen zijn ditmaal de choreografen. Van Dillen en Taylor maakten duetten, Severien gebruikt weliswaar vier dansers, maar laat die in verschillende samenstelling paarsgewijs optreden. De twee gehanteerde dansstijlen zijn gebaseerd op Cunningham- en Limon-technieken, bij Severien hoofdzakelijk Cunningham, bij Taylor Limon en bij Van Dillen een mengeling van beiden. Op zichzelf een interessant gegeven, zoals op papier de hele programma-opzet boeiend is. Waarom is de uitwerking dan toch weer onbevredigend terwijl het bewegingsmateriaal vaak beslist de moeite waard is.

Bloedeloos is het eerste woord dat in mij opkwam na het zien van de voorstelling. Iedereen doet vreselijk zijn best en er wordt zo veel bewogen. Maar je wordt er niet door meegevoerd, er is geen magie, behalve bij John Taylor in wiens lichaam iedere vezel ademt en iedere beweging een vanzelfsprekend ritme heeft en een geschakeerde dynamiek waardoor hij constant de aandacht weet vast te houden. Zijn persoonlijke dansstijl is ook herkenbaar in zijn choreografie Moths to a flame, een in opzet speels en mild uitdagend duet. In Guido Severiens Cooper's Bill vermoed je een verschillende gelaagdheid in de relatie tussen mensen, maar het blijft onduidelijk en mijn oog dwaalde van de dansers herhaaldelijk af naar de gedreven slagwerker Paul Koek en saxofonist Leo van Oostrom. Een veeg teken.

Van Dillens John C, geïnspieerde op John Cage's uitspraak "I have nothing to say and I am saying it, and that's poetry', heeft spirituele momenten en de kenmerken van de twee verschillende dansstijlen zijn knap getroffen. De choreografische opbouw is echter niet zodanig dat het geheel je constant op de punt van je stoel doet zitten.