Heksen

Hanna Kraan: De boze heks is weer bezig! Met tekeningen van Annemarie van Haeringen. Uitg. Lemniscaat. ƒ 22,50. Vanaf ca. 6 jaar.

Peter van Gestel: Masja, de verhalen van Katja. Met tekeningen van Peter van Straaten. Uitg. Fontein. ƒ 27,50. Vanaf 10 jaar.

Valt er in Sesamstraat wat te bakkeleien, dan mag Meneer Aart komen opdraven. Meneer Aart, steevast gehuld in een bruin pak van dubieuze kwaliteit en gewapend met een knullig aktentasje, onderscheidt zich van zijn mede-Sesamstraatbewoners door zijn korzelig optreden. Tussen het gemopper door krijgt hij de gelegenheid diverse andere trekjes (nieuwsgierigheid, hebberigheid) te etaleren, en en enkele keer raakt hij zelfs in een lyrische stemming, zodat hij - ondanks alles - het publiek voor zich inneemt. Het idee achter deze creatie, zo onthulde Sesamstraat-regisseur en Meneer Aart-vertolker Aart Staartjes eens, is dat kinderen kunnen zien dat mensen veel ingewikkelder in elkaar zitten dan je zou denken. Meneer Aart mag dan vaak vervelend en knorrig zijn, hij heeft wel degelijk zijn aardige kanten.

In deze strijd tegen het zwart-wit-denken levert ook schrijfster Hanna Kraan een bescheiden aandeel. Twee jaar geleden debuteerde zij met Verhalen van de boze heks, over een boze heks die weliswaar een hoop streekjes heeft maar die als het erop aan komt toch niet de beroerdste blijkt te zijn. Inmiddels is de tweede bundel boze-heksverhalen verschenen, en de titel, De boze heks is weer bezig!, dekt precies de lading: het boek ligt in alle opzichten in het verlengde van het eerste deel.

In De boze heks is weer bezig! bundelde Hanna Kraan veertien verhalen over de boze heks en de dieren in het bos, die haar kunnen missen als kiespijn. Maar toch ook weer niet, want zonder haar zou het in het bos maar een saaie bedoening wezen, moeten de dieren toegeven. En dus vergeven ze haar haar slechte humeur en de talloze dreigementen die ze hen naar het hoofd slingert. Wie niet uitkijkt loopt de kans in een stekelbaarsje te worden veranderd, of in een fruitvliegje. Of, als het heel erg tegen zit, in een stinkzwam. Maar als de boze heks wat milder gestemd is bakt ze verrukkelijke koekjes ("Bakken is eigenlijk ook een soort toveren'), onthaalt ze de eigenwijze egel en de beschouwelijke uil hartelijk ("Willen jullie bramesap? Dan tover ik er een taart bij') of is ze hevig aangedaan door treurige liedjes ("Hoe droeviger, hoe beter').

Wat sfeer en opbouw betreft verschillen de verhalen in De boze heks is weer bezig! weinig van elkaar. Er wordt getoverd, gespeeld, geplaagd en lekker gegeten. De heks fungeert als tijdelijke stoorzender in het vredige bos, maar als ze is uitgeraasd en -getoverd is er weer toenadering tussen haar en de dieren. Knusheid is troef in deze verhalen, maar zonder dat ze klef of oubollig worden. Daarvoor zijn ze te aardig en bovendien te goed geschreven: in korte, zorgvuldige zinnen en zonder ophef. De boze heks is weer bezig! is een boek om af en toe uit voor te lezen: voor wie de verhalen achter elkaar leest worden ze al gauw voorspelbaar.

Dat kan niet gezegd worden van de verhalen die Peter van Gestel aan elkaar smeedde in Masja, de verhalen van Katja. Deze schrijver van gerenommeerde puberboeken (waaronder Boze Soe en de twee Ko Kruier-bundels) liet in zijn voorlaatste boek De kater met één oor - en andere wonderlijke verhalen al een zekere voorkeur voor zonderlinge oudjes doorschemeren en in Masja voert hij zelfs twee bejaarde maar verder nogal onbestemde hoofdpersonen op: het ouwe wijfie Katja en haar huisbaas Kors, die haar maar wat graag uit haar huis wil zetten. Het boek bestaat voor een groot deel uit de verhalen die Katja aan Kors vertelt in de hoop hem op andere gedachten te brengen. Die merkwaardige verhalen, die zich in een niet nader aangeduid verleden lijken af te spelen, voltrekken zich steeds rond een zekere Masja. Hoewel hij het niet met zoveel woorden zegt, suggereert Van Gestel in deze raamvertelling dat Masja en Katja een en dezelfde persoon zijn, maar verder is er nauwelijks onderlinge samenhang. In de Masja-verhalen schetst hij een paar mooie portretten, zoals dat van oom Frederik, die liever malle verkleedspelletjes speelt met zijn nichtje dan dat hij brave foto's van haar maakt, maar zodra Masja's moeder terugkomt weer de keurige oom uithangt: "En je hebt niet gek gedaan? vroeg ze aan oom Frederik. Tuurlijk niet, zei oom Frederik, daar ben ik toch veel te oud voor.' Zonder het krampachtige kader zouden dit soort verhalen veel beter tot hun recht komen: als geheel is Masja, de verhalen van Katja niet geslaagd. Jammer, want Van Gestel kan schrijven. Kamillethee kwalificeren als "soep van ouwe muizen' - je moet er maar op komen.

    • Carolien Zilverberg