Spoken op zoek naar Amerika; Poolromans van Beryl Bainbridge en Robert Edric

Beryl Bainbridge: The Birthday Boys. Uitg. Duckworth, 189 blz. Prijs ƒ 52,35. Robert Edric: The Broken Lands. Uitg. Jonathan Cape, 278 blz. Prijs ƒ 64,90.

De Engelse krant The Independent on Sunday deed onlangs uitgebreid verslag van twee nieuwe plannen om de Zuidpool te bedwingen. Net als in het begin van deze eeuw, toen Amundsen en Scott streden om de eer er als eerste te staan, nemen Noorwegen en Engeland het tegen elkaar op. De poolgebieden blijven de Engelsen fascineren. Het kan dan ook geen toeval zijn dat binnen korte tijd twee Engelse romanciers beroemde poolreizen hebben gekozen als stof voor een historische roman.

In The Birthday Boys vertelt Beryl Bainbridge door de ogen van vijf expeditieleden het verhaal van Scotts noodlottige reis naar Antarctica in 1910-'12. Aangezien hier al bibliotheken over vol zijn geschreven, zowel door de deelnemers in hun dagboeken als achteraf door anderen, ging het haar vooral om de literaire vorm. Voor The Broken Lands koos Robert Edric daarentegen juist een reis die in een mysterie is geëindigd: de in het niets verdwenen expeditie van Sir John Franklin, die in 1845 met twee schepen vertrok op zoek naar de doorgang via het arctisch gebied naar Amerika. Beide ondernemingen eindigen in dood en verderf: Scott en zijn vier metgezellen sterven op de terugweg, de reis van Franklin overleeft niemand.

Doordat over Franklins reis weinig bekend is, kan Edric zich een grote vrijheid veroorloven bij het invullen van het verhaal, maar hij kan tevens minder op herkenning en sympathie van de lezer rekenen. We zijn getuige van de slepende ondergang van de mannen aan boord van Franklins twee schepen. Machteloos zien we toe hoe het gezag afbrokkelt en hoe de mannen lichamelijk aftakelen, ten prooi aan scheurbuik en waarschijnlijk voedselvergiftiging.

Zijn beschrijvingen van gruwelijke ziektes zijn beeldend. Wist Edric maar met evenveel overtuiging de teloorgang te beschrijven van die zonderlinge gemeenschap, die twee jaar lang op spookschepen in het arctische ijs in leven probeert te blijven. Bij vlagen imponeert hij met zijn vindingrijkheid, maar de interessantste figuren, bijvoorbeeld ene Tozer die zich als een heuse rebellenleider met zijn manschappen op het ijs terugtrekt, worden niet uitgewerkt tot mensen van vlees en bloed. Toegegeven, het is lastig dat Franklin zelf al in 1847, dus ruim voor het einde van het verhaal, aan een hersenbloeding overleed, maar het is Edric niet gelukt deze moeilijkheid te overwinnen en de spanning de hele roman vast te houden.

Bij Bainbridge komt de dood nauwelijks aan de orde, en ook de verjaardagen van de titel zijn bijna terloops in de verhalen verwerkt. Het zijn meer symbolen voor het verstrijken van de tijd dan echte evenementen. Dat wil niet zeggen dat de auteur losjes met de feiten omgaat, integendeel: wie, zoals ik, diverse van bovengenoemde verslagen en dagboeken over Scott heeft gelezen, moet vaststellen dat ze de geschiedenis gewetensvol behandelt. Maar haar belangstelling gaat vooral uit naar de drijfveren van haar figuren en hun omgang met elkaar. Door de fijne nuances van het taalgebruik maakt Bainbridge tegelijk van de vijf ik-figuren sociologische portretten.

Het resultaat is even ingetogen als dramatisch, met taferelen die lang in het geheugen blijven hangen, bijvoorbeeld het gesprek over de vraag of ze bij tegenspoed zelf een eind aan hun leven mochten maken en op welke manier. Ook Scott zelf, een opvliegerige criticaster, wordt met grote subtiliteit getekend. Het lukt Beryl Bainbridge wel om van poolreizigers mensen te maken en uit hun specifieke omstandigheden iets algemeens te destilleren.