Politieke steun voor uitstel van gaswinning Waddenzee

ROTTERDAM, 22 OKT. De Landelijke Vereniging tot behoud van de Waddenzee heeft bij de regeringspartijen steun gevonden voor haar pleidooi om het moratorium op aardgaswinning in het gebied te verlengen. Dat moratorium is gebaseerd op een vrijwillige afspraak tussen regering en oliemaatschappijen om tot februari 1994 geen nieuwe boringen op de Waddenzee te verrichten.

Gisteren heeft de Waddenvereniging 60.014 protestkaarten tegen gasboringen op de Waddenzee aangeboden aan de Tweede Kamer, als resultaat van de campagne Tegen gas uit de Waddenzee! Daarbij liet de PvdA weten voorstander te zijn van verlenging van het moratorium, vooral wegens de verwachte bodemdaling. Ook het CDA is voor verlenging, maar wil voor een definitieve stellingname eerst beschikken over meer informatie over de natuur- en milieubezwaren. Ook over de juridische implicaties van een voortgezet moratorium wil het CDA meer gegevens. Twee oliemaatschappijen beschikken namelijk over concessies voor het Waddengebied en zij hebben de regering gevraagd zo snel mogelijk van hun rechten gebruik te mogen maken.

Belangrijkste argument in het verzet van de Waddenvereniging is, naast het ongerept laten van de Waddenzee, dat het extra aardgas onder het gebied niet nodig is voor de nationale energievoorziening. Veertig procent van het gas dat Nederland nu produceert, wordt aan het buitenland verkocht. Voor de binnenlandse gasvoorziening heeft Nederland nog een voorraad voor zeker 35 jaar, een periode die de Gasunie rijkelijk lang acht. Meer export sluit de Gasunie dan ook niet uit. Volgens de Waddenvereniging “lijkt de druk die de oliemaatschappijen nu uitoefenen dan ook ingegeven door de wens om binnen afzienbare tijd de export nog verder te verhogen”.

Ook acht de Waddenvereniging de geraamde hoeveelheid gas die zich onder het gebied zou bevinden “bescheiden van omvang”. Het gaat om 3 tot 6 procent van de reserves en nog verwachte reserves (futures) samen, ofwel 66 tot 127,5 miljard kubieke meter. Afgezet tegen de 200 miljard kubieke meter die de Gasunie vorig jaar aan nieuwe exportcontracten afsloot, gaat het volgens de vereniging om een relatief klein deel. “Het zal aan toekomstige generaties niet uit te leggen zijn dat we het grootste natte natuurgebied van West-Europa hebben opgeofferd aan de olie-industrie, laat staan dat we dat hebben gedaan voor de winst van de verkoop van gas aan het buitenland”, aldus de Waddenvereniging.

De oliemaatschappijen menen dat daarvan geen sprake is. Omdat de winning voor het grootste deel vanaf het vasteland kan plaatshebben zal er niet of nauwelijks sprake zal zijn van aantasting van de natuur. Bovendien bewijst de gaswinning op Ameland volgens de Nederlandse Aardolie Maatschappij dat de bodem slechts in zeer geringe mate en gelijkmatig daalt, zonder dat dit enig aanwijsbaar gevolg voor de natuur heeft, want de stroming in de Waddenzee zorgt voor aanvoer van zand naar diepere gedeelten.

De maatschappijen rekenen heel anders dan de Waddenvereniging: ze wijzen op het belang van de hogere verkopen voor Nederland en zeggen dat zeker een derde van de nog te ontdekken reserves in kleine velden zich onder de Waddenzee moet bevinden. Het kan ook veel meer zijn. De bodemschat onder de Waddenzee en op andere lokaties op Nederlands gebied achten de olieconcerns ook van belang omdat ze op grond van geologisch en seismisch onderzoek elders geen echt grote velden meer verwachten te vinden.