Keizerlijk bezoek legitimeert bewind van communisten

PEKING, 23 OKT. De wekelijkse persconferentie van woordvoerder Wu Jianmin van het Chinese ministerie van buitenlandse zaken spande gisteren de kroon in nietszeggendheid. De vraag was: “Een Japanse woordvoerder heeft gezegd dat keizer Akihito - tijdens het eerste bezoek van een Japanse keizer aan China in de geschiedenis - geen verontschuldigingen over het oorlogsverleden van Japan zal aanbieden. Wat is uw commentaar?”

Hij antwoordde dat hij dat bericht had gezien, maar de tolk gaf een iets ruimere vertaling: “Wij hebben er nota van genomen”. Wu onderbrak de tolk meteen en herhaalde bits: “Wij hebben dat bericht gezien. Volgende vraag”. Luid gelach van de zaal. Het is duidelijk dat politiek Peking geen openbare discussie over dit uiterst delicate onderwerp wil en het de keizer en zijn hovelingen zo gemakkelijk mogelijk wil maken.

De Chinese regering is o zo blij met het bezoek. De laatst overgebleven keizer in de wereld en wel van een rijk, ontwikkeld buurland dat ere-lid van de westerse club is, verleent het in diskrediet geraakte, laatste belangrijke communistische regime in de wereld immers nieuwe legitimiteit. Bovendien heeft Japan een bemiddelende "gids-rol' gespeeld in het normaliseren van China's gehavende relaties met de westerse landen na de Tiananmen-tragedie in 1989 en zwijgt het in tegenstelling tot die westerse landen over de vertrapping van de mensenrechten in China.

Volgens het Chinese scenario moet het keizerlijke bezoek de weg banen voor andere westerse (koninklijke) staatsbezoeken en de hoop is dat koningin Beatrix de eerste zal zijn, omdat haar bezoek eind mei 1989 niet door kon gaan op het moment dat legereenheden hun stellingen betrokken om af te rekenen met de volhardende Plein-bezetters.

Het zijn de Chinezen die jaren geijverd hebben voor het bezoek. In 1978 bezocht Deng Xiaoping, net opperste heerser maar slechts met de titel van vice-premier (onder de scherts-premier Hua Guofeng) Japan voor de ondertekening van het vredesverdrag en nodigde toen al keizer Hirohito uit. De afgelopen jaren hebben alle top-Chinezen, premier Li Peng, president Yang Shangkun en partijleider Jiang Zemin, Japan bezocht en zij hebben alle drie de uitnodiging aan de keizer met toenemende aandrang herhaald. De niet zo gretige grootmeesters en opperkamerheren aan het Japanse Hof kregen zo de kans om de voorwaarden te dicteren, namelijk: geen demonstraties, geen excuses en geen herstelbetalingen voor de veertien jaar (1931-1945) durende Japanse agressie, eerst in Mandsjoerije en vanaf 1937 in heel China.

Behalve Hitler's gaskamers heeft die oorlog in barbaarsheid en verwoesting niet ondergedaan voor die van de nazi's. Toch zijn excuses, naar Duits model, voor de overgrote meerderheid van de Japanners niet aan de orde. Basis-argument is het Aziatische concept van de variabele waarheid en moraal. Volgens een Japanse diplomaat hebben de communisten hun land en volk veel erger geschaad ná de oorlog dan de Japanners tijdens. “Als China een meer geciviliseerde regering had, zou alles veel gemakkelijker zijn”.

Maar wat de Japanners vooral gedesensibiliseerd heeft is de nonchalante manier waarop wijlen voorzitter Mao Zedong de kwestie heeft gehanteerd. Toen premier Kakuei Tanaka in 1972 in het kielzog van president Richard Nixons "opening' van China naar Peking snelde om diplomatieke betrekkingen te vestigen, negeerden Mao en zijn premier Zhou Enlai de adviezen van hun diplomatieke juristen en zagen formeel af van aanspraken op herstelbetalingen. In de jaren zestig ging Mao nog een stap verder tegenover de eerste groep Japanse "vriendschaps-zakenlieden' die toen China bezocht. De zakenlieden brachten het thema verontschuldigingen ter sprake en Mao zei toen met achteloze boeren-genereusheid: “Verontschuldigingen? Waarvoor? Zonder jullie was ik niet aan de macht geweest.”

Mao's oude vijand Chiang Kai-shek, die hij zonder de Japanse agressie inderdaad niet had kunnen verslaan, stelde zich hetzelfde op tegenover Japan: geen herstelbetalingen in ruil voor Japanse steun aan zijn "herovering' van het vasteland. In die jaren was er nog helemaal geen publieke opinie in China, maar die is er nu, ondanks alle censuur en repressie wel.

Tong Zeng, een 36-jarige jurist heeft een particulier "Burgerlijk Comite voor Herstelbetalingen' opgericht, dat minimaal 180 miljard dollar eist. Tong heeft 300.000 handtekeningen verzameld, onder andere van vrouwen die door het Japanse leger tot seksuele slavernij gedwongen werden. Hij zegt dat het een zaak van de regering is dat zij in ruil voor investeringen, miljarden aan zachte yen-kredieten en grootschalige corrupte geschenken haar aanspraken op herstelbetalingen heeft verbeurd, maar dat burgers hun claims nooit hebben prijsgegeven en die in toenemende mate kracht zullen bijzetten.

Tong's voorbeeld is door kleine groepen Chinezen gevolgd, die ook actie-comites hebben opgezet, bij de Japanse ambassade petities hebben ingediend en zelfs demonstraties hebben georganiseerd. De autoriteiten staan zeer ambivalent tegenover deze activiteiten. Enerzijds kunnen zij, in een zaak van nationale eer en principes als deze niet hun toevlucht tot repressie nemen, maar zij zijn anderzijds bang dat dit soort organisaties gemakkelijk ook voor andere doeleinden campagne kunnen gaan voeren. De Chinese veiligheidsdiensten zijn dan ook in een toestand van verhoogde waakzaamheid tegen demonstraties, die een schending van het akkoord met de oppassers van de keizer zouden zijn.

Chinezen van alle rangen en standen zijn diep geschokt over de ruggegraatloosheid van de anders zo bikkelharde communisten. Een 67-jarige professor aan de Universiteit van Peking zei: “Als een westers land iets tegen de zin van China doet, bijvoorbeeld een wapenleverantie aan Taiwan, roepen ze dat de nationale gevoelens van 1,2 miljard Chinezen gekrenkt zijn. Nooit zijn onze gevoelens zo diep gekrenkt als door deze principeloze uitverkoop aan Japan, dat nu een economische invasie van ons land onderneemt, die paradoxaal genoeg de levensduur van het communisme nog een aantal jaren zal verlengen.”

    • Willem van Kemenade